lekker stappen

En gestapt hébben we in Amsterdam, joh… ik ging de pijp uit…….! Klinkt erger dan het is want wanneer “de gids” ergens tijden de wandeling de oude volkswijk “de pijp” in slaat ga je natuurlijk op enig moment ook weer de pijp uit.
Het is een oude wijk die, zoals in meer grote steden, ondertussen is opgewaardeerd tot yuppenwijk en er best aardig uitziet.

Tja, foto’s….. sorry, ik heb er nauwelijks gemaakt en van wát ik maakte of van Leo kreeg weet ik niet meer waar ze gemaakt zijn.
Deze trapgeveltjes stonden op z’n minst in de buurt van de pijp als ik me goed herinner. Met een leuk souterrain waar je vooral niet moet zijn als het lang en hard regent. Wat me opviel is dat weinig echt héél kleine huisjes zijn, zelfs deze trapgevel huisje zijn groter dan mijn “arbeiderswoning”. (trouwens óók weinig echte hoogbouw)

Vrijwel overal hoge statige huizen, met bijna altijd een hijsbalk onder het dak Het wil niet zeggen dat iedereen vroeger riant woonde in zo’n groot huis, ze werden meestal per etage bewoond. Niet eens alleen langs de grachten prachtige oude huizen, soms viel m’n mond zóver open van bewondering dat m’n tong voor de cameralens viel je begrijpt, géén foto’s van. En vrijwel altijd wel érgens een koepeltje of een toren te zien, ja natuurlijk óók de toren van de veel bezongen “oude Wester”, de toren waar de échte Amsterdammer’s hart een slag van over slaat.

Dat koepeltje op de middelste foto is waarschijnlijk, (of niet dus) van de Basiliek van de Heilige Nicolaas.

We hadden toen al aardig wat uurtjes rondgezworven en voor een moment van bezinning lenen de banken van de prachtige basiliek zich prima.
(om even uit te rusten trouwens ook maar dat weet je niet van mij!) De koepel is prachtig maar wat nog meer mijn aandacht trok zijn de bijzondere zwarte pilaren.

Op m’n schoot ligt mijn vergissing van de dag. Precies een kort ongevoerd suède jasje dat ik bij vertrek van huis tegen beter weten in aan deed voor “je weet ’t niet”! Bij voorkeur neem ik zo min mogelijk mee op zo’n dag , jasjes, vesten, paraplu …… het wordt maar ál te makkelijk vergeten in de trein. Echt niet overdreven hoor, al op station HS kan ik onderstaande foto maken en dat is niet mijn jas.

Iemand niet alleen z’n jas, ook lege verpakkingen vergeten. Mijn jasje heb ik dan al uit gedaan, veel te warm en de rest van de dag sleep ik het op alle mogelijke manieren mee, verlies het twee keer maar sla ondanks dat het aanbod van Leo af om het in zijn rugtasje te stoppen. Dat ben ik aan het eind van de dag natuurlijk alláng vergeten en dan weer gedoe om het van Amsterdam naar Rijswijk te krijgen.

Vooral veel bekende straatnamen in Amsterdam, Amsterdam is immers vaak het decor voor films en TV series. Het politiebureau uit “Baantjer” herken ik, en Leo wijst regelmatig in de richting van een BNnerhuis in een dure buurt.
Heel even stijgt m’n koninklijke status me naar het hoofd, ….een filmploeg….. en later nog één! Ze blijken geen belangstelling voor me te hebben, maar natuurlijk, ik was incognito! Zucht….. en dan vergeet ik nog helemaal het Vondelpark. Goh, wat zeg ik toch weinig in zo’n lang stuk……..




     

tóch nog

In de agenda stond al een tijd een blogmeeting afspraak die om diverse redenen steeds weer niet door kon gaan. Ook 13/9 leek het weer niet te halen want…. stakingen bij de NS.
Maar jippie, de stakingen werden afgelast en zo stond ik dus dinsdagmorgen op het station.
Je zou bijna denken dat alle kunst van de laatste tijd me beïnvloed heeft bij deze foto en ja, ik heb een klein beetje opgelet dat het gebouw van het Mondriaan college onder het bord “hangt”, ik hád natuurlijk ook gewoon het perron er achter kunnen houden. Het wordt nog iets met me hé! Dat je niet denkt dat ik maar wat aan pruts.

