richting Sint

Ja hoor, éindelijk komt er wat sfeer rond het Sinterklaasfeest op gang.
Bij Melody gaat het schoen zet spel van start, maakt ze altijd veel werk van en helpt inderdaad om in de sfeer te komen .
Behalve dat heeft de goedheilig man wel overal zijn intocht gehad, Vorige week in Rijswijk en tot mijn grote vreugde was de stoet ruim voorzien van zwarte Pieten . Er liepen twee zéér opvallende bij, in knal oranje gekleed met méga lange oranje wimpers, gewéldig. Ik gebruik dat soort wimpers ook te pas en onpas bij verkleed partijen.
Nee ik ga niet ( teveel) “zeuren” al is het triest dat er overduidelijk (veel) beveiliging aanwezig was. maar er viel me iets bijzonders op toen ik de foto’s terug keek, de beveiliger die op de grote truck naast een zwarte Piet zit is (om het woke te zeggen) een man van kleur.

Hoewel het me opgevallen was dát er beveiliging naast die Piet zat (en er juist dáárom een foto van maakte) , is dat kleurtje toén helemaal niet tot me doorgedrongen. De beveiliger zat daar gewoon “als zichzelf”, ik zag “een beveiliger” en zeker géén zwarte Piet in die man.
Gelukkig was de sfeer geweldig en konden we toch nog wel bij de Pieten komen om ze te complimenteren. En ja hoor, ik kreeg ook een handje pepernoten al had ik kind noch kraai bij me.
Dat Sinterklaas bij de viskraam op de markt gedumpt werd heb ik niet zien gebeuren. Ach, de goedheiligman heeft natuurlijk bákken geld nodig dezer dagen en kluste nog snel even wat bij denk ik.

We vieren het dit jaar weer eens met het dobbelspel, na 3 jaar surprises is de inspiratie even op. Toch komt er één surprise voor iedereen samen. Amber, bijna 8 jaar, kent ondertussen ook het Geheim van Sinterklaas en dus maken Inge en ik mét de kleintjes een surprise om ze ook daarin een beetje de lol van het feestje mee te laten maken. Ze vinden het gewéldig om het feest nu vanuit “de ingewijde kant” te mogen meemaken. Néé, daar vertel ik natuurlijk nog niets over, je weet nooit wie er meeleest.
Zondag mogen ze voortborduren op het beginnetje dat Inge en ik al voor ze gemaakt hebben….. leuk hoor….. ik voel de dichtader al kloppen…..

Advertentie

chocolaatje toe

We blijven nog even in Antwerpen hoor, sorry, ik ben nou eenmaal nogal “mededeelzaam” .

Zelfs in het kleine stukje Antwerpen dat ik zag was wel duidelijk dat veel van de oude bebouwing, net als in Parijs, vooral groot en sierlijk is. Hoewel op de foto niet zo duidelijk was het moderne gebouw van 6 verdiepingen hoog niét zo hoog als het oude gebouw ernaast maar het léék veel hoger en massiever. Gevalletje verkeerd perspectief, ach ik ben ook geen fotograaf, dat is wel duidelijk.

Een gezellige bistro was snel gevonden, net niet heel druk en nog persoonlijk naar een tafeltje gebracht worden en vooral…… niet opgejaagd worden om te blijven consumeren. In Nederland (althans in de drukke randstad) vraagt de bediening vaak al vóór je glas leeg is “of alles naar wens is” en “kan ik nog iets voor U doen”. En dat op een toontje “aso, als we niets meer aan je kunnen verdienen houd dan die tafel niet bezet. “
Nee hoor, ze lieten ons ongemoeid “lekker bijkletsen”, we hadden tenslotte een uur in te halen. Zonder toetje verlieten we de bistro, op zoek naar de chocolade waar België zo bekend om staat.

