dor hout

Het kille weer van de laatste dagen nodigt niet echt uit om naar buiten te gaan. Gelukkig had ik van de mooie dagen ervoor goed gebruik gemaakt. De waterleiding duinen liggen aardig in de buurt van de bloembollenvelden dus die namen we ook even mee. Enorme duingebieden,maar ook veel bosachtig gebied waar het genieten is .

Tussen die takken zat een specht zich schreeuwende koppijn te tikken, met mijn automaatje krijg ik dat niet in beeld natuurlijk hij zit ( iets uit het midden naar onder en naar links). Ik hoorde laatst op TV iemand vertellen dat spechten een derde vlies over hun hebben ogen, van dat vlies hebben wij in de ooghoeken ook nog een reststukje. De specht heeft dat vlies broodnodig omdat anders door de kracht van zijn getik z’n ogen uit de kassen ploppen!I k zie het voor me, Loop je in het bos en denk je dat er een besje voor je voeten valt….ieks!

Wat ons opviel is dat er érg veel dor hout in het bosgedeelte ligt. Ja wéét ik, bosbeheer laat tegenwoordig vaak omgezaagde stammetjes liggen als leefomgeving voor insecten en ander bos gespuis, maar zóveel?
We komen echt overál boomstammetjes en takken tegen, sommige vers maar ook heel veel al duidelijk veel langer geleden af-gezaagd of gebroken. Leuk voor kinderen om boom hutten te maken maar het zal ongetwijfeld een andere bedoeling hebben. Kostenbesparing misschien? Best een onderwerp om een “een boom over op te zetten”, dat lukt alleen niet zo goed, dan toch maar laten liggen die boom. Het was in ieder geval een fijne wandeling.

eens eigenwijs….

Altijd eigenwijs, ik zie het je denken. Mag hoor, want inderdaad héb ik de papieren om een afspraak voor “de prik” al een week in huis. En nee, ik heb nog géén afspraak gemaakt en dat ben ik voorlopig ook niet van plan.
Dán maar eigenwijs, wie zei ook alweer dat eigenwijs óok wijs is.
Nog eens alles nagelezen omdat ik al geen voor voorstander wás.
Op vraag 1 van mij ; “hoe lang vecht zo’n prik het virus de tent uit…” is nog geen antwoord. Dat wordt gelukkig ook eerlijk vermeld.
Op vraag 2 van mij; ” kan ik de besmetting over brengen op anderen zodra ridder corona het zwaard voor me opheft? ” Ook op die vraag komt een eerlijk antwoord, “dat weten we nog niet”.
Daarop volgt dan nog dat ook na vaccinatie de anti corona maatregelen gehandhaafd moeten blijven.
De opheb van vorige week over dat éne merk speelt niet heel erg mee bij mijn beslissing , het gaat om procentueel zúlke kleine aantallen dat het een aanvaardbaar risico is.
Maar het bewijst wél dat er door de snelle keuringsprocedures nog niet alle eventuele bijwerkingen ontdekt zijn.
En daar had ik in eerste instantie al een probleem mee.

De uitnodiging blijft geldig heb ik gehoord en ik mag dan eigenwijs zijn, ik benadeel (nog) geen anderen door de prik (nog) niet te halen. Er is nog lang niet genoeg vaccin en dus kan er nu iemand anders geholpen worden met mijn doses.
De enige zekerheid die het vaccin 100% biedt ( voor zover nu bekend) is dat , mocht je tóch geïnfecteerd worden je niet zó ziek wordt dat je op de IC terecht komt.|
Prima, dat kom ik tóch niet, dat wil ik niet en dat weten m’n kinderen.

De maatregelen blijven hoe dan ook van kracht, met of zonder prik, voor mij dan maar zonder prik tot er wat meer bekend is over zaken die nu nog niet bekend zijn. Of totdat er voldoende vaccin is voor iedereen, nu laat ik met liefde anderen voor gaan want er schijnen mensen te zijn die “voordringen” om de prik maar te krijgen.
Eigenlijk ben ik niet eigenwijs maar, nu ik er over nadenk, gewoon menslievend.
Verhip, dat pak ik weer helemaal verkeerd aan, ik hád het natuurlijk als een opofferende daad moeten brengen in de geest van ; ” ik ben niet zo belangrijk, hoe graag ik ook zou willen , geef mijn vaccin liever aan iemand die belangrijker is!
Nee ik ben er niet het type voor om mijn vaccin per opbod te verkopen, ik stel gewoon een anoniem iemand in staat “ridder covid” in dienst te nemen.