De afspraak had ik met Leo, (aka “de meninggever”) en zijn lief die ik in de tijd van de grote blogmeetings (minstens 10 jaar geleden, zo niet meer) al eerder ontmoet heb.
Maar vandaag lukte het dus en sloot Leo me in z’n armen terwijl hij zijn hoed voor me afnam….eh…. O wacht ff, ik heb me geloof ik vergist.
De bedoeling is dat Leo en zijn Truus me alle hoeken van Amsterdam laten zien omdat ik altijd wat sceptisch over Amsterdam spreek. Logisch, ik ken eigenlijk alleen de paar toeristische straten rondom het station.
Zelfs van het station ken ik alleen de rechte weg van de trein naar de uitgang.
De mooi buitenkant ken ik natuurlijk wel maar dat er binnen óók prachtige onderdelen zijn wist ik niet. Ik word dan ook éérst meegenomen naar de enige plaats waar je volgens Leo de blog Queen waardig kunt ontvangen, de eerste klas wachtkamer die tegenwoordig een koffie kamer is, echt prachtig!

We zijn dan al door mooie gangen en trappenhuizen gekomen die ik er nooit vermoed had.
De koffie is er goed, en het is ook prima gelegenheid om even iets aan toiletbezoek te doen, dat is in de trein meestal geen aanrader.
Het is het begin van een dagje Amsterdam bekijken mét Amsterdammers wat een pluspunt is. Dié weten natuurlijk van de hoed en rand. (ook al het géén gele hoed is.)
Zo weet Leo dat het station door de Pierre Cuypers in ontworpen, een bekende architect die zowel in Amsterdam als elders in Nederland zijn sporen heeft achter gelaten.
En als ik ineens gefladder achter me hoor bij het koffie drinken weet hij ook wat het is, de “huis kaketoe-achtige papagaai” (kan ook een papagaai achtige kaketoe zijn) die zich amuseert op de rand van een schaal met ijsklontjes uit de schaal op de te grond gooien, prachtig spierwit beest! Hij hoort al héél lang bij de zaak en fladdert er altijd rond.
Het beest keurt me geen blik waardig als ik dichterbij kom om een klein stukje te filmen.

De rest van het verhaal moet maar even wachten, ik wil natuurlijk Leo niet alle gras voor de voeten weg maaien…….(lees ik zit een beetje krap in de tijd want de uitjes vreten tijd en er moet nog steeds wat vaker gewerkt worden dan ik gewend ben door een uitgevallen collega) Geeft niks, volgende meer…..!

.



       

toch nog Goes….

Als ik van te voren geweten had dat ik Goes zó op de lange baan geschoven had zou ik in de prachtige kerk die er staat metéén even in zo’n biechthokje gedoken zijn. Dan had ik meteen vergeving kunnen vragen dat ik het bij deze foto laat, ach iedereen kent ondertussen wel zo’n indrukwekkend midden schip van een kerk. Ik kies voor een stukje van één van de wanden, allemaal vol afbeeldingen in aarde kleuren, prachtig! En natuurlijk één van de “biechtstoelen” ( heet dat zo?) ik krijg bijna spijt dat ik niet Katholiek opgevoed ben, hoewel, ik ben natuurlijk véél te braaf om iets te biechten te hebben.

Waarschijnlijk is er gelekt dat “de Queen” incognitie op bezoek zou komen want er is uitbundig met bloemen versierd,..

…en de deuren van het stadhuis staan uitnodigend open. Dat het marktdag is maakt het alleen maar gezelliger maar ik moet natuurlijk even m’n neus op het stadhuis laten zien. Het is niet héél groot maar heeft een “queenwaardige” hal met alles erop en eraan, ja ook een bordesje. Hoewel incognito vind ik de , overigens keurige, broek toch niet geschikt en ik maak van mijn vest dan maar een sleepje om het geheel iets waardiger te maken terwijl ik de trappen bestijg. Wederom een gebouw waar ik hebberig van word, alleen dat trappenhuis en de gang al, wauw!

