conclusie….

Jullie hebben vast allemaal de conclusie getrokken dat ik dit jaar aardig wat leuke dagtripjes gemaakt heb.
Helemaal terecht, omdat ik (meer dan) uitgebreid over ieder uitstapje schreef was die conclusie niet zo moeilijk te trekken omdat je alle voors en tegens in mijn verhalen meekreeg.
Mooi begrip hé “conclusie trekken” maar, als zoveel mooie woorden en begrippen, tegenwoordig vaak wat te makkelijk gebruikt.

Ja het is écht uit met de pret, er moet nodig een logje komen waar “lering uit getrokken kan worden”.
We trekken, té vaak niet gehinderd door gebrek aan volledige achtergrond informatie, best wel makkelijk conclusies.

Voorbeeldje? Sint kon in de regio niet alle kinderen zélf van een cadeautje voorzien en dus riep men bij de regionale radiozender op Sint te helpen en cadeautjes te komen brengen. Wie wél wat cadeautjes wilde doneren maar niet zelf naar het inzamelpunt kon komen mocht bellen, dan kwam een bepaalde radio medewerker het ophalen. Uiteraard met de oproep ” alleen als U geen andere optie hebt”!

Aan het eind van de geslaagde actie bleek dat de meeste aanvragen om cadeautjes op te halen uit de wat mindere wijken kwamen. In de wijken met duurdere woningen was er nauwelijks vraag naar. En dus trok men de conclusie dat men in de minder draagkrachtige wijken méér gaf en meer hart heeft voor de kinderen die overgeslagen dreigden te worden omdat men het vroeger zélf meemaakte.

Tja, dat is natuurlijk mogelijk, maar er zijn zeker ook ándere conclusies te trekken met dezelfde gegevens.
Bijv. “In de mindere wijken beschikt men minder over vervoersmogelijkheden”, over al dan niet grote betrokkenheid zegt het niets. En wie zegt dat mensen uit “de betere wijken” nooit arm geweest zijn.
En eh….er werd maar door één reporter “opgehaald” hoe groot was dát aandeel opgehaalde pakjes ten opzichte van die 40.000 ingeleverde pakjes waarbij niets van de gevers bekend is en dus ook niet uit welke wijken ze kwamen.

Je zou met dezelfde informatie óók kunnen concluderen dat mensen in de minder gegoede buurten best wel iets wilde geven maar dat het niet teveel moeite moest kosten en ze het daarom lieten ophalen. Of dat er in de mindere wijken meer mensen de deur niet uit konden door ziekte of invaliditeit. Kortom er ontbreek een heleboel informatie om de vetgedrukte conclusie zo maar te kunnen onderschrijven.

Ik zou al luisterend zelfs hebben kunnen aannemen dat het overwegend BNners en instanties waren die kwamen doneren, want juist dié kwamen veelvuldig voor de microfoon om hun donatie toe te lichten.
Ook daarbij zou ik al die anonieme gevers, in aantallen véél groter, zomaar vergeten. Zowel de zender als de donerende stichtingen en BNners hebben natuurlijk wél een neus voor gunstige “publiciteit”!
De enige Heilige in dit verband is de goedheiligman zélf.

Ach, dit is gewoon een “belerend” logje geworden terwijl het gaat over heel veel mensen die, állemaal samen iets moois deden omdat ze álle kinderen een Sint cadeau gunnen.
Gewoon een mooi gebaar, daar wil ik helemaal geen conclusies uit trekken over “wie” het “waarom” deed.
Maar het is meteen wél duidelijk waarom ik altijd een zoutvaatje in de buurt heb wanneer ik “conclusies” uit een onderzoek onder ogen krijg.

Advertentie

inspectie “rotjeknor”

Nou geloof me, we hebben serieus werk gemaakt om Rotterdam te inspecteren nu het a.s Koningsdag het Koningspaar zal ontvangen.
We zeg ik, want natuurlijk heb ik daar hulp bij nodig, dus had ik een afspraak met Dorothé van Djaktief die Rotterdam als haar broekzak kent.
Het weer is vroeger op de dag nog niet zoals we het hadden willen hebben, een miezerig regentje dat soms wel, en soms niet valt.
Ik worstel wat met een paraplu en m’n capuchon maar besluit toch dan maar voor een verregend hoofd te gaan om van dat gedoe af te zijn.
Dorothé komt op de fiets en is duidelijk beter op de regen berekend dan ik, ook geweldig voor de herkenning dat knalgeel,
Natuurlijk is de kennismaking als altijd, vertrouwd en gezellig. Maar we hebben werk te doen dus gaan snel op stap.
Het prachtige stadhuis uit het begin van de vorige eeuw zal zéker bij dat bezoek betrokken worden dus we nemen een kijkje en tja….. het gebouw is ook van binnen prachtig maar toch een kleine kanttekening over één van de kunstwerken in de hal.