adres onbekend

Ken je het programma? Het is een zoekprogramma dat ik op zondagmiddag altijd beluister op de regionale radiozender.
Ja er zijn soms ook wel TV versies van maar daar kan ik niets mee. Op de radio is het meer mysterie denk ik.
Ik ben ook niet zo goed in emoties zien bij mensen en emoties komen in dat soort programma’s ruim aan bod.
Er zijn soms de wonderlijkste zoektochten zoals vandaag. Een meneer die niet heel lang meer te leven heeft zoekt naar een familie waar hij in zijn jeugd een soort van “kind aan huis was”. Zijn ouder waren gescheiden. hij had het moeilijk thuis en was graag bij die familie. Hij zocht ze omdat hij ze zo graag nog wilde vertellen hoeveel ze voor hem betekend hadden in die tijd.
De familie is gevonden, het was ontroerend!

Er was een ook dame op zoek naar haar natuurlijke moeder die haar als baby had afgestaan. Ze had haar jaren geleden al eens gevonden, contact gezocht en er kwam toen een ontmoeting waarbij de moeder erg boos werd en haar letterlijk te lijf ging. Onvoorstelbaar!!! De dochter moest beloven haar nooit meer op te zoeken en hield zich daar tot nu toe aan.
Maar nu kroop het bloed waar het niet gaan kan, ze hoopt haar nogmaals te vinden en vooral, dat haar moeder ondertussen wél contact wil.

Heel schrijnend, zoals er juist in dat programma nog vaak kinderen naar een natuurlijke ouder zoeken. Het gaat daarbij vaak om tachtigers dus is haast geboden. Zo te zien werd er wat áfgerommeld in die tijd, soms komen er overal half-broers en zussen vandaan. Waarschijnlijk nog van net vóór goed verkrijgbare voorbehoedsmiddelen, gevolgd door de flower powertijd. Zo zocht er een dame naar haar natuurlijke vader waarvan zij alleen de naam wist en dat hij haar aangeven had bij de burgerlijke stand. Er werd een broer van de man gevonden, die vertelde dat de broer die de aangifte had gedaan al overleden was maar…. hij vertelde óók dat zijn broer de aangifte was gaan doen op zijn verzoek en…. dat hij de vader was die in die tijd even het overzicht kwijt was bij de onvoorziene zwangerschap. Je kunt bijna geen spannender plot voor een roman verzinnen!

Maar er zijn ook zaken waar ik een minder goed gevoel bij heb, mensen die alleen zijn komen te staan en op zoek gaan naar een oude liefde. Ik wéét het niet, moet dat nou? In sommige gevallen was zo’n oude liefde ontroostbaar geweest toen het uitging, moet je zo iemands leven dan overhoop gooien, zelfs al hebben die meestal wel een ander lief gevonden. Het gebeurt natuurlijk altijd onder het mom van “ik wil graag weten of hij/zij toch gelukkig is geworden”! Ja, ammehoela, ze willen gewoon weer makkelijk aanpappen nu ze alleen zijn, leer mij die alleenstaande oudjes kennen!

smurfenjacht

Inderdaad, ik was vanmiddag op “Smurfenjacht”. Ik mocht mee met Levi en Amber die al de hele week op smurfenjacht waren in het grote park waar ze heel dicht bij wonen. Het schijnt iets te zijn dat wereldwijd via het www. kan gebeuren.
Natuurlijk loopt mama Jennifer ook mee want die geeft de aanwijzingen door die ze op haar telefoon leest.
Ze moeten nog maar één smurf vinden, dat is de bonus opdracht.
Met de aanwijzingen vonden ze de rest al. Op de lastigste plekjes in doosjes, kokertje, onder brugleuningen enz.
Soms moeten ze het met een touw uit een boom halen en soms onder boomstronken vandaan halen. Je mág iets aan de inhoud toevoegen, of omruilen voor iets van jezelf. Dan vullen ze hun naam in op lijstje dat erbij ligt en bergen alles weer op zoals ze het gevonden hadden zodat een volgend kind het weer kan “vinden”.