Maar ondertussen is het al laat in de middag en de magen knorren. We lopen uiteraard nog even langs het beeldschone kleine jachthaventje, helaas is er nérgens een restaurantje met zicht op de haven dat al open is, vanaf 6 uur pas maar dan wordt het ons te laat.
We benutten een paar onmogelijk smalle steegjes (de Vlielandse gloppen laten het dan nog breed hangen) om weer bij de markt te komen waar we horeca te over hadden gezien.
We willen niet te duur en vooral niet uitgebreid eten en kiezen voor een Italiaan. En wát een prima keuze was dat, aanradertje! Zeer vlotte en heel vriendelijke bediening. We bestellen ieder een spaghetti bolognese en iets te drinken en al snel wordt er een schaaltje met een zeer smakelijke salade, die we niet verwacht hadden, gebracht maar erbij bleek te horen.

Ook de spaghetti is heel smakelijk, vaak zijn dat soort maaltijden bremzout maar hier was het prima te doen voor mensen die gewend zijn om zonder toegevoegd zout te eten.
Zowel Inge als ik houden behoorlijk wat over (we zijn kleine eters en vergeten vaak een kleine portie te vragen) Of we de rest mee willen nemen?. Tja, we hebben eigenlijk geen zin om met eten te lopen sjouwen maar weggooien ?
De rekening blijft nog nét onder de € 30,– voor ons samen en dat was het méér dan waard.
In de trein eten we nog de meegebrachte yoghurt toetjes op en wordt bijna m’n spaghetti geplet als een “dame” zich “uit het niets” op de plaats naast me wil laten vallen…. nou ja, zeker een vuiltje in haar oog én een spraakgebrek waardoor ze niets kon vragen!
Ach, we hadden een geweldige dag, daar verandert zo’n minkukel niets meer aan hoor!

,

.

   

het móet maar

Sorry, sorry, sorry, we gaan nog naar niét naar Goes! Omdat ik even niet meer wist
“wat” ik “waar” gezien had verplaatste ik bijna eigenhandig de Abdij van Middelburg naar Goes.
Dat had me nogal een klusje geworden dus ik ben blij dat het niet hoeft, ik laat de Abdij waar hij hoort, in het midden van Middelburg.
Wel vaak over “de lange Jan” horen spreken (niet te verwarren met Jan Al) maar nooit enig idee wie of wat dat was..
Het blijkt één van de torens van de Abdij van Middelburg te zijn en potdorie wat is die Abdij een bezoekje méér dan waard.
Eh…. wat? nee we hebben de lange Jan niet beklommen maar die mogelijkheid is er wél.

Ja natuurlijk staat er een linkje voor wie het naadje van de kous wil weten want er is véél te vertellen over dit gebouw maar “mijn beleving” van het gebouw is natuurlijk véél interessanter…ahum!. Het is wel het meest verrassende oude gebouw dat ik ooit bezocht heb.
Je stapt oppervlakkig bezien gewoon een kerk in. Die lijkt niet eens heel groot maar blijkt uit meerdere ruimtes te bestaan. Met o.a. twee ruimtes die iedere weer twee van die grote kerkorgels hebben. Maar ook iets “gewonere” ruimtes die meer een congreszaal lijken dan een kerk.

In de grond de hobbels en bobbels van grafstenen die ik wel ken uit de Delftse kerken en zelfs een praalgraf als van Willem van Oranje zij het dan een flink maatje bescheidener.
Zó bescheiden dat zelfs ik het in z’n geheel op de foto kon krijgen, kijk dan wás je iemand wanneer je hier een plekje krijgt (ik ben natuurlijk vergeten wie er in ligt)
Maar door steeds weer andere deuren lopend wordt het minder kerk en meer abdij. De oude abdijgangen lopen om een sfeervol middenhof heen waar het een oase van rust is. Nou ja een relatieve rust want foto’s maken zonder mensen erop is een bijna onmogelijke opgaaf, maar toch, de hof maakt mensen stil.
Wat ik het meest bijzondere vond zijn de plafonds uit de kloostergangen. Wát een vakmanschap om al die duizenden steentjes in de boogjes van de plafonds te metselen.
Zouden we nog wel vakmensen hébben die dat kunnen, het beroep “bouwvakker” is zó ondergewaardeerd dat ervoor doorleren niet aantrekkelijk is.
Bovendien zijn nieuwe gebouwen nu meestal een combinatie van staal en glas waarvan de verwerking vást ook wel vaardigheden vereist, maar dat toch meestal grotendeels fabriekswerk is.
Al met al is deze Abdij best een logje waard, dan moet Goes gewoon even wachten!

gids van niks

Dan heb ik het over mezelf hoor, want voor zover we met een gids te maken hadden deed die prima z’n werk. We bezochten na Middelburg ook nog Goes en nu gooi ik dus alles door elkaar. Nou ja, als ik fouten maak wordt ik vást wel op het matje geroepen.