Precies, die “man” op de rechter foto die ik decent van opzij op de foto heb gezet. Kán dat wel voor zo’n bezoek, de man staat er met alle “onderdelen” nauwkeurig op de juist plaats volledig naakt, nogal uitdagend bij en wie weet wat er gebeurt wanneer Maxima, charmant als altijd, het beeld in de problemen brengt. Je moet er niet aan denken.

Problemen waar ook even naar gekeken moet worden is de bestrating, we lopen elkaar constant te waarschuwen voor los liggende bestrating, wetende dat Maxima altijd op mega hoge hakken loopt is het niet ondenkbaar dat ze meteen het Erasmusziekenhuis zal moet bezoeken om een gebroken enkel te laten behandelen.
Maar er blijkt al aandacht voor te bestaan want Dorothé wordt een paar keer gehinderd in haar routeplannen door wegwerkzaamheden, we moeten een paar keer terug omdat zélfs voetgangers er niet door kunnen. Het is voor het goede doel denken we dan maar al verontschuldigd Dorothé zich voor de extra kilometers. Ze verontschuldigd zich ook, volkomen overbodig, dat ze teveel praat.
Natuurlijk moet je als gids wel een verhaal hebben en ze weet véél te vertellen. Fijne bijkomstigheid is dat ik niet heel veel hoef te praten. Ik kan een flinke wandeling prima aan maar ja, toch geen dertig meer en heb geen lucht genoeg om véél te praten als ik stevig doorstap. En we stáppen stevig door.
We zien dat er extra gelet wordt op fietsendieven en inspecteren de Erasmus brug waar ik duidelijk even het volkslied zing voor de sfeer.
Uiteindelijk hebben we er vertrouwen in dat het wel goed komt met de veiligheid en gaan we meer voor ons plezier verder…. oeps dat moet dan maar in een volgens logje.

de kachel ….

…. met iemand aan maken. Er zijn wel bloggers die daar lol in hebben, althans in de spreekwoordelijke zijn van “iemand in de maling nemen of een beetje te stangen. Zolang het goedmoedig gebeurt moet het maar kunnen. Misschien is de tijd niet veraf dat we om warm te blijven écht de kachel met iemand aan willen maken, je moet wát met de huidige gasprijzen.

Hier kan ik dat nog niet doen want de schoorsteen moet nog geveegd worden, afspraak staat maar met mijn piepkleine Franse lambriseringshaardje zal een mens opstoken toch wat voeten in de aarde hebben.
Er staat nog een fles prima cognac dat is misschien wel een betere optie om warm te worden, drink ik me gewoon kachel. Verhip dáárom heet dronken zijn zo! Nee geen zorgen ik bén niet kachel hoor.

Ik heb natuurlijk ook gewoon een knop om de verwarming aan te draaien maar ben op het moment zo weinig thuis dat het de moeite niet is. Vandaag moest er weer gewerkt worden en van bezig zijn wordt een mens nét zo warm als van die cognac.
Morgen ben ik óók alweer niet thuis. Ik hoorde dat mijn “ambtgenoot” WA met zijn vrouw Koningsdag in Rotterdam wil vieren.
Je begrijpt, als gekroonde hoofden onder elkaar, doe ik het voorwerk voor ze. Volledig incognito ga ik morgen Rotterdam verkennen. Natuurlijk gaat er iemand mee “die van de hoed en de rand weet” om een juiste inschatting te kunnen maken van wat verantwoord mogelijk is. Ik houd jullie op de hoogte.

niet zeuren

Ach ja natuurlijk krijg ik ook wel mee dat de energieprijzen de pan…eh.. de ketel uitrijzen.
En ja ik doe ook zuiniger met energie maar vooral met gas.
Het bad wordt aanmerkelijk minder vaak gevuld, dat kan prima zonder dat je met een knijper op je neus het pand moet betreden.

