roeien met….

Dat kunnen we wel zeggen, het is een tijd van ” roeien met de riemen die je hebt” en ik moet zeggen dat veel mensen dat ook heel goed doen.
Markten zijn hier en daar afgelast maar in Rijswijk ging de zaterdagmarkt gelukkig door. Onder streng toezicht losten alle marktkooplieden het allemaal weer net even anders op maar het werkte allemaal!

Ook bij de slager waren met tape grote vierkanten geplakt  waarbij ik de aanvechting om te gaan hinkelen maar  ternauwernood kon onderdrukken en er mochten niet meer dan 5 mensen tegelijk binnen.
Gelukkig kan onze kleine middenstand dus nog iets verdienen  en waar het voor de éne branche helaas rampzalige tijden zijn  kunnen andere bedrijven het hoofd goed boven water houden.
Alle aanpassingen vragen wél veel inzet van het personeel, dat weet ik uit betrouwbare bron.
Van Inge ja, zij werkt sinds een half jaar in  het restaurant van een groot tuincentrum maar dat moest dicht natuurlijk.
Het tuincentrum bleef open want nu mensen meer thuis zijn  wil iedereen de tuin voorjaar klaar maken. Drukke tijden daar  in het voorjaar, Inge  zit dus niet thuis   maar kan zich anders nuttig maken.  Kijk,  “chefkarretjes ontsmetten”  om  het winkelen zo veilig mogelijk te maken.
Ook dáárhelaas nog steeds mensen die niet doorhebben dat  die maatregelen voor ieders veiligheid zijn zodat Inge te dealen heeft met mensen die overtuigd moeten worden dat ze zónder kar (wegens het te controleren aantal) de  winkel niet in mogen. Gelukkig is Inge een “diplomaat” waar menig politicus nog wat van kan leren en dat lukt haar wel.
Knap hersenloos  dat er mensen zijn die, nu er geen munt in het karretje hoeft de kar gewoon in de winkel achterlaten (dat waren er zaterdag maar liefst 70)  i.p.v.  inleveren zodat de kar weer  schoongemaakt kan worden want inderdaad, in het tuincentrum wordt iédere kar al twee weken lang na gebruik schoongemaakt. Tja, zij schenkt óók liever een kopje koffie voor de klanten maar  ziet het nut van schone karren, ze klaagt niet al is het niet haar werk.
Ze draagt wél handschoenen maar geen mondkapje, de karren zorgen ervoor dat de afstand met de klant er altijd is, de hele dag zo’n kapje op je gezicht is echt geen pretje. Ze komt wél hier maar houdt flink afstand.
Ruud houdt héél veel afstand, hij was werkgerelateerd in Amerika. Hij wordt uiteraard node gemist door zowel zijn lief als door ons, maar zaken gaan nog altijd voor het meisje. 100% van hieruit werken kan helaas  niet,  en op en neer reizen is geen optie  dat is wel duidelijk.
Een mondkapje dragen is hem niet vreemd, wie met cellenonderzoek te maken heeft werkt  altijd al in een extreem steriele omgeving waar  een mondkapje maar een onderdeel van beschermende kleding is. Maar om nou een mondkapje te dragen voor een facetime gesprek lijkt me érrug overdreven
Zucht…. ik gooi er nog maar even een aangepast muziekje tegenaan, omdat het zó  geweldig gedaan is!

voor wat, hoort wat

Een Nederlands gezegde dat “voor wat hoort wat”, betekent ongeveer, als iemand iets aardigs voor de doet doe je, de gelegenheid zich voordoet , ook iets aardig voor die “iemand”. Wat mij betreft is dat niet perse móeten, je mag best iets aardigs voor iemand doen zónder iets terug te verwachten. Maar inderdaad,  het wordt óók vaak een  beetje als  verplichting gevoeld,  Dat kan zowel bij de gevende als de ontvangende kant voorkomen.

Voor mij is het  nooit een verplichting, de gedachte dat “geven zaliger is dan ontvangen” speelt daarbij een rol. Vroeger  had ik best wel moeite met de rol van ontvanger maar juist omdat ik zelf geven zo prettig  vind had ik op enig moment toch door dat je een ander óók dat plezier moet gunnen. Laten zien dat je blij gemaakt werd is dan toch een soort …”hoort wat” en gewoon voldoende.

Dus toen de heren stratenmakers 2 weken geleden ongevraagd zo’n mooie gladde overgang van ons tuinpad naar de stoep maakten ben ik even naar de mannen toegelopen om ze laten merken dat ze me blij gemaakt hadden.  Vonden ze leuk hoor! Maar gisteren kon ik dus toch iets terug doen.