Gek genoeg konden we ook dát vinden in het Paleis. In het vierkante paleiscomplex is één van de hoeken in gebruik door de chocolaterie van ” Persoone”.
In Nederland zeggen we wel eens “ik kan er geen chocola van maken” wanneer we met iets geen raad weten.
Bij Persoone zeggen ze waarschijnlijk “ik kan het van chocola maken” want je kunt het zó gek niet bedenken of ze maken het van chocolade. Héél veel smaken bonbons in de luxe winkel waar ik alleen maar likkebaardend langs kan lopen, meenemen is immers niet handig.
Maar er staan ook allerlei grote stukken, wel degelijk van chocolade gemaakt maar met de de nodige toevoegingen om de stevigheid en houdbaarheid te waarborgen.
Zo’n meisje ziet eruit”om op te vreten” maar wegens het voorgaande is dat dus niet verstandig. We mogen een kijkje in “de keuken” nemen, daar worden nú natuurlijk geen kunstwerkjes gemaakt maar van alles in mallen gegoten.

Wat een vakmensen, maar ook wat een sfeer in het winkeltje! De koninklijke zaal maakt een chocolaatje drie keer zo begeerlijk…. daar moet ik een oplossing voor zoeken als we in het voorjaar terug gaan. Een koeltasje meenemen misschien? Maar voor nu….. dag Antwerpen, tot volgens jaar!


waar wás ze…..

Rietepietz had een héél zware dag…….

moest met de billen bloot en de naakte waarheid onder ogen zien…..

ze heeft gezweten als een bootwerker …

en ze voelde nattigheid……..!


Jan Steen….

Moest ik even aan denken van de week. Schilder Jan Steen was bekend om zijn rommelige, huiselijke tafereeltjes! Zou hij nog leven zou hij soms bij mij zijn hart op kunnen halen en met plezier z’n schilderskist hier midden in de kamer opengetrokken hebben.
Waaróm ik daaraan dacht kwam zó!

Ik kom met m’n boodschappen aan lopen in de straat en zie ter hoogte van mijn huisje een oudere dame om zich heen staan kijken. Dat komt een enkele keer voor waarna altijd de vraag klinkt; “komen hier wel eens huizen in de verkoop.? ”
Ik ben druk en heb daar geen zin in dus ik probeer oogcontact te mijden en loop het tuinpad op.
Helaas, de dame komt schoorvoetend wat dichterbij en vraagt of ze iets mag vragen (dat heeft ze dus al gedaan maar ja, dat zeg ik niet) ach, ik ben best sociaal en zeg dat het mag. Haar vraag ; “hoelang woont U hier” wordt gevolgd met een verklaring waarom ze dat interessant vindt.

Ze blijkt in “mijn huisje” geboren te zijn en dán heeft ze m’n aandacht natuurlijk. Ik had van oudere buren vroeger al begrepen dat er in het kleine arbeidershuisje vroeger een groot gezin woonde en dat blijkt te kloppen. De mevrouw is de jongste van de 7 kinderen!!!! Ze babbelt er lustig op los over hoe het was en ik voel wel aan dat ze graag even binnen zou willen kijken.
En dán denk ik aan Jan Steen, niet omdat het met 9 mensen in zo’n bescheiden huisje wel een zooitje geweest zal zijn, néé, ik denk aan hoe het er nú bij mij binnen uitziet.

Ik was heel veel weg en nu ik wél een paar dagen thuis ben heb ik een plakklusje van de drukkerij dat ook nogal wat rommel met zich meebrengt die
ik pas opruim als álles klaar is. Ook boven is de logeer/kantoor/strijkkamer meer een inloopkast die daar niet voor ingericht is, strijkgoed op de plank, kleding te drogen op een hangertje aan de deur enz.
Tja, ik zie de hoopvolle blik van de dame en wéét hoe leuk het is om de woning waarin je opgroeide terug te zien….!