Dat hoeft zéker nu niet want deze week had ik twee keer een dag “open deur dienst”, precies, om de verf op de deur te laten drogen.
En heb óók een aantal dagen gewerkt wat toch een flinke aanslag op de spieren is en helaas, gemartelde koude spieren weigeren dienst. Je begrijpt dan laat ik ondanks alles het bad lekker vol lopen, een masseur kost ook geld toch?
Bovendien is een warm, zeg maar heet, bad dé manier om door en door warm te worden en hoeft de verwarming dan helemaal nog niet aan. Dat je niet denkt dat het geld over de balk gooi, of erger, dat ik aan het opscheppen ben, dát laat ik aan anderen over.

   

.

.

politicologie

Geen zorgen hoor, dit gaat géén politiek logje worden. Politiek is niet écht mijn ding maar ik moest aan die studie denken toen ik op TV in een interview viel.
Het ging over het gebrek aan studentenhuisvesting en het kabinet wil “hospita verhuur” stimuleren.

De interviewer stelde aan een “Kaagtypetje” de vraag; “zou U woonruimte bij hospita een oplossing vinden”?
Met een samengetrokken mondje en vragende ogen vroeg ze; “wilt U dat voor mij definiëren”!
Kijk, duidelijk student politicologie en ze heeft als veel geleerd. Altijd een vraag beantwoorden met een wedervraag en voorál nooit toegeven dat je iets niet weet. Haar “antwoord” heeft iets van ; ” weet jij eigenlijk zélf wel waar je het over hebt? Leg dat maar eens uit”. Zo kan ze verbloemen dat ze nog nooit van een hospita gehoord heeft.
Net zoiets als bij een jouw onbekende bewering van een ander te komen met: “is dat zo?” Dat heeft toch een soort bewijslast in zich en niet “dat wist ik niet”.
Ik voorspel de jonge dame een glanzende politieke carrière, die kómt er wel!

Natuurlijk is het geen schande om dat niet te weten, hospita is al een beetje uitgestorven begrip want studenten van tegenwoordig wonen in studentenhuizen. Waar vroeger alleenstaande dames een kamer verhuurde om hun financiën rond te breien (en misschien ook wel voor wat levendigheid in huis) komt dat de laatste decennia nog nauwelijks voor. De term “hospita”, ongetwijfeld een verwijzing naar “gastvrijheid”, is dus onder jonge mensen nog nauwelijks bekend.

Het waren trouwens lang niet altijd studenten waaraan de hospita een kamer verhuurde, het waren ook vaak ongetrouwde mannen die zich geen eigen huis konden permitteren, die werden dan een “commensaal” genoemd. Dan werden ook vaak de maaltijden met de hospita genuttigd en niet zelden kwam er een relatie uit voort. Maar ik dwaal weer eens af.

Eigenlijk is mijn opvatting over het begrip “student” een beetje gevormd in de jaren 40/50.
Studenten waren in die tijd meestal nog rijkeluiszoontjes die zo lang mogelijk aan de universiteit “studeerden” maar in hoofdzaak hun tijd doorbrachten in het welig tierende verenigingsleven.
Dat zal heus niet altijd zo geweest zijn maar toch, het imago wás er.
Hoewel één van mijn kinderen (deels thuiswonend) zowel afgestudeerd als gepromoveerd is aan een universiteit, heb ik in mijn gevoel nooit “een student” in huis gehad. En gelukkig vraagt géén van m’n kinderen ooit of ik iets kan definiëren als ze me niet snappen.
Bij de huidige trend om iedereen die na de basisschool een vervolgopleiding doet “student” te noemen haal ik m’n schouders een beetje op, dat ligt echt helemaal aan mij hoor, ik wéét het!



       

what’s in a name

Oke, ik moet wel eens lachen om namen, om vreemde combinaties dan vooral. Maar aan de andere kant kan ik me ook ergeren aan namen en dan vooral de tegenwoordig steeds wisselende benamingen voor van álles en nog wat.
las ik kort geleden weer een stukje van iemand die het frustrerend vond om “bejaarde” genoemd te worden. “Oudere” kon ook al geen genade vinden, nee er moest maar iet komen als “zilveren , gouden of briljanten” mensen voor 70/80/90 jarige en ouder.