Weet je nog, met bákken kwam de regen uit de lucht en de vier mannen gingen alleen voor de ergste buien even in de keet zitten maar waren verder in oranje regenpakken gehuld met capuchons  als een soort grote kabouters  gewoon aan het werk.
Op weg naar de auto om de rolstoel te halen riep ik;  “jullie treffen het niet hé, maar je maakt zo toch  wel een lekker warm bakkie koffie in de keet?”
Helaas kon dat even niet vertelde hij, het water was op! Zo’n keet is natuurlijk geen luxe caravan had ik in het voorbij gaan al gezien als de deur open stond.

Kleine moeite om de ( stoffige) lege jerrycan even met fris water te vullen  met de boodschap dat ze daar altijd voor mogen aanbellen. Op mijn vraag of ik ook even snel een pot koffie voor ze zou maken werd  “nou heel graag”gezegd.
Eigenlijk niet eens écht  een wederdienst want mensen die hard werken in dat hondenweer zou ik zonder meer óók koffie aanbieden als zou blijken dat ze dat zelf even niet kunnen maken. Het zijn overwegend nog jonge knullen  die ook nog de hoffelijkheid hebben om snel aan te komen lopen als ik met de jerrycan met water de deur uit kom stappen, leuk toch , heb ik ; “een steentje bijgedragen” om hun werkdag draaglijker te maken….

kijkt het steentje ligt op de grote hoop, ja dáár onderaan, want ondertussen rijden ze met het hef truckje af en aan om weggehaalde stenen op de hoop te gooien.

zo aardig

Sommige mensen wéten hoe je vrienden maakt.  En als dat van twee kanten mag komen kunnen er leuke dingen gebeuren.
Al weken geleden hadden we bericht gekregen dat de stoepen  her bestraat zouden worden, dat zou enige overlast geven maar zo nodig zouden er planken gelegd kunnen worden om de woningen bereikbaar te houden zonder door het zand te moeten lopen.

Tja, zonder overlast kan zoiets natuurlijk niet want, tjongejonge, wat zijn die mensen vroeg in touw, om 7 uur, als het nog stikdonker is wordt er al gewerkt, oude tegels eruit en opstapelen, bergen zand storten, nieuwe tegels aan laten rukken en stapelen, en veel machines om de boel aan te trillen,  tegels op maat te snijden enz,enz!

Maar oke, ik ben dan ook al in touw dus heb er geen last van.
Aan de overkant heb ik geen planken gezien,  de heren  gooien steeds maar een paar meter open en maken dat weer snel dicht met nieuw zand en nieuwe tegels. De halve tegels laten ze even wachten, net als de rand steentjes die ze uit de straat halen naast de stoepranden die ook wat omhoog getrokken moeten worden. Aan onze kant gaat het ook zo en de de kijker heeft al gezien dat het met rolstoel slalom lopen  wordt  waar dan nog, of alweer tegels liggen. Ik laat de rolstoel dus in de auto die aan de kant staat die al klaar is en loods Henk  voorzichtig over de obstakels en gaten heen.


Als ik de rolstoel nodig heb kan ik daar dan rustig uit de auto halen. Zodra het voor onze deur de Sahara dreigt te worden  schiet ik één van heren aan en vraag  hoe de planning is. Ze hebben me zien scharrelen met Henk en vragen of ze planken moeten leggen maar ach, ik kan mijn plannen makkelijk aanpassen zodat ik er  helemaal niet door hoef zodra het een paar uur een zandbak is.  Ik  let er verder niet zoveel meer op.

De   voortuin paden eindigen waar de  stoep begint met een dwars rijtje straatsteentjes  dat bij de meeste wel verzakkingen door het gebruik laat  zien, óók bij ons.
Als ik de volgende morgen naar buiten ga zie ik dat onze steentjes eruit zijn. In de plaats daarvan ligt er (als enige zag ik later) een prachtige gladde strook  tegel over de hele breedte keurig aangesloten op de stoep. Je begrijpt, ik ben de heren héél vriendelijk gaan bedanken voor hun “meedenken”.

 

met lof

Heerlijk, ik ben vandaag geslaagd met lof! Nee, examen hoefde ik niet te doen  maar tóch kwam de  lof me toe, ik heb er gewoon voor betaald. Néé  joh, ik hoefde niemand om te kopen, ik was bij “de groenteboer” in Delft.

