belasting…

Tja het regeerakkoord….( de hoogste schijf) belasting verlagen en b.t.w.  ( belasting toegevoegde waarde)  verhogen, naar mijn idee pakt dat slecht uit voor de laagste inkomens . Maar daar zal Rutte  wel om uit  lachen, want lachen kán hij!
Ministers zijn altijd vindingrijk als het gaat om de burger  “een poot uit te draaien” , niets nieuws onder de zon hoor.

Neem nou de “raambelasting”, die in  1800 ook  in Nederland voorkwam. Als een soort onroerend goed belasting  werd men aangeslagen voor het aantal ramen dat het huis had.
Hoe meer je voor het raam wilde kunnen zitten hoe duurder dat werd.
Dubbel pech voor de dames van lichte zeden die uiteraard niet zonder raam kunnen om hun uitbundige vormen te etaleren teneinde haar cliënten (daar heb je ze weer) vergelijkingsmogelijkheden te bieden.

Menigeen liet in die tijd één of meerdere ramen dichtmetselen om de fiscus een loer te draaien en dat zie je , vooral in  grote  oude panden, nog vaak terug.


Toevallig zag ik van de week op de Beeklaan in Den Haag ook dicht gemetselde ramen. We hebben er jaren gewoond en dat is me gek genoeg nooit opgevallen, de huizen zijn ook misschien niet oud genoeg om  met  raambelasting te maken gehad te hebben.
Maar zo ziet zo’n dichtgemetseld raam er dus uit.


Het huis waar onze kinderen opgroeiden had twee voordeuren en acht ramen aan de voorkant,  maar goed dat er toen geen belasting over geheven werd want dan hadden we diep in de buidel moet  tasten. Aan de achterkant waren ook nog twee deuren, en zes ramen plus 2 dakkapellen, Rutte zou er hebberig van worden dus laten we hem vooral niet wijzer maken.
Voor je het weet omarmt hij het idee en ligt er een aanslag op je deurmat.
Klik op nota  als je er meer over wilt lezen, je weet het maar nooit met zo’n nieuw kabinet.

Advertenties

beetje lege dop….

Soms kom je iets tegen dat op het eerste gezicht “het ei van Columbus” lijkt.
Zoiets is  deze link.  Wie wil er nou niet dat dementerende mensen hun eigen leven kunnen leiden in een mooie omgeving.
Natuurlijk had het mijn interesse, met een dementerende echtgenoot kun je niet genoeg weten over de mogelijkheden.

Het project is een soort dorpje waar dementerende ouderen vrij rond kunnen wandelen. O wacht, zelf zeggen zij dit;
“Hogeweyk biedt haar dementerende bewoners maximale privacy en zelfstandigheid. In de wijk zijn straten, pleinen, hofjes en een parkje waar de bewoners in vrijheid veilig kunnen wandelen. “

Verder lees ik dat 152 dementerende kunnen wonen in 23 wooneenheden……. eh…?
23 wooneenheden…. 152 patiénten? Hoe rijm ik dat met maximale privacy. Verder lezend ; “In de woningen van De Hogeweyk wonen zes tot acht mensen met dezelfde leefstijl bij elkaar”
er staat ook;” In iedere woning wordt een volledig zelfstandige huishouding gevoerd door een vast team medewerkers. ” !

Naar mijn idee toch echt oude melk in nieuwe zakken, waarbij ik volmondig toegeef dat het complex er prachtig uitziet, dat gun je iedere oudere! Maar evengoed hebben ze daar slechts een slaapkamer en verblijft men de rest van de dag gezamenlijk in de leefruimte waar  “een team vaste medewerkers” een volledig zelfstandige huishouding voert. Het team dus, niet de dementeren mensen zijn zelfstandig bezig en ik verwacht ook niet anders omdat ik van de hoed en de rand weet.

Natuurlijk is het mooi dat men rekening houdt met een aantal zaken die de patiënt gewend was maar ik lees nergens iets over hoevéél medewerkers er dan wel zijn want geloof me, een dementiepatiënt heeft erg véél begeleiding nodig om hem/haar  de indruk te kunnen geven dat hij /zij zelfstandig functioneert.

Prachtig dat ze onbelemmerd overal mogen komen, ook buiten, maar kúnnen ze dat ook? Vinden ze de weg terug naar “huis” die in wezen dezelfde huiskamer is uit alle andere zorghuizen. Ze mogen zelfstandig  boodschappen  doen in de aanwezige supermarkt, maar kúnnen ze dat ook?