Een typisch tijdsbeeld om álles zo eufemistisch mogelijk te benoemen alsof het onderwerp, in dit geval je leeftijd, iets is om je voor te schamen. Zou men nu écht niet door hebben dat het bij iédere benaming, van wát dan ook, altijd de context is die bepaalt hoe het overkomt? Als één van m’n kinderen me liefkozend ” ouwe taart” noemt komt dat toch totáal anders binnen dan wanneer iemand me toesnauwt “ga eens opzij ouwe taart” als ik een beetje in de weg loop.

Al die nieuwe benamingen tegenwoordig gaan voorbij aan het feit dat het vaak juist de nadruk legt op het feit dat ze willen verbloemen. Ook bij die zilver/goud en briljant indeling zou het tóch weer die leeftijdaanduiding zijn die bepalend is. Logisch natuurlijk hóe je ze ook noemt, het gaat nou eenmaal om mensen van die leeftijd. Je kunt mij wel een “golden girl” noemen, iets dat in overdrachtelijke zin zelfs een compliment kan zijn, ik word er geen “meisje” van en blijf gewoon tachtig.

Het gaat er maar om hoe oud je je voelt en hoe je omgaat met ouder worden en vooral hoe lang je tenen zijn. Ik ben geneigd te denken dat die, net als de neus en oren, door blijven groeien tot je dood!
Als het beestje maar een naam heeft zou ik zeggen en “bejaarde” lijkt me aardig toepasselijk in de zin van “er zijn al aardig jaren overheen gegaan” , “oudere” hetzelfde verhaal, je bent “ouder” dan 2 á 3 generaties. Wat is daar mis mee!

Meestal ga ik in het OV niét op de plaatsen voor ouderen en minder valide mensen zitten, maar áls ik het doe houd ik in het oog of er iemand instapt die de plaats écht nodig heeft. Oftewel, ik vóel me niet oud al geef ik direct toe dat het waarschijnlijk anders is wanneer de tand des tijds al écht schade heeft aangericht.
Stop toch met dat muggenziften, maak je druk over de context waarin een onwelgevallige naam genoemd wordt want je kunt er vergif op innemen dat dié niet deugd als de naam je stoort.
En vooral, vergeet een beetje zelfspot niet, lachen is gezond, daar blijf je jong bij.

.

   

.

.

vroeg donker hé!

Echt wel het begin van de herfst hé, ik ging de laatste 2 weken al steeds vroeger naar boven omdat ik geen had om alle lichten aan te doen. Maar ondertussen moet er echt om 9 uur al licht aan. En als ik nog twijfelde of de herfst op komst is…. de eerste zakken kruidnootje liggen al in de supermarkt én de winter TV programma’s worden weer van stal gehaald.

Vrijdagavond was er alweer de enige talentenjacht waar ik met een half oog (die andere anderhalf houden m’n laptop in de gaten) altijd wel iets van zie. “Holland ’s got talent” is, anders dan de andere talentjachten, héél geschikt als “achtergrondbehang”. Vooral de eerste afleveringen lijken een beetje op de ouderwetse variété waar mensen vroeger voor naar het theater gingen.
Ik kan me nog herinneren dat ik één keer met m’n ouders mee mocht maar het Scala theater in Den Haag. Artiesten als Tom Mander en Snip en Snap werden groot door de revue.

Zodra de echte “afvalrace” in het programma begint verlies ik m’n belangstelling want dan gaat het altijd om gelijksoortige acts, zingen of dansen maar juist in het begin varieert het van rolschaats- tot jojo act en alles er tussen in om maar iets te noemen.
De uitvoering varieert óók van knullig tot heel bijzonder. Over Snip en Snap gesproken, als vrouw verklede mannen zijn van alle tijden al is de uitvoering wel wat veranderd.