Niet écht naast de deur maar helaas is er sinds de laatste  groenteboer in het  oude centrum van Rijswijk zijn deuren sloot nérgens meer fatsoenlijk lof te koop. Ja daar zeurde ik al eerder over, hier, en   vorige week nog tegen de groenteman op de markt.
Dat er tegenwoordig alleen maar zwaar uit de krachten gegroeide stronken lof in zijn kraam liggen, en dat ik op zoek ben naar de prachtige kleine stronkjes Brussels lof waar ik in het verleden altijd zo van smulde.

Hij vertelde me dat lof tegenwoordig op water gekweekt wordt en dat ook de kleinere stukjes lof op water gekweekt zijn, er is niet anders meer. … hij zal wel gelijk hebben want inderdaad, die uit hun krachten gegroeide stronken smaken voor geen meter naar lof, wél naar water.

Gelukkig schoot me ineens weer te binnen dat ik vorig jaar in Delft per ongeluk een ouderwetse groentewinkel passeerde, een blik naar binnen wierp dat blik heb ik natuurlijk opgeraapt en meegenomen en verrukkelijke kleine stukjes lof kon scoren.  Ik gooide er een trammetje tegenaan in de hoop dat die groentewinkel in dat typisch Delftse smalle straatje  er nog is,…… zie ik daar in de verte niet de groene kap?

Inderdaad, de winkel is er nog en nog mooier… ik  kan er kiezen voor lof dat op water gekweekt is maar ze hebben  zowel grote als kleine stronkjes “van de koude grond”!

Er staat een kartonnen  kistje vol met prachtig kort lof, nog best redelijk betaalbaar  want ik heb maar voor 1 persoon nodig, Henk houdt niet van lof. Tóch neem ik wat meer omdat   Inge  óók alle lof verdient. En dan niet die waterige afgeleide  van lof  die in de supermarkt te koop is.  De klant laten kiezen schijnt daar helaas niet te kunnen.

gelijke monniken ?

Gelijke monniken gelijke kappen, mooi spreekwoord alleen ff jammer dat er bij gemeente geen monniken werken, die hebben dus zwaar maling  aan die gelijke kappen.
Na de afwijzing voor een bijdragen voor de traplift  moet ik binnen 6 weken bezwaar indienen, ondanks de ( ook voor de post) drukke decembermaand doe ik dat dus ruim binnen de tijd.


Op vrijdag 10 januari ontvang ik een brief met een formulier om aan te geven of ik “gehoord”wil worden. Het bijgevoegde aanvraagformulier moet ik dan ingevuld en ondertekend ….


….Inzenden……. dus welgeteld 8 dagen waarvan  slechts op 5 dagen post bezorgd kan worden.
Je zóu zeggen, ze maken er haast mee maar niéts is minder waar…..


De oorspronkelijke tijd waarin normaal  zo’n procedure in behandeling genomen kan worden wordt niet eens vermeld, en dáár komt dus nog 6 weken bij!
Zucht, gaat een zaak van de lange adem worden vrees ik!

Voor wie zin heeft in  mijn aanloopje naar een hoorzitting….. ga gerust je gang en lees verder…………maar sla het gerust over.

Rijswijk 6-1-2020

  1. 1 losse bijlage t.w. de officiële afwijzing van de gemeente

Aanvulling op mijn brief d.d 8-11-2019 uw kenmerk xxxxxx

Art. 9, t.w “men heeft géén recht op een vergoeding wanneer het hulpmiddel niét vooraf aan gevraagd werd”  is m.i. een grof staaltje onbehoorlijk bestuur.

Gevraagd naar de reden van  dat artikel  werd “het voorkomen van misbruik” aangegeven.  Doorvragen over wélk misbruik leverde het volgende antwoord op. “U heeft de traplift betaald, had dus het geld en heeft geen bijdrage nodig.

Omdat de lange wachttijden bij  de WMO een stuk bekender zijn bij “cliënten” dan  het art. 9 uit het reglement  lijkt  het artikel slechts  te bestaan  om niet te hoeven uitkeren.

Men  profiteert van het feit dat ieder weldenkend mens, geconfronteerd met gevaarlijke situaties in een 24 uurs mantelzorgsituatie, wel móet kiezen voor opties die het gevaar kunnen verminderen.

Al moet het geld geleend worden of, zoals in mijn geval met een gezond huishoudboekje, door het schuiven met reserveringen voor andere belangrijke zaken die dan maar moeten  wachten tot  een bijdrage het ontstane  gat kan vullen.
Niemand is immers gebaat bij van de trap vallende mensen, zeker de zorg niet, zodra ik uitval moet mijn man naar een tehuis.