Henk gaat nog alleen naar de bakker, maar  heeft altijd een briefje in z’n zak en loopt te repeteren dat hij een halfje volkoren moet hebben. Dat lukt nog omdat we al jaren bij diezelfde bakker komen voor een zelfde halfje volkoren. In een nieuwe omgeving zou hij dat zéker niet meer kunnen.
Ontbijt klaarmaken lukt hem nog  omdat ik mee help en geruisloos  dingen in de buurt leg. De hersenen van iemand met dementie werken nou eenmaal anders en onberekenbaar.

Als Henk  de zak verse spinazie om te wassen  op het aanrecht uitstort i.p.v in de volgelopen wasbak, is dat niet gevaarlijk, maar het kookt verrekte lastig.
Hij kan vaak iets “niet  vinden” ondanks dat ik er naar wijs. Zelfs niet als het gewoon op de juiste plaats ligt, wat lang niet altijd het geval is omdat hij soms  dingen verkeert opruimt.
Meestal kan ik er beter heen lopen, om te zien “of ik me niet vergist heb”   en het voor hem pakken.
Begrijp me goed, alles dat gedaan wordt om de leefomstandigheden van dementeren prettiger te maken is winst. Maar stop met die onzin dat men een eigen, zelfstandig leven in de aanbieding heeft.
Hét kenmerk van dementie is nou eenmaal dat men niét meer zelfstandig kan functioneren.

de makkelijkste weg

Inderdaad, ik kies vandaag voor makkelijk, hard gewerkt en m’n handen willen niet erg.
Ik neem je mee naar eind 2007 (toch alweer 10 jaar geleden)  toen we een sportschool bevlieging hadden die stiekem toch nog een paar jaar duurde………………
=====================================================

dec.2007

Je wilt het niet geloven maar we gaan nog steeds regelmatig naar de sportschool!
Toegegeven, het lukt niet altijd om 2 x in de week te gaan, dus 1 x voor de 55+ aerobic les én 1x een uurtje in “de zaal” sporten, maar meestal lukt zelfs dat.

We hebben ondertussen voor op de apparaten een nieuw schema, het eerste was wel érg minimaal en  was in 3 kwartier afgewerkt zonder dat we er dood bij neer vielen.
Het nieuwe schema bevat wat meer apparaten en duurt dus alles bij elkaar ruim een uur en ook daarna liggen we niet op “apegapen”.
Hoewel … de éerste keer dat we het nieuwe schema draaiden zie ik Henk op de loopband na een kwartier ineens met uitpuilende ogen steeds harder doorstappen.
Ik meteen op zoek naar spullen om hem zo nodig te kunnen reanimeren natuurlijk, dat zal toch wel aanwezig zijn in een sportschool?
Mijn blik volgt voor alle zekerheid even de richting van zijn starre ogen in de richting waarin hij kijkt en dát maakt veel duidelijk …..

Henk mag dan 71 zijn, hij weet nog donders goed wat mooi is, en het meisje dat vlak vóór hem op zo’n soort hardloopstep haar benen afwisselend omhoog en omlaag laat gaan is mooi met  haar wapperende lange haren die niet klef in haar gezicht plakken zoals dat bij mij altijd wél gebeurt.
Mensen willen over het algemeen overal “lekker veel” van en hoewel Henk op dat gebied dus meer op zou moeten hebben met mijn “iets royalere afmetingen”, is zo’n meisje met nergens “een onsje teveel ” blijkbaar toch meer een blikvanger dan mijn Rubensachtige vormen.

Enfin, de reanimatie kan afgeblazen worden en ik moet toegeven, zijn “uitzicht ” is spectaculair.
Het meisje  draagt   een tricot “iets ” dat iedere lijn van  haar lichaam volgt en ook duidelijk laat zien dat het “vrouwelijk zit onderdeel ” uit 2 helften bestaat.
Ook het spannende topje dat ze er boven draagt laat zien dat liposuctie in ieder geval niet voor haar is uitgevonden terwijl ze nérgens “onderontwikkelde spieren ” heeft, je vraagt je af ……. wat doet het  kind in hemelsnaam in een sportschool!

Bij mij moeten ze er maar een beetje naar raden , ik draag gewoon een trainingsbroek (ssst , mannenmaatje M) die niet al te strak om het “zitgedeelte” spant en een ruime T-shirt , want eh….. “oud vlees moet je niet uit de verpakking halen en al helemáál niet etaleren” vind ik !