Ik vraag de dame of ze van Jan Steen houdt … of te wel, ze mág wel even binnen kijken wanneer ze bestand is tegen rommel.
Mevrouw vindt dat je in huis moet kunnen zien dat er geleefd wordt en op dat punt kan ik haar gerust stellen, op dat moment leek het alsof er minstens drie mensen “leefden”.
……. Ze heeft de rommel geloof ik niet eens gezien, zij zag alleen maar m’n grote tafel die ze vroeger ook op die plek hadden staan. Boven ziet ze alleen maar de jongensslaapkamer in mijn strijk/logeerkamer, de meisjes kamer in mijn huidige badkamer en haar kinderledikantje in de ouderslaapkamer. Ze vertelt hoe het tóen allemaal was en is blij dat ik haar kan vertellen hoe gelukkig Henk en ik hier ruim 30 jaar samen gewoond hebben……,nummer 7 is ook het geluksgetal zegt ze, wij waren hier ook gelukkig!

de heer in….

……. het verkeer is vaak een dame! Ja hoor, die slogan haal ik ook wel eens aan. Het zal natuurlijk lang niet altijd waar zijn, niet menselijks is “de vrouw”immers vreemd. En ja hoor, ik erger me ook wel eens in het verkeer zonder dat ik wéét of de ergernis door een heer dan wel een dame veroorzaakt wordt.
Bijvoorbeeld vanmiddag toen ik via de afrit Rijswijk in wilde rijden. Een altijd (te) drukke invoeg met als extra handicap “de hoornbrug” die natuurlijk met enige regelmaat open staat. Ook vanmiddag zié ik de spoorbomen dicht gaan, en de brug open.

Het is druk en al die automobilisten vóór me hebben dat dus ook gezien en weten “dit gaat een paar minuten duren…… maar ik ben de énige die de moto afzet. Ook achter me zie ik alle lichtjes brandden. Oke, vroeger hébben wij wel eens een auto gehad waarvan we de motor liever niet uitzette in het verkeer, je wist maar nóóit of je ‘m weer aan de praat kreeg. Maar anno 2022?

Als we dan éindelijk de Haagweg op kunnen rijden is daar natuurlijk aan twee kanten druk, en ja hoor, dán houdt niemand meer rekening met het verkeer voor de afslag over de trambaan naar links, lekker allemaal aansluiten ook kan kun je allang zien dat je dat kruispunt niet meer over komt.
In de ochtend hield ik m’n Suus nog in om iemand er tussen te laten die na zo’n soort actie vanaf de kant waar ik op bijgaande foto sta dus de trambaan blokkeerde…. tja, dán voel me toch even “die dame”.

Nee natuurlijk ben ik niet ’s werelds allerbeste chauffeur maar ik doe m’n best. Ik zei het eerder, ik ben Henk héél dankbaar dat hij me altijd aangemoedigd heeft om te rijden terwijl hij zélf zo graag auto reed.
Hij was een echte allroundchauffeur, (dát zal ik nooit worden) en was eerlijk in zijn beoordeling van mijn rijvaardigheid waardoor ik m’n goede en mindere puntjes ken. En ja, hij vond dat ik goed rijdt. Mannen vinden dát vaak lastig om te zeggen.
Zo zei laatst een man die ik lift gaf ; ” Hij wil nog wél hé !” Een compliment voor m’n Suusje. Maar eh…. Suus doet natuurlijk helemaal niéts als niemand het gaspedaal indrukt….dus áls Suus zich op de snelweg niet slakkerig gedraagt, wie zorgt daar dan voor?