Art. 9 moet dus geschrapt worden, de aanvraag wél  vooraf  indienen betekent immers niét automatisch recht op een bijdrage. Ter zake doende  beoordelingsregels  zijn;

“is er een noodzaak” en “ is het redelijk dat er een bijdrage gevraagd wordt”
De WMO  heeft de plicht dát te onderzoeken  maar door art.9  wordt daar  dus zelfs niet naar gekeken in die gevallen dat men zélf snel in actie  komt uit noodzaak.

Qua efficiëntie zou de WMO nog iets van me kunnen leren.
Omdat ik wél het kostenplaatje voor ogen heb (en bést wel andere dingen aan mijn hoofd heb)   vroeg ik de casemanager pas bij het eerstvolgende contact, (heel kort) na plaatsing van de lift een aanvraag in te dienen.

Men had in de aanvraag al kunnen zien dat de lift al geplaatst was ,  toch zet men  mensen aan het werk om een afspraak voor huisbezoek te maken, dat na drie maanden ook plaats vindt om in 2 minuten te constateren  dat  door art.9  geen recht is  op  ondersteuning.

Ook daarna worden mensen aan het werk gehouden om een “ondersteuningsplan” te schrijven waarin staat dat géén ondersteuning zal plaatsvinden. Een gotspe!
Het ondersteuningsplan blijkt dan weer  géén “weigering”   te zijn, daarvoor moeten wéér mensen aan het werk om een officiële weigering op papier te zetten en te verzenden.
Als simpele ziel ontgaat mij de noodzaak voor dit extra werk maar het verklaart wél waarom je bij de WMO dus  10 weken moet wachten op zelfs maar een reactie!
(vervolg blad 2 )

Over de noodzaak van snel een traplift dit;
Al zou slapen op de bank in een noodgeval wel een nacht kunnen, wegens mijn man’s  ontlasting incontinentie (waar hij wegens flink gevorderde dementie zelf niet mee om kan gaan)  moet ik ook in de nacht helpen maar zou dan ook beneden moeten slapen wat niét kan.
Een volwassen man’s edele delen dagelijks enkele malen van (veel) poep ontdoen is géén optie aan de keukenkraan of wc fonteintje, daarvoor is de badkamer noodzakelijk. En die is boven.

Over misbruik dit;
Als ik misbruik zou willen maken zou ik  een PGB aangevraagd hebben, dáár wordt voor miljoenen mee gefraudeerd kwam nog kort geleden in de media. Wij zijn van die sukkels die eerst alle reserves steken  in aanpassingen voor het bed, badkamer , alarmsysteem, huishoudelijke hulp, rolstoel, invalidekaart enz.  en dan van de WMO tot nu toe alleen maar afwijzingen kregen  voor welke hulp dan ook die op papier  zo gul aangeboden wordt aan mantelzorgers. En dat terwijl ik al  3 jaar lang 24/7 voor mijn ondertussen zwaar demente man zorg.

Reken eens uit hoeveel ik de zorg al uitgespaard heb…… en met mij vele anderen die de tijd en de energie niet meer hebben om het gevecht met dit soort bureaucratie aan te gaan.
De WMO komt afspraken niet na ( er zouden mij meerdere opties geboden worden) en bezorgt mij slapeloze nachten waar  de WMO bedoeld is om mijn zorgen te verlichten.

Geloof me, ik blijf zélf voor mijn man zorgen tot ik erbij neerval, óók zonder Uw medewerking, want zelf vind ik bij de huidige zorg de pil van Drion een prima optie, ik heb hem in huis,  mijn man is mijn pil van Drion.

Mevrouw Rietepietz

tja.. die kerstgroet

Sinterklaas bracht me   een kerstgroet vanuit Spanje, je weet wel, de bloemen bon die op 5 december uit de zak van Sinterklaas kwam. En de bon was méér dan ruim voldoende voor een kerststuk dus ik mag er nog een paar keer bloemen mee kopen. Dank U Sinterklaasje.


De al binnengekomen kerstkaarten hangen ook, heel gezellig.  Er is wel duidelijk een tendens naar minder kerstkaarten per post. Logisch, er zijn ondertussen ook genoeg andere manieren om familie en vrienden fijne kerstdagen en een voorspoedig nieuwjaar te wensen.
Je kunt bellen, maar dat is ook al een beetje achterhaald, een @mail sturen of een appje met een leuk plaatje met je mobiel sturen.


