streperig

Zwart/wit, stil…. , laat niemand het horen
toch, stiekem… het kan me bekoren
maar géén streepje voor
dat kan echt niet hoor,
hier gaat de nuance verloren

Zwart/wit, ach ze staat op haar strepen
en leeft verder niet zo benepen
er mag zelfs wat geel
al is het niet veel
zwart/wit heeft haar duid’lijk gegrepen.



even iets anders

Het is nu wel even mooi geweest met het gemopper en gepruts. Gelukkig kom ik ook nog wel eens andere zaken tegen die om een logje schreeuwen.
In eerste instantie wilde ik deze foto naar Ferrara sturen…..

Bakker SUIKERBUIK

Ferrara heeft een rubriek met dit soort vaak komische naam/beroep toevalligheden.
Maar ja, dan kom ik deze column tegen en lees éérst wat meneer Zaat te vertellen heeft!

Voor het onderwerp hoef ik alleen maar langs de suikerbuik van de bakker af te zakken. Meneer Zaat blijkt, vergeef me, de uitdrukking past bést in de context, enigszins “op de pik getrapt” te zijn. Hij schrijft o.a. dit.

Dat je meisjes niet mag besnijden vinden we gelukkig normaal. Alle vormen van meisjesbesnijdenis – ook de symbolische – zijn wettelijk verboden, maar bij jongetjes mag dat allemaal wel. Er is alleen geen enkele verschil alleen  tussen jongens- en meisjesbesnijdenissen. Ik snap dus niet dat mensenrechtorganisaties en kamerleden wel opkomen voor de rechten van meisjes maar niet voor die van jongens.

Nou ben ik het gloeiend met hem eens dat besnijdenis zonder een medische noodzaak bij geen énkel kind uitgevoerd mag worden.
Zoals ik álle (behalve hersteloperaties ) niet medisch noodzakelijke ingrepen not done vind.
Maar de bewering “dat er geen enkel verschil zou zijn tussen besnijdenis bij jongens en meisje” doet me toch denken dat meneer Zaat zijn huiswerk maar eens over moet doen.

Even daar gelaten dat de ingreep zelf ook bij jongens wel eens dodelijke slachtoffers maakt door bloedingen, geeft de besnijdenis bij jongens in het latere leven zelden problemen. Misschien hooguit dat het “werken met de blote sabel” wat makkelijker opgewekt wordt door de wrijving, maar daar hoor je zelden mannen over klagen.

Voor besneden vrouwen ligt dat totaal anders. Afhankelijk van de gebruikte methode  wordt vrouwen vaak de optie ontnomen zelf ook een bevredigend seksleven te hebben.
In het ergste geval wordt de boel zó ver dichtgenaaid dat er slechts een opening open blijft om te kunnen plassen, afschuwelijk.
Je hoeft geen ervaringsdeskundige te zijn om te bedenken dat bij een bevalling “de ontplofte egel”, waarmee schrijfster Daphne Dekkers het rampgebied ooit omschreef, in zo’n geval een stevig understatement lijkt.

Dus, nee ik vindt het niét vreemd dat er méér aandacht is om meisjes besnijdenis te voorkomen, dat mag zelfs nog flink wat méér zijn wat mij betreft.
Meneer Zaat maakt zich eigenlijk nodeloos zorgen over dat er meer aandacht is voor de meisjes dan voor de jongens, Nederland maak mensen in snel tempo geslachtloos dus……, weer een probleem opgelost.



 

verhullend

Wanneer het begonnen is wéét ik niet meer maar het is al een héle tijd aan de gang. De “verhullende taal”. Iedere keer wanneer een doodnormaal woord, het kan ook een naam zijn, door negatieve bijkomstigheden  een foute klank heeft gekregen  verandert men het woord of de naam.
Ik zou zeggen; “pak die bijkomstigheden aan  waardoor het woord of de naam beladen werd” maar dat is blijkbaar té simpel denkwerk.