Ach Suus heeft haar imago natuurlijk een beetje tegen, klein stadsautootje, bejaarde vrouw achter het stuur!
Wat je niet ziet is dat we destijds een iets zwaardere motor voor Suus kozen. We reden weinig grote afstanden maar hebben wel veel te maken met de op en afritten van het Prins Clausplein doordat we veel in een bepaalde, drukke, driehoek op de snelweg komen. Dan is een 1.0 motor vaak net even te weinig om veilig in te kunnen voegen.
In dié zin klopt het dus wel, Suus heeft er bést zin, ze is niet “lui”, maar daar had en heeft ze wél mijn hulp bij nodig natuurlijk.

inhaalactie

In het voorjaar wandelden we in Clingendaal en werden toen teleurgesteld. De Japanse tuin was niét open, er zat een broedende Sperwer! Tja, mij lijkt het wat overdreven om daar de tuin voor af te sluiten voor publiek, het beest zal z’n nest niet op de grond maken immers.
Omdat de tuin in de herfst óók altijd een paar weken op is gingen we dus zondag in de herkansing. maar ja, het is wel herfst hé!

De Japanse tuin, die in het voorjaar bekend staat om zijn prachtige kleuren Azalia- en Rododendron soorten, is in de herfst nog steeds een mooi stukje natuur maar het is ánders.
Het rode bruggetjes springt er uit maar dan het je het wel gehad wat kleur betreft.
Zelfs van de prachtige mossen is eigenlijk weinig te zien, er ligt veel afgevallen blad op.
Het barst er van de “ontplofte” paddenstoelen die ik voor koeienvlaaien zou houden als ik niet wist dat er natuurlijk never nóóit koeien in de Japanse tuin zullen lopen.
Wat er ook nog wat kleur brengt is een fotoshoot.van een “echtpaar” met kind in kleding van “even terug”. Ja dat vind ik leuk natuurlijk.
Het kindje werkt niet erg mee, wil haar parasolletje niet vast houden en loopt steeds weer weg.Ze lijkt ook “de papa” niet te mogen.
Nou ja, het is vast wel goedgekomen maar daar bleven we niet op wachten.

Al met al wél een fijne wandeling maar de Japanse tuin in de herfst háált het niet bij de Japanse tuin in het voorjaar.
Volgens mij heeft men maatregelen genomen om de Sperwer niet aan te moedigen volgend voorjaar weer te komen broeden.
Er staat een ordinaire plastic kraai om met zijn geschreeuw de indringer weg te jagen, dat zal ‘m leren!

Eh…. Parijs?

Nou sla dit logje maar over wanneer je info over Parijs verwacht, daar kom ik écht nog niet aan toe hoor, er moet éérst nog met de Thalys gereisd worden. Mens wát een belevenis is dat alleen al wanneer je met met vier fijne meiden zo’n rit mag maken.
Doén hoor zo snelle treinreis, we hebben het gevoel dat we twee dagen weg waren.
Verzamelen op station Rotterdam als het nog maar nét een beetje licht is.

Iedereen heeft er zin in en een (rug) tas meegenomen waarin voorál eet en drinkbare spullen in zitten. Je begrijpt, op zo’n dag moet je 2,5 uur in de trein zitten voorál benutten om te eten en te drinken, we gaan in Parijs écht geen tijd verspillen met een restaurant in duiken.
We zijn totaal met vijf wat een beetje onhandige verdeling in de trein tot gevolg heeft maar dat belet het onderlinge contact geenszins. En we hebben natuurlijk allemaal een telefoon waarin Jennifer de info deelt met waar we ongeveer zijn en hoe hard de trein rijdt waar we trouwens geen fluit van merken.

Het is wel duidelijk hé, dikke pret en de tijd in de trein vliégt om met heel veel ongein . Hoewel de comfotabele stoelen qau beenruimte het niet slecht zouden doen in een vliegtuig zijn de toiletten in de Thalys echt een pluspunt, brandschoon (al hangt er een benauwd ontsmettingsluchtje) en er zijn er veel. De trein zelf is trouwens ook brand schoon.
Ook wij doen ons best om geen rommel achter te laten en ik werp me op als verzamelaar van koffie- en yoghurtbekertjes, bananenschillen en drinkverpakkingen enz en prop alles zo klein mogelijk in elkaar om het aan het eind van de rit makkelijk mee te kunnen nemen voor de afvalbakken buiten. Dat blijkt alleen niet nodig, aan het eind van de rit komt er een Thalys medewerker met een grote afvalzak alle rommel ophalen, klasse!