De dragqueen deed z’n intrede, inderdaad een als vrouw verklede man maar dan wel reuze karikaturaal ingevuld.
Tja, het is een act hé, ik lig er niet wakker van en als zij….eh… hij een leuk showtje neerzet hoor je mij niet mopperen hoor.
Er was dus inderdaad zo’n “over de top wijfie” bij, niets mis met het showtje, dat zat leuk in elkaar.
“Ze” had een beetje dunne beentjes en je kunt inderdaad wel van een karikatuur van een vrouw spreken, zo kom je ze in de supermarkt niet tegen zal ‘k maar zeggen.
Maar moet ik me nu aangesproken voelen, of beledigd? Of moeten alle dragqueens nu maar van de TV verbannen worden om mij niet te kwetsen?
Het zal toch niet? Ieder diertje z’n pleziertje en ik kán natuurlijk altijd kiezen om wel of niet te kijken áls het me zou storen.
Met de kruidnootjes in gedachten moet ik ineens aan een ander “karikatuur” denken die dat wél overkwam omdat men er ” de performer” niet in wil zien.
Ach, net als verkleedpartijen en karikaturen is ook onverdraagzaamheid van alle tijden denk ik.

       

.

.

   

camouflagetuin

Yep, mijn voortuin is eigenlijk een beetje in camouflage kleuren, bruin en groen. Kijk…..

Herfst vorig jaar had ik de voortuin laten herinrichten en in het vroege voorjaar zag het er allemaal fris en fleurig uit. Maar tóen kwam die heerlijke zonnige zomer, de achtertuin gaf geen krimp maar tja, die voortuin, dáár gebeuren vreemde dingen.
Zo zijn ondertussen de rollen anders verdeeld dan de bedoeling was. Een deel van de planten die gewoon op een oude plaats bleven staan zijn groen, het deel dat een nieuwe plaats kreeg is nét zo bruin als de meeste nieuwe aanplant. Wat de tuin toch nog een groene indruk laat maken zijn de plantjes die er “door niemand” ingezet zijn.
Precies, onkruid heeft blijkbaar geen last van droogte, het tiert welig waar de rest van de planten zieltogend bruin hangt te wezen.

De kleine Azaliaachtige zijn bruin, de paarse Rododendron ook. Maar het kleine tapijtje wilde aardbeien geven een stukje tuin weer een groene uitstraling , met dank aan die beruchte “niemand” die al zovéél op zijn kerfstok heeft.
De verplaatste Camelia is bruin maar wordt opgefrist door nieuwe scheuten van de blauwe regen die de tuinman verwijderd had….. eh…. zou die tuinman dan die zoveel geplaagde meneer niemand zijn? Dan is hij ook verantwoordelijk voor de paardenbloemen en het fijne groen met gele bloemetjes dat steeds weer opduikt, hóe vaak ik het er ook uit trek.

Zucht weggegooid geld die tuin opnieuw aan laten leggen….. ik had beter de grond braak kunnen laten liggen en het aan “niemand” over gelaten voor plantjes te zorgen.
Dan had ik nú gewoon een echt groene tuin gehad met volop onkruid planten die blijkbaar prima zonder water kunnen.

.

.

.

   

debilisering

Gelukkig hoef ik jullie er niet op te wijzen dat het wárm is buiten, de hemel zij dank bestaat er tegenwoordig een hitteplan dat de héle dag door te pas en te onpas “tot ons komt” via de media.
Ik zou er zélf nooit opgekomen zijn om de zonwering goed te gebruiken, en geloof me, zónder al die aanwijzingen zou ik nu rond het middaguur in de volle zon op het strand liggen, uiteraard zónder iets te drinken want ik ben oud en weet niet meer wat dorst is.

Ja hoor, m’n voeten zitten nu in bak koud water om het hoofd koel te houden eh…. nou ja, bij wijze van spreken hé!
Wat een gruwelijke betutteling, alsof ik zélf niet meer kan bedenken waar ik me het prettigst bij voel in deze heerlijke zomer! Een plaatsje maken in de koelkast om ieder uur 10 minuutjes af te koelen wordt nog nét niet geadviseerd. Het is een wonder dat ik eerdere zomers overleefd heb zonder hitteplan. Misschien wel puur op het gezonde verstand dat ons tegenwoordig zo makkelijk ontzegd wordt.
Natuurlijk wéét ik waar mijn trek in hartigheid vandaan komt, ik kook geheel zonder zout toe te voegen en bij dit weer verliest men meer zouten door transpiratie, dus ja, een extra plakje cervelaatworst gaat er graag in en daar krijg je dan weer dorst van, prima toch!
moeder natuur heeft zo haar eigen trukendoos om de mens te laten weten wat er nodig is om bij extreme omstandigheden te overleven.