Eén trend begrijp ik niet zo goed. Ik ontving per app een lampion (zonder kerstwens) van een donatie aan het KWF die iemand stuurde b.w.v. kerstwens. Dié logica ontgaat me, je stuurt wél of geen kerstwens en als je dat niét doet kun je  daar tal van goede en ook wel verkeerde redenen voor hebben.
Maar blijkbaar voelen mensen die géén kaarten sturen zich daar wat ongemakkelijk bij, hebben het gevoel dat ze dat moeten compenseren door een donatie te doen aan een goed doel. Maar wie of wát compenseer je dan, of is het vorm van je geweten sussen omdat het toch niet goed voelt niets te versturen.

Ik hóef helemaal niet te weten of en zo ja waaraan men doneert Bovendien heb ik niet zoveel  op met die grote liefdadigheid fondsen, ze hebben alleen al veel geld nodig om zichzélf in stand te houden, dure gebouwen, BNners in de watten leggen en dat soort dingen. Veel geld blijft op de plank liggen omdat er, volgens zeggen,  vaak geen geschikte onderzoeken zijn. Onnodig te zeggen dat ik gewoon kaarten blijf sturen aan familie en vrienden.

In de logwereld ligt het weer net even anders. In verreweg de meeste gevallen heb je helemaal geen achternaam en adres van je lezers en worden de wensen in een logje en de reacties geuit . Daar maakt de éen wat meer werk van dan de ander en ook dat is allemaal prima. Bij mij staat de kerstwens er altijd pas op kerstavond op, voor “nieuwelingen” kan dat een cultuurshock zijn en wordt al ruim 10 jaar in een filmpje gedaan.

Daar probeer ik altijd een kerstgerelateerd persoon of “ding” voor op te trommelen. Blijft naarmate de jaren verstrijken altijd maar de vraag op er nog iets of iemand te vinden is dat/die nog niet op kwam draven. Kerstman, kerstboom, kerststuk (niet te verwarren met  ‘een lekker ding”) kerstster, kerstengel ,sneeuwpop….je kunt het zo gek niet verzinnen nou ja jij niet maar ik wel, of het is terug te vinden in het archief. Zucht….. ik moet m’n hersenen aan het werk zetten, nog drie dagen om iets te bedenken én uit te voeren….

tegen de “etiketten”

Alleen nog “even” de kerstpost verzorgen want  een kerstkaart hoort er voor mij wel bij.
Ook dát natuurlijk toch een beetje op mijn eigen(wijze)  manier.
Een  adresbestand op de computer maken is ook bést wel klusje maar gaat járen  mee  mits je het af en toe naloopt op verouderde data.
Een paar velletjes etiketstickers in de printer en printen maar.
Klopt, tegen de etiquette  die geprinte etiketten  maar met mijn huisartsen handschrift tóch te prefereren  boven handgeschreven wegens de leesbaarheid. Het is toch wel aardig als de post ook  in de bedoelde brievenbus terecht komt.

De uitgespaarde schrijfkramp steek ik dan in iets persoonlijks op de kaart schrijven, mensen voor wie  ik dat niét over heb  krijgen gewoon geen kaart. Natuurlijk zit ik dan nog stééds met dat hanenpootje  maar dat kunnen de geadresseerden na jarenlange speloefeningen wel ontcijferen.
Voor de postbode van nu is dat een ander verhaal, die werkt part time de sterk verminderde poststroom weg en lijkt in niets meer op de postbode van “vroeger”. Ik heb dus mijn twijfels over de “bestelbaarheid ” van mijn handgeschreven adressen.

De postbode van vroeger kende zijn wijk want hij maakte 2x per dag zijn ronde toen ik nog kind was. Ik kan me zelfs nog herinneren dat mijn ouders nog wel eens mopperde dat die derde postbezorging na de oorlog afgeschaft was.
Post was er in die tijd vrijwel huis aan huis bij iedere bezorging, een brief zonder huisnummer werd door de postbode feilloos bezorgd, hij kenden de handschriften immers!
Meestal kende hij de familieomstandigheden in zijn wijk, hij (nee de  vrouwelijke postbode kwam pas later) dronk immers hier en daar wel eens een kopje koffie  op zijn ronde.

In de jaren zestig verdween ook die tweede dagelijkse postbezorging, het begin van het einde van serieuze postbezorging als je het mij vraagt. Het is ondertussen bijna goedkoper, en zeker secuurder om de post zélf te bezorgen. Oke, deels natuurlijk de schuld van al die mensen die geen kaarten meer sturen en dat óndanks  dat ik in mijn kerstboodschap van 2016 nog opriep toch vooral kaarten te sturen, het mocht niet baten. En dat ik me daar heus niet met een makkie af had gemaakt laat het bloopers logje van destijds wel zien.

 

Vorige Oudere items