’t schip in

Wat mij betreft is het prima museumweer op deze tweede Pinksterdag en tja, dan ga je dus “het schip in” want je moet mee, tenzij je nu op esc. drukt natuurlijk.
Het Muzee is dan een prima plekje hoor, schepen genoeg, Scheveningen is nou eenmaal van oorsprong een vissersgemeenschap.
De collectie is ondergebracht in een voormalig schoolgebouw en dat is hier en daar nog goed te zien.
Ik twijfelde zelfs even of ik wel het juiste gebouw voor me had maar gelukkig stonden er wél vlaggen met de naam Muzee.

Er is die dag al vroeg een blik schoolkinderen open getrokken maar die klitten gelukkig nogal bij elkaar en zijn wel te ontlopen. Dat is een keuze want ergens is het ook wel leuk om hun reacties te horen, dit keer toch maar niet bewust opzoeken.

Schepen zijn er in alle soorten en maten, twee zalen vol met schaalmodellen van heel klein tot nog onder een meter. Een aantal van zo’n twee en een halve meter vonden een plaatsje in de gang, prachtig tot in ieder detail nagebouwd.
En uiteraard ook schepen terug te vinden op schilderstukken. Ik let natuurlijk weer niet goed op want er hangt een beauty die ik graag stiekem in m’n tas zou willen stoppen maar ja, dan heb ik natuurlijk weer een véél te klein tasje bij me. Best slordig dat ik niet de naam van de schilder bij de foto kan zetten. Typisch de kunst benadering van “Rietepietz “, het is prachtig en wie het geschilderd heeft zal me me worst wezen. ( Ik beloof beterschap, als ik er nog een keer komt zal ik de naam opzoeken)

In een andere gang is een straatje nagebouwd en wat huiskamers. Het verschil in de huiskamers met de huiskamer waarin ik in de vergelijkbare tijd opgroeide zit eigenlijk alleen in de kleding. Ook bij ons stond in die tijd in de huiskamer niet veel meer dan een vierkante tafel met stoelen, twee fauteuils en een potkachel voor de schoorsteen. O ja, en een spiegel boven de schoorsteen.
De Schevenings klederdracht van de vrouwen was herkenbaarder dan die van de mannen.
Eén keer in de week maakte er in de jaren 50 in onze Haagse wijk nog een visboer zijn rondje, mét zijn vrouw die soms de mooie zondagse dracht droeg maar meestal de eenvoudige dracht met het kleine kapje dat bij het werken gedragen werd. Ook hier toch weer even die duik in het verleden, ik weet het zéker, ik moet snel nog een keer terug, gewoon téveel niet goed genoeg bekeken.

Muzee

Het was er nog nóóit van gekomen. Het kleine museum over de geschiedenis van het vissersdorp Scheveningen is om een onverklaarbare reden altijd aan mijn aandacht ontsnapt.
Heel toevallig zag ik ergens dat er nu in Muzee ook een expositie is waarbij Karel de Rooij betrokken is, Karel’s Koffer Magie in Muzee . In het kort;
” internationaal kleinkunstenaar Karel de Rooij. Herbeleeft het uitgaansleven van vroeger, van circus, jazz, cabaret tot variété in de bruisende badplaats Scheveningen van 22 mei tot en met 4 september 2022.”

Het moest er nu dus maar eens van komen, Karel de Rooii trad met collega artiest Peter de Jong jarenlang op als het duo Mini en Maxi, en daar heb ik altijd enorm van genoten.
Natuurlijk kan ik wel weer 5 logjes maken over een niet al te lang museum bezoek…zucht de herinneringen kwamen zó van alle kanten binnen dat ik niet weet waar te beginnen.

Zo’n affiche van het circus Strassburger dat vroeger in het huidige circustheater een soort thuisbasis had hing bij menig winkelier, ook bij onze benedenbuurman.
Je kreeg dan als winkelier reductiekaarten en mijn ouders konden wel eens iets regelen met de winkeliers waar we boven woonden.
Zo maakte ik als kind zelfs 2x een voorstelling mee. Het kostuum dat naast het affiche hangt herinner ik me nog wel als van de spreekstalmeester.
En vooral de speciale geur die er in de met zaagsel bestrooide piste hing.
Er staat ook een oude strandkoets, (die is zelfs nog van voor mijn tijd)