Later op de dag krijgen we nog te maken met de metro. De meiden weten welke stukken minder interessant zijn om te lopen en daarom doen we 2x een stukje metro, waar ik zelf trouwens voor eeuwig onder grond verdwenen zou zijn regelen de dames dat alsof ze er dagelijks mee reizen. In de vroege middag is het druk maar kunnen Inge en ik zelfs nog een zitplaatsje veroveren. Als we rond 5 uur terug richting station gaan is het een ander verhaal en hangen we als haringen in een ton. Mag de pret niet drukken natuurlijk al hadden de (voor alle zekerheid) meegebrachte mondkapjes hier goed dienst kunnen doen maar ja, kom er maar bij in je rugtas…….
Wordt vast nog vervolgd met echt Parijs………..hoewel… de metro is natuurlijk al echt Parijs!

een zeldzame…

Ze komen op héél veel sites voorbij op het moment….. “ja “t is herfst of niet hé, en dus reizen de paddenstoelen eh… zeg maar, “als paddenstoelen uit de grond”.
Is niet iédere soort al langsgekomen? Kan ik daar dan nog wel iets aan toevoegen?
Jawel hoor, ik kwam een kluitje paddenstoelen tegen op een net zo ongewone als onverwachte plaats.
In ieder geval een plaats waar het nooit regent wat voor paddenstoelen toch een eerste levensbehoefte lijkt te zijn.


Het zijn er meerdere en ze lijken op een ordinaire vliegenzwam, je kent ze wel.
Die waar ene kabouter Spillebeen het heen en weer wippen bedrijft.
Oke ik zwam niet verder, het was in een bus van het OV en het was een schattig blond meisje (hád natuurlijk ook een schattig donker meisje kunnen zijn zeurpieten onder ons maar ze wás nou eenmaal blond) dat een gehaakt piepklein hoofddoekje onder haar koptelefoon geklemd had.

Pas toen ze uitstapte zag ik dat ze er ook een bijpassende shawl bij om had.
Daar kon ik écht geen foto van maken, privacy weetjewel.
Het was al lastig genoeg om het hoofddoekje er een beetje ongemerkt op te krijgen.

Natuurlijk móest en zou ik die foto maken om in al het paddenstoelen geweld ook eens een bijzondere soort te kunnen presenteren.
Het leven van een blogger gaat nou eenmaal niet over rozen.

En het bijzondere van déze paddenstoelen is dat je ze de hele winter nog kunt tegen komen.
Alle anderen paddenstoelen is maar een kort leven beschoren.
Geen dank hoor, natuurlijk deel ik zo’n bijzondere soort graag.

plakken en vouwen

Het zóu kleuterschoolwerk kunnen zijn, of eh…. zien we hier een staaltje origami, je weet wel, dat secure Japanse vouwwerk met mooi gekleurd dun papier.

Alleen was dit geen dun vouwpapier maar (ik schat) 300 grams papier waarin op verschillende plaatsen gelukkig wel rillen gemaakt zijn op de te vouwen plaatsen. Ik moest werken weet je nog en ik kon het lekker thuis doen, dan kan ik het een beetje doceren want vooral dat harmonica vouwtje van de foto midden boven is in het smalste puntje, ondanks de rillen, toch een uitdaging.

Heel goed zonder spierpijn te doen voor 15 mapjes maar op de order zak staan er nog twee nullen achter die 15 bij de regel “aantal”.
Kijk en dán ga ik het pas leuk vinden en zit ik, eigenlijk nét als origami vouwers, urenlang ingespannen te vouwen en te plakken. Ja geplakt moet er ook worden want het is een soort portefeuille als het klaar is.
Natuurlijk ga ik niet teveel energie stoppen in alles zo plat mogelijk te vouwen, daar heb ik de kunst voor, ja echt. Dat je niet denk dat ik helemaal niet met kunst kan! Daarna past alles keurig strak in de doosjes.
Echt daar kan ik van genieten.