Inge en ik zijn ook al niet overdreven gezegend met coördinatievaardigheden en dan is het wel slim om hier en daar wat ijkpunten te onthouden. Tegenwoordig maak je daar dan een foto van.
Bij een grote tassenwinkel op een T spitsing ligt een dame in een tuinstoel te zonnen, kijk, daar heb je iets aan, zoiets zie je niet over het hoofd.
Van de rondvaart heb ik wel wat kunnen onthouden, de gids had humor en bracht het leuk dat we bij een aantal bruggen vooral het hoofd niet moesten verliezen.
Een totaal andere rondvaart dan die in Den Bosch maar toch een leuke manier om iets van de stad te zien én te horen.
Bijvoorbeeld dat er weinig huizen met trapgevels lang het water staan. In vroeger tijden werd er goed verdiend en sloopte men de “trapjes” om ze vervangen voor een rechte muur die nog maar een puntje dak liet zien. Dat had status!
Dat achter dat hoogste stuk muur niet overal nog kamer zat stoorde niemand, en desnoods werd er een loos raam in gezet om het toch een hele etage te laten lijken. Als je dat eenmaal weet zie je inderdaad overal vrijwel “loze” bovenverdiepingen.

Het stadhuis weet ik nog wel, daar kijk je niet naast hoor, het is GROOT. We zijn ruim op tijd voor een rondleiding maar als we horen dat het uurtje duurt zien we daar vanaf. Even rondkijken zou leuk zijn maar alle historische verhalen over het stadhuis zijn ook wel op internet te vinden. Dat er in het wat hogere deel links een beeld van Koningin Wilhelmina, met de latere Koningin Juliana op schoot, gemetseld is is vanaf beneden niet echt te herkennen. Op de site van het stadhuis staat wél een herkenbare foto. We kijken dus alleen even rond in de mooie ontvangsthal want alleen door het stadhuis struinen mag helaas niet.

Wat winkels betreft vind je álles dat je in iedere grote stad kunt vinden. Plus veel verleidelijke bakkertjes en een chocolade museum waar we niet met de museumjaarkaart in kunnen, we slaan het over. Eigenlijk meer uit tijdgebrek dan uit Zeeuwse “zunigheid” moet ik bekennen want we willen op de terugweg nog bij de stop “Goes “uitstappen.
Dat blijkt een prima plan want later in de middag ontdekken we dat Goes misschien nog wel léuker dan Middelburg is, knusser. Maar chips, alweer bijna 500 woorden, ach jullie kennen me, dagje uit is goed voor minstens drie logjes, het zij zo!

.

   

.

.

naar de knoppen

Natuurlijk wist ik dat niet, maar ik ging gisteren “naar de knoppen”, maar dan wel de Zeeuwse knoppen en dat maakt dat het zéker niet de negatieve lading had die de uitdrukking heeft.
Inderdaad, “de blog queen”(wat is dat toch een leuke erenaam) was weer de provincie in en bezocht een “onderdaan”!
John (voorheen Redstar) en ik lezen als zo’n 15 jaar bij elkaar en zijn dus oude bekenden kun je gerust stellen.
We hadden al zowat een jaar een halve afspraak staan die steeds op de lange baan geschoven werd door corona. John, staat al maanden op een wachtlijst voor een broodnodige operatie aan zijn hand en dan zit je al helemáál niet op corona te wachten.
Maar goed, toen was Inge ook wat langer “manloos” dan ze gewend is en had wel oren naar een dagje op stap naar Zeeland met de “de koningin moeder”. Een treinreis in m’n uppie vind ik nooit een probleem maar is natuurlijk 3x zo leuk mét goed gezelschap en dus óp naar het station.

Contact met John leerde dat hij ging proberen wat te schuiven en dat we contact zouden houden. Uiteraard gingen we uiterst “negatief” op pad om zijn eventuele ziekenhuis opname niet in de weg te zitten maar dat hoefde een uiterst positieve ontmoeting niet in de weg te zitten.
We gingen dus eerst even “de boot in” om dat de stad Middelburg vanaf het water te bekijken voor we naar de knoppen gingen. De Zeeuwse knoppen had John bij zich voor ons, héérlijk.