Voor de kar staat een bankje waarop je even rustig kunt kijken naar een filmpje over het Scheveningse uitgaansleven van destijds.
Er zitten al mensen op dat bankje dus ik ga later terug voor deze foto want op het bankje blijkt Karel de Rooij te zitten, hij heeft blijkbaar een interview en ik kom hem met zijn gesprekspartner een paar keer tegen omdat juist deze hoek van het gebouw aan diverse kanten kanten ingangen heeft en ik de route niet zo goed ken. Daardoor pik ik af en toe wel wat stukken van zijn verhaal op over zijn passie voor Scheveningen (waar hij geboren en getogen is) én het variété, Nee ik jaag niet op een selfie maar laat hem zijn ding doen.
Ik heb mijn eigen overpeinzingen door het filmpje waarin Pia Beck te zien is. Zij was destijds een wereldberoemde jazz pianiste/zangeres en had een eigen club in Scheveningen. De vliegende Hollander, er staat ook een vleugel waarop zij in die club gespeeld moet hebben. Henk vertelde vaak dat hij vroeger soms met vrienden voor het raam van de kelder stond te kijken als zij er speelde. Zijn verhaal wordt bevestigd door de informatiekaart die op de vleugel staat, ( excuses voor slechte foto) . Het hotel waar zij in het souterrain haar club had is al jaren geleden afgebroken, als zoveel in Scheveningen. Ik vond een site met datverhaal en een foto waarop Pia op de puinhopen nog een keer piano speelt… Voor de liefhebber.

.

best wel kunst

Oke, het was niet mijn bedoeling iémand op de kunstenaarsziel te trappen in mijn vorige logje. Maar ja, als ik dan een mega groot (naar mijn idee) “leeg” doek zie hangen dat een beetje verweerd lijkt te zijn door een lang verblijf in een vochtige schuur sla ik op tilt. Nogmaals mijn excuses, het is nou eenmaal véél makkelijker om iets te schrijven over dit soort absurde kunst dan over kunst die ik echt mooi vind. Wat kun je nog meer zeggen dan “práchtig” want verstand heb ik er niet van.
Ik hoef helemaal niet te weten wat de kunstenaar er mee bedoelt, welke zielenroerselen hem/haar er toe aanzette of wat hij/zij ervoor gebruikte. Echt dat boeit me voor geen meter, kunst moet me iets doen, en ik moet vooral niet het idee hebben “oh, dat kan ik ook. Kortom, als kunst uitgelegd moet worden heb ik altijd het gevoel dat het meer “een kunstje” is om ons geld uit de zak te kloppen.

Helaas kan ik niet heel veel laten zien, bijna alle werk van Alphonse Mucha is achter klas ingelijst en daar valt nauwelijks een foto van te maken.
Hier kan ik ademloos naar kijken, dan kan ik een interessant verhaal proberen op te hangen over eh… een mooi lijnenspel, prachtig kleurgebruik, de soepele houding van de dames maar ach, het is gewoon een lust voor het oog en dat is prima samengevat in “mooi”.
Of dat dan een duur stuk is, of niet, maakt me niets uit.
Heel toevallig kreeg ik van week een foto in handen uit 1984
Bijna 40 jaar oud, er zijn nog twee mensen in leven, waarvan ik er één ben maar daar gaat het even niet over.
Het is mijn toenmalige huiskamer waarvan de muur en de schoorsteen , geheel overeenkomstig het tijdsbeeld met steenstrips beplakt zijn (mens wat een karwei was dat voegen).
Links op de foto bij de rode pijl, is met wat goede wil nog te zien dat er een spiegel op de schoorsteen hangt met daarop een (soort) reproductie van het rechter schilderij op de foto hierboven. Gewoon bij de Blokker gekocht destijds en zonder te weten dat het eigenlijk een (misschien wat flauwe) afspiegeling was van een echt kunstwerk, ik vond het gewoon moo! .

Ja óók om de kleding ben ik liefhebber van de kunst en het modebeeld uit de (werkzame) tijd van deze schilder (1860 -1939) . Er staan ook wat kledingstukken op poppen, ik had in die tijd moeten leven geloof ik, maar dan natuurlijk wel in “de betere klasse”, en liefst zónder de strakke korsetten om die minimale taille te verkrijgen.
Prachtig borduurwerk en een en al zwierigheid, ik houd ervan…. snik, heb er helaas de taille niet voor.

strandbeesten

We gaan nog even terug naar het strand, maar niet écht. Van de week hoorde ik op de regionale omroep een item over Theo Jansen. Ook op TV West zag ik een uitgebreid interview met deze Theo Jansen die heel bijzondere “kunstwerken” maakt die hij “strandbeesten” noemt. Hij blijkt zijn “hele oeuvre” tentoon te stellen in het Kunstmuseum ( voormalig gemeentemuseum) in Den Haag.
Nou ja niet “in” het museum, de beesten staan opgeteld vóór het museum achter de vijver en zijn dus in het voorbij gaan te zien. Deze week óók al een groot artikel in div kranten kortom, Theo Jansen timmert behoorlijk aan de weg op het moment.