* plaatjes van het internet

vals beeld

Als ik hier schrijf dat ik graag de buurvrouw’s poesje zou willen  maar de kans niet krijg veroorzaak  ik waarschijnlijk een vals beeld. Het is wél de waarheid.
De buurvrouw heeft nog niet héél lang geleden een jong poesje  gevonden dat erg ziek was.
Nou is buufje toevallig dierenarts dus ze heeft het diertje opgelapt. Toen niemand het op kwam eisen  werd poes als nieuwe huisgenoot van alle gemakken voorzien.

Het enige probleem is dat buufje met enige regelmaat een weekend, of een weekje de benen neemt en tja, zo’n beestje moet toch eten en dán kom ik dus goed van pas. Geen probleem hoor, ik stap 2x per dag even een deurtje verder  en vul de  bakjes met eten en drinken. Ik hoef zelfs niet voor een kattenbak  te zorgen want, één een buiten kat,altijd een buiten kat en poes doet alles in de tuin.

Daarom  liet buufje een kattenluik in de openslaande tuindeuren zetten, hoe bedoel je dierenliefje, die deuren mét pui waren er net na een peperdure verbouwing in gezet.
Deze foto is een toevalstreffer want poes laat zich normaal gesproken niet zien als ik er ben en toen ze me eenmaal binnen ontdekte   blies ze me ook toe: “wat doe jij hier” en verdween met een sneltreinvaart naar boven.

Tja, ik wil best wel even met kroelen maar daar heeft poes blijkbaar geen behoefte aan, maar de bakjes zijn 2x per dag  leeg dus ga ik er van uit dat het goed gaat met de voormalige patiënt.

Eén keer zag ik haar boven aan de trap zitten, hoopvol naar beneden kijkend  of nou eindelijk haar eigen vrouwtje er weer was.
Maar nee, ik was het maar en teleurgesteld trok poes zich terug zonde mij één blik waardig te keuren.
Ze straalt iets uit van ; “oke, dat eten en drinken mag je neer zetten , als je maar niet denkt dat we vrienden kunnen worden”!
Het zij zo, maar we hebben nog een week samen te gaan, ik ben benieuwd!

een échte …

Mwah…. niks niet knuffel hé die slak uit het vorige logje, ik heb ook beetje op de ziel getrapt van een écht knuffelbeestje dat sinds kort het gezin van onze oudste kleindochter completeert ….
Kijk dit is Bailey., nou als dát geen knuffel is weet ik het ook niet meer.


Is dat aaibaar of is dat aaibaar? En het lijkt nog heel wat door die krulletjes maar, slechts 8 weken oud, is het meer haar dan hond.
Was natuurlijk héél even wennen zo zonder z’n moeder maar hij leert snel en  die kindjes zijn hartstikke leuk om mee te spelen.


Gelukkig zijn er in het park dicht bij z’n nieuwe thuis ook veel hondenvriendjes, alleen zijn ze allmaal véél groter…… best wel héél groot vond ik deze eerlijk gezegd….. maar ja, kleindochter Jennifer is beslist, Bailey moet het leren.


Waar natuurlijk,  maar áls zo’n grote hond niet goed in z’n vel zit (lees niet goed opgevoed is)  maakt hij van dit droppie in een paar seconde een broodje tartaar. Gelukkig is er een verstandig baasje bij die ook een oogje op z’n hond houdt en  de lobbes is  goed gesocialiseerd.  Als een verstandige pup betaamd gaat Bailey “op de rug”.  PPPfffftttt, angstig hoor dat socialiseren van z’n knuffeltje.


Nee  ik zal  waarschijnlijk géén oppas teefje  hoeven zijn, daar zijn  liefhebbers  genoeg voor die er allemaal dicht in de buurt wonen, maar natuurlijk wandelen we soms wel mee om te zien  dat hij al “takken” leert sjouwen!


Op de dijk ziet hij iets dat even bestudeerd moet worden….. ze hebben óók vier pootjes maar wat zijn het nou…..!



Ja koeien zijn een maatje te groot , gelukkig zit er een slootje tussen maar spannend lijkt het wél!.


Hij mocht zelfs al mee naar een mega grote zandbak en gedroeg zich daar keurig. Gaat ábsoluut een modelhond worden wat ik je brom! En zóveel leuker dan een slak!