Feit is dat we tegenwoordig het vertrouwen in de natuur een beetje verloren zijn en maar al te vaak te eigenwijs zijn en (uit eigenbelang) zélf de natuur proberen aan te passen.
In een column van Leon de winter las ik iets over een item uit “nieuwsuur” waarin een boswachter aan het woord was.

Kijk moeder natuur wil best werk maken om de overvloedige stikstof weg te werken en heeft planten/bomensoorten in de aanbieding die dat ook kúnnen maar ja, het flora en fauna beheer gruwt van het ontstaan van bossen die de co2 zouden kunnen verminderen. Oke, waar bomen staan kun je hoogstens een boomhut maar geen huizen bouwen dus nee, vooral terug naar de plantjes van een paar eeuwen terug en de “voorgestelde” aanpassingen van moeder natuur afwijzen.
Zeker, ik begrijp best dat we niet helemaal de natuur z’n gang kunnen laten gaan met zóveel mensen “op dat hele kleine stukje wereld” maar wat zou het fijn zijn als het echte probleem erkent zou worden en men wat meer naar moeder natuur zou luisteren.
Bang zijn voor bossen? Zouden niet eerder bang moeten zijn voor (nog meer) mensen?

.

   

.

.

eco versus IQ

Van de week zag ik ergens op TV een moeder reuze gefrustreerd verkondigen dat zij door de hoge energieprijzen nu gedwongen was haar kinderen te overtuigen dat ze zuinig om moeten gaan met energie. Haar gezicht stond op; “ik moet die arme schapen hun levensgeluk vernietigen”. En ja, natuurlijk, die kinderen zijn opgegroeid in het besef dat energie en warm water ruim voorhanden zijn en gebruikt kunnen worden zonder er bij na te hoeven denken. Best wel heel anders dan toen ik kort na WO2 opgroeide met zuinig zijn, één verwarmde kamer, één verlicht “peertje” in iedere kamer en als de gaspenning op was kon er geen gas gebruikt kon worden.

Natuurlijk was dat ook een tijd zonder energie slurpende apparaten, dat kwam later pas maar toen was het plantje van het besef “energie is duur en daar moet je zuinig mee omgaan” al gepland en dat plantje staat er nog fris en fruitig bij. Ondanks dat gebruik ik nú natuurlijk toch meer energie dan toen ik pas getrouwd was in 1961, toen deed ik het immers nog zonder wasmachine, koel/vrieskast, TV of computer en had géén warmwaterbron.
Allemaal apparaten die , zeker aanvankelijk, energie vreters waren.

Iedere keer wanneer ik een apparaat nieuw aan moet schaffen gebruikt het nieuwe apparaat weer minder energie dan het te vervangen apparaat. Bij mij is dat goed merkbaar omdat oude apparaten hier hun taak moeten verrichten tot ze echt óp zijn en niet vervangen worden zodra er iets nieuwers op de markt komt.
Prima natuurlijk dat ook de fabrikanten hun steentje bijdragen maar soms heb ik toch wel ????? of de vernieuwingen niet hun doel voorbij schieten. Neem nou die “eco stand”.

Niemand heeft mij precies uit kunnen leggen hoe bij zo’n eco programma een machine ruim 2 uur lánger moet draaien dan op een gewone stand en dan toch minder stroom zou verbruiken. De was langer in het water laten draaien zóu minder warm water vragen en dus minder opwarmen nodig maken…tja en dat water maar afkoelen in die 2 uur extra stroom. Misschien is dan ouderwets in de week zetten een betere optie. Ik wil er niet áán, het klinkt niet logisch!

Dan geloof ik bij de drogers nog in énig besparend effect….. als ik 4 uur moet wachten eer de was droog is bedenk ik me wel om die droger te gebruiken, áls ik de droger al gebruik is dat omdat ik snel een droge was nodig heb. Met een goede centrifuge is je wasgoed op een hangertje/rekje in een kamer hangend ook wel in 4 uren droog. (als het niet buiten kan) Dát is pas besparen.
Het mag dan “hot” zijn die eco stand ik laat me niet meeslepen in die hype, niks niet eco stand, gewoon mijn IQ stand om de was te drogen. Of geloof jij wél in die eco stand en legt het mij even simpel uit!

   
   

Vorige Oudere items