Vanmiddag belde ik nog maar eens naar de bank.  of de door hen verlangde verklaring van erfrecht aangekomen was. Na twee weken leek  een ontvangstbevestiging óf het beloofde telefoontje, om nog wat zaken te regelen, niet teveel gevraagd.
Een uiterst vriendelijk heer stond ( of zat) me te woord.
Hij had de verklaring nog  niet in zijn bestanden bij de “werkvoorraad”. Zou waarschijnlijk nog in de postkamer zijn maar, hij werkte van huis uit en daar kon hij dus niet even heen lopen .
Hij wist ook niet precies hoe de “werkvoorraad” op de postkamer was.
Ik herhaal;” …. eh …. “wérkvoorraad”?  Moet ik dat vertalen als “achterstand”?
Zijn vriendelijke stem klinkt geamuseerd als hij de zin herhaalt; “Ik weer niet precies hoeveel achterstand ze op de postkamer hebben, dat zou een week of twee kunnen zijn.”
Tja, ik wil eigenlijk niet zeggen dat ik teleurgesteld ben, ik wil nu alles wel eens goed geregeld hebben,  maar  dat  klinkt zo negatief…. daar kunnen we samen toch wel  een minder beladen woord voor vinden?  Kom maar op!

schrijven…

Met mijn logjes zal ik zeker géén geschiedenis schrijven, een uitdrukking die gebruikt  wordt als iemand iets voor elkaar krijgt dat eeuwen later nog in de geschiedenisboekjes  geschreven staat. Dit áls er nog geschiedenisboeken bestaan in dit digitale tijdperk.
Dus toen van de week één van de kleinkinderen die “iets doet met software” in de oma-app schreef;  “ik heb vandaag  geschiedenis geschreven” dacht ik;  “die heeft vást een programma gemaakt om digitale fraude op álle fronten onmogelijk te maken! Als dát geen geschiedenis  schrijven is!
Maar na het berichtje komt deze foto binnen…..


Nou heb ik zonder uitzonder héél intelligent nageslacht  en meteen vliegen de appjes rond de één heeft vandaag een roman geschreven….


Schrijven zit blijkbaar in de familie want de ander schreef ..  boeken


En het is nu eindelijk opgelost wie de bijbel schreef….. precies door iemand uit onze  familie


Meestal beperk ik me tot  logjes , óf brieven schrijven. Op 2 sept. schreef ik nog een brief naar de redactie van een omroep Max programma. FF jammer dat ik in  de postcode de 2 letters vergat en na een week lag die brief dus weer hier op de deurmat.
Wel vreemd dat post NL  de brief niet kon bezorgen “omroep Max, juist postbusnummer,  vier postcodecijfers, Hilversum”, je hoeft toch geen  (hand-) schrift geleerde te zijn dacht ik om dit te bezorgen als geroutineerde postbezorger.

Maar goed, de brief kwam vorige week vrijdag weer terug, snel in een nieuwe envelop gedaan, compleet adres. nieuwe postzegels erop en metéén weer op de post gedaan.
Woensdagmiddag post op de mat van “Max” . oeps, dat is té snel om  goed nieuws te zijn denk ik dan, zal iets van 2 regeltjes zijn  “brief ontvangen en heeft onze aandacht” of zoiets.
Maar  het is iéts hoopvoller. Nog steeds heel goed mogelijk dat er niéts mee gedaan wordt  maar wél een heel meelevende brief geschreven door een redactielid dat kennelijk wél van goede wil is.
Ik ga nog steeds uit van “nooit meer iets horen” maar het zóu toch een klein beetje “geschiedenis schrijven” zijn als het me  zou lukken  verbetering in de dementiezorg in gang te kunnen zetten.  Ik kan alleen maar duimen dat ze er iets mee gaan doen.

 

 

 

snik…slik

Een deftig  notaris in Rijswijk
bedeelde  zichzelf met  een  prijs rijk
na ’t zien van de “bill”
gaf Riet echt een gil;
“het moet wel zo zijn dat ik rijk lijk”.

Ze leggen me vast in de luren
‘k zat er een kwartier, echt geen uren
twee brieven, een mail
het was echt niet veel
’t zit vast  in “de nota  versturen”

Ik denk dan nog”attelenooien”
kan zo’n lux kantoor het wel rooien
de lotto in huis
gooi wat in die buis
dan kun je die nota wat  plooien.

Het uurtarief wil ik niet weten
heus  niemand moest van het werk  zweten
wij deden iets fout
verdienden  géén goud
gelukkig heb ik nog te eten.

 

stapelen

De laatste tijd duikt het stapel-dicht weer op. Best leuk alleen moet je eigenlijk een beter gevulde boekenkast hebben dan ik, om met de titels van de gestapelde een gedicht te kunnen vormen. Nou ja de boekenkast is wel gevuld maar overwegend met naslagwerken omdat ik gewoon leeswerk vroeger meestal uit de biep haalde.
Het is misschien ook wel meer een “stichtelijke boodschap” geworden dan een zwaar poëtisch gedicht…….. komt tie…..