Wat een onwijs leuk initiatief, Levi en Amber gaan er graag voor naar buiten, zelfs als het regent en het in het park een enorme baggerbende is. Het is hun jasjes wel aan te zien, gelukkig maakt mama Jennifer geen probleem van jasjes met modder want tja, álles is nat en bij smurfenjacht moet je nou eenmaal wel eens aan vuile boomstronken komen.
Voor de zoektocht naar die laatste smurf mocht ik ook mee, zonder waterdichte schoentjes zoals de kinderen hebben, en zonder paraplu maar Levi deelde grootmoedig de zijne met oma-grootje.
Wat een heerlijk stel is het toch zoals ze daar zingend onder die parapluutjes huppelen……… wel normale kinderen hoor, als ze op de terugweg moe zijn harrewarren ze als ieder ander kind.

vorstelijk

Een enkele keer zie je het wel eens, een man die het portier van de auto open maakt voor zijn vrouw, haar rustig in laat stappen en dan secuur het portier sluit. Niet vaak nee ik geef het toe en zoals mijn zwager vroeger altijd zei; “meestal is dan óf de auto, óf de vrouw nieuw”. Het is uiteraard meestal een auto uit het, begerige blikken oproepende, “wat duurdere” circuit. Of als de auto “iets minder is” blijkt de vrouw een soort Porsche onder vrouwen waarom men de man benijdt.

In de regel klopt dat allemaal wel, maar het kán dus ook anders zie ik soms bij mij in het straatje.
Er woont een beetje kleurloos echtpaartje dat ik eigenlijk niet zo vaak samen buiten zie. Aardige mensen van iets ouder dan middelbaar, áls ze al opvallen dan misschien als wat shabby. Ze wonen er al jaren en ook al zó lang staat er voor de deur een piepklein autootje, ik schat al een jaar of 15.

Je kent het wel, zo’n auto met scooterwieltjes, en met één portier (tje) aan iedere kant waarvan een béétje postuur al spierpijn krijgt bij de gedachte er door te moeten kruipen. Hoewel ik nooit zie dat de auto gewassen wordt ziet hij er altijd keurig uit, eigenlijk net even beter verzorgd dan het echtpaar zelf.
Een enkele keer komt het echtpaar samen naar buiten, meneer loopt dan naar de bijzitterkant, opent met alle egards het portier, doet een stapje opzij waarna mevrouw instapt alsof het prins Bernard toch nog gelukt is één buitenechtelijk kind geheim te houden. Hij sluit het portier zorgvuldig en stapt dan pas zelf in waarna er minzaam naar me gezwaaid wordt als ik het tafereel toevallig gade sla omdat ik boodschappen ga doen.

Het is een beetje vertederend, en ik kijk ze glimlachend na! Ach… het hóeft dus niet altijd een Jacquard of een schoonheidskoning te zijn om een vrouw vorstelijk te behandelen. Uiteindelijk heeft Henk zolang hij nog met de sleutels overweg kon ook voor mij de huisdeur open gemaakt waarna hij me voor liet gaan naar binnen. Bij de auto liet ik hém de laatste jaren vorstelijk in stappen in onze doodgewone Suus.

scherven…..

…. brengen geluk zegt een spreekwoord. Het zál wel, maar voorlopig spreekt; “daar heb je het gedonder in de glazen” me meer aan.
Eigenlijk “loop ik een beetje op een glazen bruggetje” al hóóp ik dat “het een storm in een glas water is” want behalve glas breken kan er in een huishouding nog van alles mankementen vertonen.

Zoals een CV ketel met een meer dan dorstige inslag waarvoor de oorzaak nog niet gevonden is… en het probleem óók onder de grond kan liggen.
En een wc vlotter die niet van ophouden weet en maar blijft spoelen maar ja, de winkels zijn dicht dus ff met het spul een passend onderdeeltje halen is niet aan de orde. Gelukkig is het de wc boven en kan ik het kraantje dicht houden.
Je weet wel, van die onbestemde dingen die soms zowel uit de hand kunnen lopen als in de papier.

Dan zijn die scherven zeker overzichtelijker zelfs al hadden ze óók weer iets te maken met iets dat niet goed werkte.
Je kent het wel, spotje in de glazenkast doet het niet meer, zit ingebouwd en een beetje onhandig hoog.
Maar het moet eruit om het te kunnen vervangen en vóór je het weet vliegen de glasscherven je om de oren. En dan heb ik natuurlijk géén geschikt nieuw lampje in huis en is het lampenwinkeltje in het dorp ook al gesloten.
Er zijn 2 glaasjes gesneuveld, op zich zo erg niet.