Maandag wilde ik naar het strand en dan kom ik lángs dat museum en dacht de strandbeesten meteen even mee te pakken. Goed plan, alleen ff jammer dat het museum op maandag gesloten is , en bovendien lijkt Theo ook nog eens létterlijk aan de weg getimmerd te hebben.

De ruime stoep voor het museum ligt open en ook nog de helft van de rijweg. Misschien is Theo een stuk strand aan het creëren voor zijn strandbeesten, die heten tenslotte niet voor niets zo.
Jammer, ik kan zelfs niet dicht bij het hek komen omdat er nog een rijstrook voor het drukke verkeer open is. Normaal gesproken zou ik er, ook als het museum gesloten is, ..0toch nog redelijk dichtbij kunnen komen, maar nu is de afstand ruim dubbel zo ver. Dan maak ik nog wel een foto maar tja, dat is het toch niet helemaal. In normale omstandigheden zou dat er beter uit zien zoals in dit artikel, met ook een klein stukje film van een lopend beest!

Er is véél te vinden op het internet wat zeker een beter beeld zal geven van deze kunstenaar dan ik kan geven. Ik kom niet verder dan ;” hij maakt van gewone plastic pijpen, precies die de elektricien gebruikt, figuren die na een duwtje met behulp van de wind zelfstandig kunnen lopen. Ieder jaar maakt hij een nieuw beest dat weer beter is dan dat van het jaar ervoor. Zijn levensdoel is ooit een strandbeest te maken dat geheel zelfstandig in de wind heen en weer wandelt. Als je hem bezig ziet met de buizen en een rol ducktape lijkt dat allemaal niet zo waarschijnlijk, het ziet er allemaal nogal slordig en rommelig uit, een beetje op mijn manier zal ‘k maar zeggen. Idee is leuk maar de uitvoering kan beter. Maar uitéindelijk lopen toch al zijn strandbeesten, een bevlogen man en dat is ie!

nog even museum

Tja we zijn niet echt fanatieke museumbezoekers, ook dit keer kwam het er eigenlijk een beetje” per ongeluk van”. Dochter Inge belde dat ze nog gratis kaartjes had voor een museum en vroeg of we mee wilden, maar we mochten óók voor een ander museum kiezen.
Toen bleek dat het de laatste dag van de art deco tentoonstelling  was én Inge met man die óók graag wilde bezoeken was de keuze snel gemaakt, het werd het gemeentemuseum.
Het gebouw zelf , door Berlage ontworpen, pas prima bij de stijl van de tentoonstelling, het is prachtig.


Wat wél jammer is dat in de langgerekte intree hal wat opdringerige postcodeloterij mensen zich ongeveer aan ons vast klampte met hun wervende, maar misleidende, praatjes. Dat zo’n museum daar z’n medewerking aan verleend! Het kost wat moeite maar het lukt ze onverrichter zaken af te laten druipen.

Juist in dit museum is het voor mij een pre dat  we gezelschap hebben, als ik alleen met Henk zou gaan  kan dat niet meer zonder rolstoel, en tja, de deuren zijn práchtig in de stijl van het gebouw maar mede daardoor veel te zwaar om daar makkelijk zonder hulp met een rolstoel door te komen.


En die deuren zijn allemaal dicht wegens de brandveiligheid en de klimaatcontrole. Inge weet heel goed dat dit soort dingen steeds zwaarder worden voor me, tja, ik wordt helaas ook niet jónger maar, net als, alleen maar ouder. Juist omdat we nu met meer zijn laten we de rolstoel thuis en als het geslenter lang de zalen Henk even te veel wordt is er altijd wel iémand die even met hem op een bankje wil gaan zitten.
Zo kunnen we allemaal alles bekijken en loop ik heerlijk zonder dat Henk aan mijn  arm hangt, dat deed hij om en om bij dochter en schoonzoon.
We zitten natuurlijk ook even gezellig samen in de overdekte, uiteraard ook geheel Berlage,  grote “patio”  waar de koffie klaar is.


De tentoonstelling is wat minder uitgebreid dan we dachten dus na de koffie gaan we nog even door een verrassend ander deel van het gebouw, de wonderkamers.