Beminde gelovigen

natuur

something borrowed

Leven en laten leven

zolang er leven is

orkaankracht

miéters……..

Maar hij zou ook zó kunnen…………

Beminde gelovigen

natuur

something borrowed

Leven en laten leven

orkaankracht

miéters……..

zolang er leven is….

en getsie…. , hij kan in bijna iedere andere volgorde óók…. ik heb vast te simpele  boeken, óf ik ben niet poëtisch genoeg….zucht, dát zal het wel zijn.

mij een biet…

Is dat eigenlijk een kreet die landelijk bekend is om uit ze drukken “dat iets je niets kan schelen”,,, of is het een beetje randstad gebonden. In ieder geval is het in het klein bargoens woordenboek  ook bekend als “mijnebiet”.en ik zóu me voor kunnen stellen dat het dan in het plat Haags uitgesproken dient te worden.
De ij klinkt dan ongeveer als het mekkeren van schaap.

Vroeger werden bieten  in deze regio meestal  “kroten of  krootjes” genoemd.
Het moet allebei  wel gebruikelijk zijn  want je kunt zowel “een kop als een biet” hebben  als “een rode kroten kop”. In beide gevallen heb je een flink rood hoofd, van schaamte, inspanning,  boosheid, een opvlieger, ach,   vul maar in waar je allemaal een rood hoofd  van kunt krijgen.

Maar verder is het natuurlijk gewoon een groente, misschien een beetje ouderwetse en  goedkope groente  die daarom vroeger vaak op tafel kwam. Meestal als een iets gebonden “soort van gestoofd”. Op die manier had Henk er niets mee, we aten bieten dus alleen in de zomer, koud als bietensla met  uitje, vinaigrette  erdoor en klaar.

Maar ja, géén Henk, géén zomer (best lekker hoor weer een dekbed over je heen in de nacht)  en wél bieten in huis. Die koop ik trouwens altijd ongekookt want vers gekookt is véél lekkerder. Ja ja, een uur koken is duur aan gas, daarom  doe ik  dat altijd in overleg met Inge  voor ons allebei.  Hoogste tijd om ze eens lekker ouderwets warm klaar te maken  voor mezelf maar eh…., hoe ging dat ook alweer.

Gelukkig heb ik nog mijn kookboekje voor “culinair minderbegaafden”  precies , het  kookboekje waaruit ik als dertienjarige op de Huishoudschool leerde koken .
Uiteraard eenvoudige maaltijden zonder culinaire hoogstandjes.
Dus ook  hoe je bieten klaarmaakt zoals vroeger bij ons thuis in de tijd dat we ze nog kroten noemde.

O ja, uit die tijd stamt  ook al de tong brekende zin die 5x snel achter elkaar uitgesproken dient te worden ;  ” achter grootmoeders hutje hangen zeven kluitjes kroten op een klutje”…..
maar dit terzijde!

Bedenk me ineens dat we ooit eens in een peperduur restaurant hebben gegeten waar op een groot bord drie dunne plakjes versierde biet in grote rode  plas dreven, ik laat maar aan jullie voorstellingsvermogen over  waar het op leek, maar “menstruele fantasie” had geen gekke naam geweest.
Maar goed, ik vond het recept  en heb  ouderwets klaargemaakte bieten  gegeten,
En dat het niet culinair is….?
……… Mwah…..mij een biet!

.

á la ma…

Het zal voor de trouwe lezer geen nieuws zijn dat  ik altijd erg gevoelig ben voor spreekwoorden en gezegden. En dan vooral om ze, zo mogelijk,  letterlijk op te vatten.
Nou, de appel valt niet ver van de boom.
Tegen Ruud kun je écht heel weinig zeggen waar hij geen draai aan kan geven. Een nichtje van hem stuurde hem deze  oude foto,  gevonden bij  de foto’s van haar overleden ouders (de jongere broer van Henk)
We wilden in die tijd nog wel eens vreemde dingen uit proberen geloof ik!

.
Moeder en zoon anno 1976 schat ik ( Ruud lijkt me daar een jaar of 14) .
Het setje rok met bolero zie ik nog zó voor me  en had ik zelf gemaakt, naar de toen heersende modetrend, van de foto herinner ik me totaal niéts. .