Het zijn likeurglaasje van een oorspronkelijk 30 delig glasservies.
Het was één van de eerste dingen van “onze uitzet” en we wonnen het nog voor we getrouwd waren tijdens een feestavond van de dansschool, in een tombola als ik me goed herinner.

Op de bier/limonade glazen na heb ik van iedere glassoort nog wel iéts, in totaal nu nog 13 stuks.
Het drinkgedrag was in die tijd ook iets anders dan tegenwoordig.
Vroeger vond ik een likeurtje wel lekker, we hadden een speciaal trechtertje om verschillen kleuren likeur in te schenken die dan op elkaar bleven drijven. Dat had iets met het soortelijk gewicht te maken geloof ik.
De likeurglaasjes (L) vond ik het mooist van vorm. Het glaasje ernaast is een jenever glaasje , oude, jonge bessen- of citroenjenever…. het werd in die tijd op verjaardagen geschonken in deze glaasjes.
Daarnaast het sherry glas, die zijn tegenwoordig veel hoger en smaller uitlopend. Het wijnglas daar weer naast is tegenwoordig véél groter al giet men er in een restaurant maar nét zo veel…. eh weinig in als in dit oude glas past.

Ach, al met al ga ik die glaasje niet missen en nu ze toch in scherven liggen moeten ze maar andere dingen doen dan ze gewoon waren….. zorgen dat ze geluk brengen!
Zorgen dat het probleem met de cv ketel opgelost is met het nieuwe expansievat al heeft de monteur nog twijfels en kán er een lek onder vloer zitten.
Wat denk je, zal ik voor alle zekerheid nóg maar een paar glazen tegen de grond gooien?
We kunnen toch nooit tevéél geluk hebben?

de dader…..?

………ligt op het kerkhof is een oud gezegde dat betekend; “de dader van het een of ander misdrijf is niet te vinden. Men bezigt, deze woorden, wanneer de een de schuld van het kwaad op den ander werpt en de eigenlijke dader niet te vinden is.”

Daar moest ik aan denken toen ik aan de slag ging om de boel een beetje “kersterig” te maken.
Op de piepkleine schoorsteenmantel staat altijd m’n eerste kersthuis dat we ooit van Inge kregen. Uit het begintijd van de kerstdorpen en het is dus ook wat groter dan de anderen.
Voor de kerst kwam ook de tweede engel weer uit de kast waar ze overzomerde!
De engelen kreeg ik vorig jaar na een hartveroverende Sinterklaas actie, ach dat weet iedereen nog wel en Henk hád iets met de engelen.
Steeds weer stond hij met zo’n kwetsbaar engeltje in zijn hand, bekeek het van alle kanten en zette het dan weer heel voorzichtig neer, tot die éne keer!
Vanuit de keuken hoorde ik een klap en het engeltje bleek helaas niét te kunnen vliegen.

Het lag op de grond, het hoofdje afgebroken en de vleugels nog maar aan één puntje vast met wat breukschade aan de aanhechting aan de achterkant.
Gelukkig had ik een grote tube lijm in huis, verder had ik nog wat geduld, in dit geval natuurlijk “engelen” geduld, en zo kunnen de dames toch weer samen hun beschermende taak verrichten.

De reparatie is niet helemaal onzichtbaar gelukt maar de gelijmde breuk in de hals zou évengoed een parelketting kunnen zijn al weet ik niet of engelen iets met sieraden hebben, wél met veren, maar de veren vleugels zitten ook niet echt aerodynamisch verantwoord meer, mwah…ze vloog toch al slecht.
Maar even terug naar de dader….. die zou dus letterlijk op het kerkhof gelegen hebben ware het niet dat hij rustig in zijn urn in de kast staat.
De engelen zijn me natuurlijk dierbaarder dan ooit en zijn onvervangbaar.
En ach, ze zijn in goed gezelschap. Voor het huisgeveltje op de schoorsteen staat een koets met een paard ervoor, ook dát onderdeel heeft schade geleden. Waarschijnlijk is het paard op hol geslagen en heeft daarbij de po…. benen gebroken, de koetsier hangt zonder benen naast de koets en het echtpaar in de koets draagt óók “een ketting” omdat ze het hoofd verloren bij het ongeluk “

Het kerkje besloot op enig moment geen kenmerken van het geloof te voeren maar ik ben voor vrijheid van geloof zolang je er anderen niet mee lastig valt , en een groot kruis naar beneden gooien zie ik als overlast en gevaar. Ik had de lijm toch in m/n hand. Dat de pastoor niet op z’n benen kan staan wijt ik aan de mis wijn , niet aan het eventueel missen van voeten. Er moet vorig jaar ook sprake van vandalisme geweest zijn, in één van de huisje is blijkbaar een raam ingegooid en van de lantaarnpaal zijn twee lantaarns afgebroken.
Ach…. met al z’n onvolkomenheden horen ze gewoon hier, zo héél volmaakt ben ik zelf nou ook weer niet.

bewezen?