Het werd een héél genoeglijk uurtje op het terras van een restaurant met wederzijdse herkenning, ja heus 15 jaar lezen bij elkaar geeft herkenning ook al had John nooit de behoefte zijn hoofd op z’n site te etaleren. Het leven heeft hem niets cadeau gegeven maar ondertussen heeft hij veel een plaats kunnen geven en zo kan het gebeuren dat zelfs foto’s van onze ontmoeting er door mogen glippen.
Het klikt aan alle kanten, ook Inge voelt zich op haar gemak met de voor haar natuurlijk volkomen onbekende man.

Nee, over bloggers wordt niet geroddeld maar het gesprek gaat verder alle kanten op.
Het diepgravende gesprek zeg maar, we vragen ons af waarom de kopjes niet netjes in het midden op het schoteltjes staan, dat blijkt zo te horen , het rondje zit uit het midden. John weet de reden, ze zijn de appelpunt vergeten waar die ruimte voor bedoelt is.
We laten het zo, we hebben immers de Zeeuwse knopen al en ieder pondje…. enz.
We rommelen wat met foto’s maken die niet altijd door de keuring komen maar evengoed wél gebruikt worden.
We hebben het nét over mijn (toch iets gevorderde leeftijd) als er langs de kant een bejaarde busje stopt. Ik sta half op en zeg “ah.. daar is het busje om me op te halen” de chauffeur hoort het en zegt dat ik gerust in mag stappen, waarna John zich afvraagt of hij ooit nog normaal zijn boodschappen zal kunnen doen in Middelburg.
Nou ja, het was gewoon réuze gezellig( en meer) laat dat duidelijk zijn……!

   

   

op stand

Hoe is het toch mógelijk, het derde logje over een paar uurtjes Den Haag rond de Vijverberg. Zeg niet dat ik informatie achterhoud hé!
Maar goed we zouden iets gaan drinken en liepen vanaf het Mauritshuis richting het Lange Voorhout waar op zondagmorgen altijd kunst en antiek markt gehouden wordt.
Ik ben bang dat je wel een béétje verstand moet hebben van kunst om daar iets te kopen. Ik zie er “het Puttertje” hangen van Fabritius, met zijn handtekening er onder. Het beestje moet nét aan zijn komen vliegen uit het Mauritshuis want dáár hadden we het net nog gezien.
We vragen er maar niet naar en nemen aan dat een kopie van een zó bekend schilderij niet voor de hoofdprijs weg zal gaan.

Ik zie iets moois om het reparatie gat in de gang af te dekken, voor nog nét geen 1000,– Euro , tja, het hele gebied daar is toch wat meer gericht op mensen die geen gebrek aan het slijk der aarde hebben.
We lopen er dus langs naar het eind van de markt waar je onder de bomen wel iets kunt drinken met uitzicht op het het wereldbekende Hotel des Indes. Als ex Hagenezen hebben we dat hotel natuurlijk wel vaker gezien maar waren er nog nóóit binnen. En nee, we mogen ons ook niet verheugen tot de doelgroep van het Hotel te behoren.
Maar ineens krijgen we iets van een “stoute meisjes” mentaliteit ….. en ik vraag Inge; “zullen we”?

En zo zoeken we even later, keurig door de indrukwekkende portier binnen gelaten, een tafeltje in de grote hal.
Het is er koel en rustig, héél rustig, er is geen kip! (toegeven, zelfs bij de de grote M zul je geen levende kip tegen komen) Alles is (misschien wel té) oude chique Ook de ober die naar onze wensen komt informeren is oude chique maar heeft wél humor. Ik mag dan tegenwoordig een soort van Queen zijn, we doen ons toch eenvoudig voor en ik informeer of we eventueel mogen afwassen als we de rekening niet kunnen voldoen.

Dat kan volgens de ober, er staat een flinke afwas, maar we mogen óók stofzuigen. We bestellen een koffie en een thee, de thee voor Inge wordt in een “zilveren” kannetje gebracht waar ze zich zowat aan vertilt. De kopjes zijn van dik, grof hotelporselein, jammer! We krijgen wél ieder twee bijzondere koekjes. Terwijl we beschaafd nippen uit de kopjes ziet Inge steeds meer redenen om maar gewoon te betalen, vloer banken, stoelen, álles is gestoffeerd, zelfs de lampen, en het barst van de stoffige hoeken en gaten, nee dat stofzuigen gaat ‘m niet worden zien we wel in.
We betalen gewoon € 12,75, ach, het is maar het dubbele van gemiddeld, dat valt nog reuze meer voor een Queen incognito en om even sfeer te happen was het dat dubbel en dwars waard. Gelukkig is de portier met iemand anders in gesprek als we naar buiten lopen want, moet je zo’n “halve generaal” nou eigenlijk een Euro in z’n hand stoppen?