Een erg leuke toegift, midden in een grote zaal staan  in een vierkant allemaal kleine vitrines opgesteld, het lijkt het meest op een mega groot poppenhuis.
In iedere “kamer” een soort mini tentoonstelling, met nummers die je op de hoeken weer kon intoetsen om aan de weet te komen wat er allemaal hangt, staat of ligt. Deze hoefde hoefde ik niet op te zoeken…….


Dat móet gewoon “de duif” van Toon Hermans zijn, en “duif is dood, heeft te lang in het witte kistje  gezeten”. In een deel van “kamers” is dan weer iets bijzonders. Daarin zijn echte mensen te zien die er van alles en nog wat doen, van naakt poseren voor kunstenaars tot muziek maken of gewoon schoonmaken.


Het lijkt een soort drieD projectie maar het fijne weet ik er niet van.
Henk en ik vonden er  een prima bankje  toen we alles vluchtig bekeken hadden om nog even vanuit de verte toe te kijken  hoe Inge en Peter alles bekeken  met de  ogen van hun kleinkinderen, Levi en Amber,  dus die gaan vast nog wel eens terug.

Henk is total loss als we thuis komen, later in de avond probeert hij moeizaam uit te leggen dat het museum toch wel heel veel op een doolhof lijkt, met veel zalen die in elkaar over lopen maar ook gangen, liften en trappenhuizen waardoor hij helemaal niet meer wist waar hij was.
Hij zegt er achteraan; “gelukkig pakte Peter steeds mijn hand want ik  wist het niet meer”,  zo ontroerend, en wat is het toch fantastisch  zulke meedenkende mensen om me heen.

 

vvv-juffrouw

blauwtje1Met vlagen hang ik hier enorm de “vvv-juffrouw” uit geloof ik.
Stuur me één overnachting weg en ik maak zó vijf logjes over de plaats waar ik me  bevond. Sterker nog….. vorige week waren we een paar úúr weg  op  pakweg 5 km van de woonstek  en ik vrees dat ik ook daar weer niet genoeg aan één logje zal hebben.
We waren in Delft waar deze jongedame ons, nadat ze dat een dag er vóór bij   Willem Alexander deed,  naar museum  de prinsenhof lokte.
W.A. mocht het vernieuwde Prinsenhof openen  en de dag erna was de toegang gratis voor bezoekers. (ons ben zunig)
Wisten we niet van te voren maar eenmaal in Delft werden we aan alle kanten richting museum gepusht, eerst door deze vrolijke tante links….,
oud delft en later nog eens door de figuur” rechts  die met die opdracht even van het schilderij  “de  anatomische les” gestapt  leek te zijn.
We waren er héél lang geleden ook al eens  geweest  en het had toen,  ondanks  de kogelgaten  in de muur op de trap waar Willen van Oranje werd vermoord, géén overweldigende indruk gemaakt!

De gaten zijn er nog, keurig met een lijstje eromheen en nog steeds volkomen “net (niet) echt” maar dat mag de pret niet drukken.
Verder is het museum inderdaad véél meer de moeite waard geworden.
Overzichtelijker en interessanter met ook wat bewegende beelden die  in vogelvlucht door een paar eeuwen Nederlandse geschiedenis gaan.

pr.hof
Nieuw is ook ………
W van Obordje
Prachtig gemaakt met rijen kleine knoopjes en héél veel details……….

DSCN4641

Ook nieuw is een zaal waar heel overzichtelijke de lijn van van de huidige Koninklijke familie  tot  héél ver terug gaat en waarin natuurlijk alle Willempies te vinden zijn. Maar er zijn ook nog steeds prachtige oude schilderijen.

pr.hofschilderij
DBlauw
Verder is Delft natuurlijk altijd al de moeite waard met z’n oude panden, grote kerken en gezellige sfeer.
En niet te vergeten  z’n Delfs blauw, op het pleintje voor  de Prinsenhof staan zelfs twee  Delfts blauwe lantaarnpalen.

Helaas is het aan de  spoorwegkant  al een paar jaar een bouwput,  men is bezig de trein ondergronds te  laten lopen.
De zo herkenbare spoorbaan die over de parkeerplaatsen heen loopt zal dus binnen niet al te lange tijd  verdwijnen want er zit nu toch wel schot in het werk.
We waren er op de dag van bouw en mochten de vorderingen in de treintunnel bezichtigen.
We zijn niet heél ver gekomen, Delft is, net als Leiden,  een aanslag op m’n voeten …… Maar wat we wél zagen……. dacht ik het niet….. bewaar ik maar een ander logje!