De loeizware 2-delige lexicon van beeldende kunstenaars is ooit ook in de drukkerij gedrukt en dan sta ik natuurlijk vooraan om beslag te leggen op een afgekeurd exemplaar. Hij beslaat de periode van 1750 tot 1950, dus néé, Toos Holstein staat er net niet in. Wél een Pieter Holstein in Enschede geboren in 1934 die in ongeveer dezelfde disciplines thuis was als Toos is.
Omdat de appel meestal niet ver van de boom valt zou dat dus bést familie van Toos kunnen zijn, misschien zelfs wel haar vader.

Ondertussen is de klus geklaard, het had gelukkig niet echt haast dus ik kon er de tijd voor nemen. Als dit maar +/- 200 vel zijn kun je zelf wel een voorstelling maken van hoe hoog een stapel van 1500 vel is.

en vérder..

……… Rotterdam in. Wat ik vooral in grote steden altijd belangrijk vind en ook graag wil zien is “is er ook nog wat groen te vinden.” En zo lopen we dus op advies van Dorothé naar de historische tuin Schoonoord.
Een heerlijke oase in een grote drukke stad.

Een flinke tuin die echt een bezoekje waard is en waar ik m’n best doe zoveel mogelijk van de pittige herfstlucht op te snuiven. Dorothé schreef er 2 jaar geleden een lezenswaardig uitgebreid blog dus link ik heel gemakzuchtig hier haar logje
Waarschijnlijk ben ik nog wat onder de indruk van de “blote man”in de stadhuis hal want want ik zie toch echt in deze boom een stel mannenbenen die eindigen in een strak mannenkontje…. of ligt dat echt aan mij en zie jij alleen maar een boom. Zal het m’n dirty mind wel weer zijn.

En dan pap ik nog aan met een andere man, de reus van Rotterdam. Het standbeeld is op ware grootte gemaakt, dus 2meter30 lang met schoenmaat 62. Ik kom tot ongeveer een hoofd boven zijn navel en zijn schoenen lijken door de regen kleine vijvertjes waar bloemetjes ingewaaid zijn. Mijn maatje 39 valt in het niet.

We zien héél veel murals in alle kleuren van de regenboog maar ook prachtige in zwart/wit al is er niet altijd goed bij te komen voor foto’s. Dat murals iets van deze tijd zijn is misschien toch niet helemaal waar. Bij een groot naoorlogs huizencomplex zie ik over de hele breedte bij ieder huis toch iets van cemente “kleurigheid” in een gemetseld kadertje.

We komen natuurlijk niet om het depot heen….. eh jawel daar komen we juist wél omheen want je kunt er helemaal omheenlopen. Je weet wel, die grote glimmende bol, een net even ander museum dan gebruikelijk.
Je kunt er o.a. iets meer zien van wat er allemaal komt kijken om kunstwerken op te slaan maar nog veel meer.
Het glimmende ronde gebouw is aan de buitenkant nooit hetzelfde, door de weerspiegeling zie je bij iedere stap die je verzet steeds iets anders maar vooral jezelf als je er dichtbij bent. Grappig.
Ook één van de dikke sluisachtige deuren die openstaat is nog net op de foto te zien.
Nee we zijn er niet naar binnen gegaan dat duurt natuurlijk veel te lang. Dat Rotterdam ook veel studenten herbergt is duidelijk te zien als we onze weg voortzetten een woonwijk in……….

Natuurlijk valt er nog zóveel meer te vertellen maar op dit moment ontbreekt me de tijd, ik werk me een slag in het rond. Dat moet dus maar weer wachten het is niet anders.

Vorige Oudere items