   
   

terug in de tijd

Lekker dan, heb je éindelijk al die corona toestanden achter de rug, ga je gezellig een middagje naar Leiden…….. blijkt dáár de “pest” te heersen, heb ik weer!

Ondanks de pest had ik er tóch een geweldig leuke middag. Het was er n.l. Rembrandt weekend en dan is het oude centrum even terug in de 17de eeuw. Gewéldig hoe alle vrijwilliger er een feestje van maken.
Ze zijn niet alleen gekleed in kleding uit de tijd maar zitten ook echt in de middeleeuwse rol. Ze doen op het grote plein de was in een klein teiltje en de nachtwacht loopt er rond. Het oude centrum maakt het allemaal natuurlijk nóg leuker omdat het er allemaal zo goed past. Er worden bij het gerecht heksen al dan niet veroordeeld en zo nodig in schandblokken gesloten, de galgen werden gelukkig niet gebruikt om iemand op te hangen. Het enige dat opgehangen werd was de was.

Er moet natuurlijk ook gegeten worden, even jammer dat ik hier en daar mensen een broodje uit een plastic zakje zie halen. Er is zóveel zorg aan de kleding besteed en kijk eens naar de bril van de man die de baar droeg met de “pestlijer”, dat brilletje is van hout gemaakt door een plaatselijke opticien. Min of meer op sterkte voor wie het dragen moet en ik zie ze in heel veel kleuren. Dan had een papieren zakje voor de broodjes eigenlijk ook wel moeten kunnen.
Op het water, langs het water, echt overal mooie kostuums, oude beroepen en leuke tafereeltjes. De bestrating was in de 17de eeuw natuurlijk ook niet heel geweldig en ik moet dus behoorlijk boeten voor m’n minder geschikte schoeisel, dom, dom, dom! .

Helaas natuurlijk volkomen ontoereikende foto’s, dit keer niet alléén mijn schuld, het was er druk en dan is het vrijwel onmogelijk foto’s te maken, er loopt altijd wel iémand door het beeld. Ik las van dit festijn op de site van Leidse glibber die zaterdag bij de opening was en toen al wat foto’s had, maar ik twijfel er niet aan dat hij er zondag ook rondgelopen heeft. In ieder geval had ik een écht bijzondere middag!

   

.

en dóór…

Tja, je ként me toch? Logisch dat ik nooit een writersblock heb, maak een uitstapje met me en ik maak desnoods over ieder úúr apart een logje.
Maar zonder dollen, Den Bosch kwam er wel een beetje bekaaid af in het vorige logje.
Als ik in het vorige logje zeg; “mooi, oud en gezellig,” zóu het ook over mezelf kunnen gaan, (ja ja ja, mooi is een subjectief begrip). Maar het is wel een feit dat ik overal hoekjes vond die me weer aan andere steden deden denken. Al was het geen marktdag, de plaats waar die mark op marktdagen gehouden wordt is herkenbaar aan dezelfde grote “kinderhoofdjes” ( áuw m’n voeten) op een groot plein en zou net zo goed Gouda kunnen zijn, of Delft.
Het enige verschil is dat in Den Bosch op het marktplein Maria vanaf een hoog “tiny house het overzicht op de markt is toegewezen. De arme stumper staat achter tralies.
Voor de oude geveltjes en toren spitsjes geldt hetzelfde, ook in Alkmaar zijn ze te vinden. Ik kom zelfs hoekjes tegen die aan Brugge doen denken.

Met eventuele bloopers wilde het niet erg lukken. Het hád natuurlijk leuk geweest als ik in het water gekukeld was toen ik vanaf het houten plankier voorover gebogen stond om te zien welke diertjes die kringen in het water maakten. Ze lieten zich in ieder geval niet fotograferen, maar het waren tientallen insecten die in de vorm van kleine vlindertjes in luchtbelletjes op het water leken te lopen.
Liesbeth was voor alle zekerheid wél achter me blijven lopen met de camera in de aanslag maar moest genoegen nemen met de foto (op haar log) van mijn achterkant toen ik over het plankier weg liep.