Alleen moet hij nog wél even boven het gras uit groeien, óf het gras moet korter gemaaid worden, dat kan ook natuurlijk.

als de nood…

Heb ik vast wel eens verteld hé, dat dochterlief in een “lekkernijenwinkel” werkt. De winkel is niet groot genoeg voor heel veel personeel en dus staat ze daar vaak de hele dag alleen.
Op zich geen probleem maar voor sommige, toch wel belangrijke. dingen is dat lastig.
Lunchen bijvoorbeeld, daar kun je in zo’n geval meestal niet even de tijd voor nemen, een binnenstappende klant moet gewoon geholpen worden  en voor de gezelligheid een hapje mee laten eten is ook geen goed plan.

En ja, ik zie dat je zelf ook al iets bedacht hebt , inderdaad, een sanitaire stop  moet ook tussen neus….eh, nou ja laat maar, altijd haastwerk als er even géén klanten in de winkel zijn.
Natuurlijk  kunnen we allemaal bedenken dat  iemand die een uur of  9 alleen staat op enig moment aan een sanitaire stop toe is.
Maar vooral in een winkel waar je eetbare spullen koopt wil je dat niet mérken, zelfs al weet je dat de handen uiteraard méér dan  zorgvuldig gewassen worden.
Net zoiets als seks van je ouders, je weet van het bestaan  maar je wilt er niéts over horen.

Nou bevindt het toilet zich achter de piepkleine “pantry” die tevens een tevens opslag ruimte is.
Dochterlief komt dus áltijd met iets dat ze uit de opslagruimte heeft gehaald de winkel in, ongeacht waarvoor ze “achter was”, precies,  om een eventueel binnengekomen klant niet op een idee te brengen. Het toilet is niet voor de klanten, al wordt voor kleine kinderen natuurlijk een uitzondering gemaakt. Die hebben soms zúlke hoge nood.

Zo stapte er kortgeleden  een klein jochie, type Levi ( maar wat jonger)  met hoge nood én z’n moeder, de notenwinkel binnen. Moeder en kind mochten  naar achteren terwijl onze verkoopster vast een andere klant ging helpen.
Na enige tijd kwam het jochie stralend de winkel in om met een duidelijk, helder stemmetje  “ik heb gepoept”, door de winkel te knallen, daar gáát de beschaafde aanpak moet dochterlief even gedacht hebben, maar ach, ze is zelf oma en vond het eigenlijk meer vertederend.
Toch niet niks voor zo’n kleintje dat nog niet zolang zindelijk is!

Voel je ‘m aankomen…… nu ik het tóch over schattige kindertjes heb….. voor de liefhebbers Amber en Levi

dansje?

Geef maar toe, jij was het  die eindelijk  de  choreografie  in elkaar hebt geknutseld voor  een perfecte regendans. Er werden zelfs zware geluids-  en lichteffecten toegevoegd om de voorstelling nog aantrekkelijker te maken….. al zal niet iedereen dat met me eens zijn.

Ik was toevallig bij Inge in haar noten winkeltje toen ik  nattigheid voelde, gelukkig niet letterlijk omdat we natuurlijk  in de winkel bleven wachten, hier was zeker géén sprake van “even een buitje voor het stof”.
Dat zou daar ook niet nodig zijn want de winkel is  spic en span, nergens een stofje te bekennen maar dit terzijde.

Ik herinner me zo’n bui van toen ik  als zevenjarige  net onderweg van school naar huis was. Van de codes geel, oranje en rood had nog niemand gehoord en in die tijd was ik dóódsbenauwd voor onweer. Thuis kroop ik weg in het donkerste hoekje om maar niets te hoeven horen en zien van het onweer.

Moederziel alleen liep ik die keer op straat toen de bui losbarstte en de donder en bliksem  me de stuipen op het lijf joegen. Ik zette het op een schreeuwen en gelukkig was er moederlijke vrouw die medelijden met me had. Ze deed de deur open, troostte me en liet me binnen de bui afwachten.
Voor onweer ben ik daarna nooit meer bang geweest. Dat wil niet zeggen dat ik niet kan schrikken van een harde donderslag, dát is wel te zien aan het eind van het in elkaar geknutselde filmpjes van Inge en mezelf.
Dondersnogantoe, wat een weer,  alsof de brandweer een demonstratie geeft.

Vorige Oudere items