Heel kort door de bocht…… als na één week mondkapjesplicht de coronacijfers weer omhoog gaan zóu je kunnen denken dat de eerdere stelling; “schijnveiligheid, ze maken dat mensen minder afstand houden” bewezen is.
Voor mij staat vast dat juist die afstand houden de belangrijkste peiler is om het virus zo min mogelijk kansen te geven.

Heel veel nut zie ik dus niet in de mondkapjes, al draag ik ze braaf op plaatsen waar dat verplicht is. Uiteindelijk kwam het virus “tot ons” vanuit China, het land waar men buitenshuis al ver voor corona mondkapjes droeg.
Maar goed, je bent moeder van een wetenschappelijk onderzoeker of niet, zó kort door de bocht kun je de cijfers niet interpreteren.
Ik schreef in eerder een logje een ( van Ruud gepikt) hilarisch voorbeeld over “aan welke eisen gedegen onderzoek moet voldoen.”
De belangrijkste eis voor een betrouwbaar onderzoek is dat de omstandigheden waaronder onderzoek gedaan wordt precies gelijk zijn.
Ga d’r maar aan staan, gelijke omstandigheden in de huidige situatie immers, ongeveer gelijk met de aanstormende kapjesplicht was het “black Friday”. Natuurlijk werd die dag goed benut omdat er ook Sinterklaas inkopen gedaan moesten worden.
Het was dus overal veel drukker dan de weken ervoor, daar gáán je gelijke omstandigheden. En al lijkt het voor mij nog steeds logisch dat wanneer de kapjes wérkelijk zouden helpen het aantal besmettingen niét gestegen zou zijn door de beschermende werking van de kapjes kun je op z’n minst stellen dat er nog veel andere factoren van invloed blijken te zijn.

Je zou je ook af moeten vragen of de cijfers nog méér omhoog gegaan zouden zijn zónder mondkapjes in deze periode, maar hoe ga je dát dan weer bewijzen. Wat ik dan weer betwijfel omdat de meeste besmettingen toch binnen plaatsvinden. Het enige dat echt logisch klinkt is dat hoe minder mensen er bij elkaar komen, hoe minder besmettingen er kunnen plaatsvinden. Als je met 2 mensen samen bent kun je er maar twee besmetten, ben je met vijf mensen samen kúnnen dat dus ook vijf besmettingen zijn. Eigenlijk het principe van de kettingbrief, het breidt zich in steeds grotere kringen uit.
Ja, ja, ja, ik weet het, ik ben natuurlijk het soort onderzoeker dat bij voorkeur spijkers op laag water zoekt, Het zij zo!

té leuk

Nog drie weken en dan…… ja dan is het bijna Sinterklaas avond. In onze familie toch wel hét feest van het jaar al probeert dit jaar niet alleen de groep KOZP het feest onder het kleed te schoffelen maar doet het Corona virus z’n best om het definitief de nek om te draaien.

Gaat niét gebeuren in de familie Rietepietz, écht niet. Zelfs niet al hebben we een gelovige minder want de 8 jarige Levi kreeg zo z’n twijfels. Er is een erg leuk boek in de handel dat op een leuke manier het verhaal van het Sinterklaas feest vertelt.
Samen met papa en mama heeft Levi het boek gelezen en heeft hij zijn handtekening gezet in het juiste vakje waarmee hij belooft dat hij het geheim niét aan Amber of andere kleine kindje doorvertelt. Daarna kijk hij gespannen bij papa op schoot naar de filmpjes van eerdere jaren, of die zwarte Piet nou écht opa is.