Op de boot voorkwam een oplettende medepassagier dat ik met m’n hoofd tegen een muur knalde, er werd wel gewaarschuwd maar ik had even niet in de gaten dat de bogen in de muur niet overal even mooi rond liepen. Er werd wel gewaarschuwd maar sommige stukken zijn zó smal dat de boot tegen de kant aan schuurt en “alles binnen boord houden” nét niet genoeg is. Al is het in het midden ruim hoog genoeg, aan de kanten is het toch zaak “de kop erbij te houden.” Ik kon me wel “voor het hoofd slaan” maar de meneer naast nam deze taak dus tijdig op zich.
Ergens wel jammer, het hád toch wat aardige bloopers op kunnen leveren. Liesbeth zag me al opduiken uit de plomp met een kikker op m’n hoofd en ik zag de humor wel van een foto met een (bij voorkeur geschminkte) flink bloedende wond op m’n hoofd! Jammer dan, weer een logje zonder bloopers!

.

.

   

wát een dag!

Echt zo’n dag dat ik weer even niet weet waar te beginnen met vertellen, het begin lijkt natuurlijk het meest logisch maar dan zou ik moeten beginnen met het verhaal van een dip van een paar maanden met eindeloze moeheid zonder lichamelijke oorzaak.
Gaan we niet doen daarvoor was de dag in Den Bosch met Liesbeth véél te leuk.
Wát een stad, zeker met een “zoete lieve Gerritje” (in de persoon van Liesbeth) als gids een beleving. Uiteraard veel te veel te zien om in één dag helemaal te bekijken maar we deden toch een héél goede poging.
Eh… foto’s….. tja , wie bij Liesbeth leest wéét dat zij prachtige foto’s maakt, dan durf je daar bijna niet naast te lopen met je mini automatische cameraatje en laat het eigenlijk liever in je zak zitten want áls ik het ding dan gebruik is het resultaat altijd een flauwe afspiegeling van de werkelijkheid.

Kijk, ik zie zelfs niet eens kans een hebbelijke foto te maken van het indrukwekkende gevaarte waarmee ze de hele dag loopt te sjouwen.
Prima voor de privacy natuurlijk maar toch!
Het heerlijke was dat ze me lekker liet prutsen zonder met allemaal adviezen te komen en gewoon accepteerde dat ik “anders”ben.
Nadat ik thuis was hoorde ik van haar dat haar voeten het gehad hadden van het lopen…. , mij maakt ze niets wijs, haar tenen moeten de hele dag krom in haar schoenen gelegen hebben toen ze mij bezig zag! Dat is niet goed voor tenen.

De stad beschrijven, tja… mooi, oud, gezellig, en vaak aan andere steden doen denken. zegt niet veel natuurlijk maar wie er ooit komt moet zeker de rondvaart op de Binnendieze doen, echt indrukwekkend! O nee, foto’s die dát gebied recht aan doen heb ik niet, die vind je vast wel bij Liesbeth.

Iets dat je ook niet over mag slaan is de st.- jans kathedraal , wát een prachtige kerk! zorg wel dat je voldoende klein geld bij je hebt want met de teruglopende aantallen gelovigen moet er toch érgens geld vandaan komen voor het onderhoud.
Je kunt er (tegen betaling) bellen met een engel die dan ergens op het dak bij de bel staat te wachten. ( nee natuurlijk niét terug te vinden op mijn foto) en verder zijn er opvallend veel hoekjes in de kerk waar je een kaarsje op kunt steken met altijd de onvermijdelijk “gleuf” in de buurt voor je bijdrage. Doen we natuurlijk want uiteindelijk is de kerk verder gratis toegankelijk.

Ik verrek m’n nek bijna als Liesbeth me wijst op iemand die in de nok van de kerk “hangt”, mijn veronderstelling dat het een gelovige is die probeert dichter bij de Heer te komen houdt geen stand.
De hoogwerker maakt wel duidelijk dat er iemand wat kleine reparaties verricht, dan wel de ramen zeemt.
Het illustreert wél hoe groot de kerk is want ik had de hoogwerker aanvankelijk niet eens gezien. ( of het bewijst dat ik niet heel erg oplettend ben). Maar mens oh mens, wat hád ik een geweldige dag!
Liesbeth een mega dikke knuffel!

.

   

Vorige Oudere items