Volgens Fokke & Sukke wordt Sinterklaas dit jaar ook in Amerika gevierd maar dan toch vast anders dan bij ons.
Omdat Iedereen meer thuis is dan anders gingen er al snel stemmen op om surprises te maken….. iedereen vóór natuurlijk. Maar ja, dat virus….. we zijn toch met minstens 9 volwassenen,
Maar onze “regelateuse” Jennifer ziet geen probleem. We hópen natuurlijk dat we op 5 december allemaal bij elkaar kunnen zitten in haar ruime huiskamer met de tuindeur een beetje open, desnoods een heater voor die deur.
Maar als dat dan nog niet mág zorgen we ervoor dat er in drie huizen de juiste surprises op tijd aanwezig zijn én er overal iemand is die zorgt voor een skype verbinding.” Oma Grootje”, ik dus, krijgt voorrang voor het huis waar de kindjes zijn en dus “hoogstwaarschijnlijk” Sinterklaas en zwarte Piet nog een bezoekje brengen. Dat is nog niet zeker want ook dat heeft met aantallen te maken. Ik voel een complot theorie opkomen.
Natúúrlijk zeg ik ja op de uitnodiging om mee te doen, het is een té leuk feest om er niet m’n best voor te doen.
En ja, ik ga natuurlijk óók een surprise maken al zal dat een stuk minder lollig zijn dan eerdere jaren. Het samen brainstormen en knutselen staat garant voor grote lol vooraf maar oke… dat moet maar wennen.
We gaan aftellen…….. hebben jullie al plannen?


Glibberig

Toegegeven, de verleiding was héél groot om dit logje te beginnen met; “Rietepietz  heeft het gezellig met een toyboy in bed”.
Na alle ernst gewoon wel toe aan een beetje keten.
Néé natuurlijk niet echt met een toyboy  in bed maar hier even de boel op het verkeerde been zetten.
Evengoed lag ik wél in bed  te praten met een wat jonger manspersoon alleen….. er zat nog zo’n 25 kilometer tussen én twee telefoons niet te vergeten!
Dat zat zo.

Leidse Glibber is één van m’n “oudste” blogmaatjes en ik ken hem ook in het”echie”.  Een heel bezig baasje  en  ondertussen “wereldbekend” in Leiden.
Hij werd zelfs  benoemd tot ereburger  van Leiden en dat word je heus niet zomaar.
Toen ik hoorde dat hij de gast was in een programma van sleutelstad. tv  heb ik natuurlijk gekeken. Sleutelstad is een nog  jonge regionale TV zender die het middagprogramma van een uur  grotendeels aan Leiden’s  ereburger wilde besteden. Glibber praat met gemak zo’n uur vol, en zónder te stotteren of iedere zin met eh…. te beginnen.
Kunnen veel hotemetoten nog iets van leren.

De mensen van de zender kunnen nog wel wat tips gebruiken over de camera/microfoon opstelling, oke , er mocht  door de virus maatregelen geen cameraman in de ruimte zijn wat voor  een presentator toch een handicap is. De eerste 10 minuten waren wat daardoor wat rommelig.
En dus stuurde ik Glibber (Emile van Aelst) een appje met, ter lering ende vermaak, een foto van het beeld dat ik soms zag.
Natuurlijk kop ik ‘m in, en schrijf bij de foto;” je had je zeker flink moed  ingedronken, beter niet doen volgende keer“.
Als ik nét naar bed wil gaan is er een appje terug. Normaal blijft de telefoon beneden maar ik  neem ik ‘m nu wel maar even mee naar boven.
We appen korte zinnetjes  heen en weer terwijl ik ondertussen in bed ben gekropen  en dan belt m’n mobiel! Véél makkelijk zegt Glibber, klopt, we zijn allebei meer van  het kwekken dan van het “telefoontypen”  dat is wel duidelijk.
We keten even over dat hij nu eigenlijk een soort van ” bij me in bed ligt” en dat we daar maar beter geen logjes over kunnen maken. We hebben het  over het leuke  interview dat voor mij , als trouwe lezer van zijn blogs, niets nieuws bracht.

En ja, we kennen elkaar al lang, hij wéét natuurlijk alles van mijn situatie.  Hij zit al wat verder in zo’n proces, zijn vrouw stierf  twee jaar geleden na een naar ziekbed en zo schuiven we virtueel toch een beetje tegen elkaar aan, herkenning weetjewel. Ik zeg het nog maar  eens….. wat is mijn blog wereldje ook áchter het blog om toch mooi én  troostrijk.
Helaas, toch weer niet écht keten geworden hé, jammer!  Ach, Glibber is ook nét niet  jong genoeg om een  toyboy te zijn.

 

Vorige Oudere items