Maar daar ging het niet om.
Ten bewijze van het bovenstaande hier de app conversatie die Ruud met het nichtje voerde.
In het groen het nichtje, in het wit Ruud.

Ik heb werkelijk géén idee meer of ik het bordje ooit draaiend op het stokje gekregen heb, met gekheid lukt het me in ieder geval meestal prima!

boekje open doen

Meestal strooi ik met spreekwoorden en gezegden maar dit keer bedoel ik niét het spreekwoord ( of is het een gezegde) met “een boekje open doen”.
Echt een boek lezen schiet er al jaren bij in maar nu ik weer meer tijd heb, nou ja, meestal wel iéts meer tijd, wil ik weer eens gaan lezen.
Een tijdje geleden nam ik al twee boeken mee uit het minibiepje aan de vliet, ja natuurlijk heb ik er óók twee uit mijn oude voorraad ingezet.

Het eerste boek pakje ik een beetje tegen beter weten in, het is een verhalenbundel van Mensje van van Keulen. Ik las ooit voor mijn (moeder-) MAVO lijst  haar “Bleekers zomer”. Literatuur ja….. al weet ik nog steeds niet waarom dat boek literatuur mocht heten. Mega saai boek met als enige attractie voor mij  het feit dat de schrijfster goed bekend is in Den Haag, de stad waar ik na mijn geboorte nog 44 jaar gewoond heb.
Waarom weet ik ook niet, maar het is leuk om in een boek je woonomgeving te herkennen. Of het dáár dan literatuur door wordt durf ik niet te zeggen.

In ieder geval boeit de verhalenbundel me óók voor geen meter. Ze is goed in het tekenen van sfeer, dat is waar, maar van de inhoud van verhalen ga ik niet uit m’n kanarie. Ligt misschien  aan mij hoor,  is m’n concentratieboog nog niet “je van het”, juist dáárom ging ik voor de verhalenbundel. Maar als ik eerlijk ben lees ik onder bloggers vaak boeiender verhalen, al is dat dan géén literatuur.

O ja, ik had nóg een boek, uit de categorie “dikke pil”, en eigenlijk flink tegen m’n “prinsepiepe”, het was in 1994  het Nederlandse boek van het jaar en dat soort uit verkiezingen wantrouw ik altijd een beetje, of eigenlijk best wel veel.
Vanwege een ander spreekwoord: “je moet een gegeven paard niet in de bek kijken”, nam ik het dus toch mee en ga het een kans geven.

Het grappige is wel dat als ik de boeken op elkaar zie liggen “de titels met  elkaar te maken lijken te hebben. Ik herinner me dat er ooit een soort stokje rond ging om met een aantal opgestapelde boeken uit je boekenkast een goed leesbare zin te maken. Dat was eigenlijk bést een leuke uitdaging, zou ik met deze twee toch een leuk beginnetje hebben.

titulatuur

Ja titulatuur, je weet wel, de regeltjes over hoe wij  hoogweledelgefrusteerde en hoogachtelijkgeboren mensen aan moet spreken. Geen zorgen hoor, ik ben héél eenvoudig gebleven en dat “van Koninklijk” in de titel van mijn blog heeft géén consequenties voor jullie, niks niet Uwe maaienmeid eh… majesteit, ik blijf gewoon jullie Rietepietz, “Riet” voor intimi.
Wou het ook helemaal niet over die regeltjes hebben  maar over “titels”, en dan niet eens aanspreektitels maar over “titels boven een verhaal” en in het bijzonder de titels boven mijn logjes. Zo af en toe valt mijn oog daar op en dan zie ik dit…..


B.T.W. We gaan toch niet zeuren dat ik al zo lang dezelfde lay-out heb hé, ik weet het,  die is zó ouderwets dat het ondertussen “cult” is, je moet wát wanneer je je wilt onderscheiden, bij de upper ten is oude zooi  chique.
Maar kijk nou eens even daar rechtsboven onder “meest recente berichten”.
Je ziet niets.? zucht….. daarónder staan de titels van mijn laatste 5 logjes,
Die titels  ontstaan nét zo uit de losse pols als de logjes, ik volg er geen regeltjes voor, doe maar wat, en kan echt niet van doordachtheid beschuldigd worden!
En wat blijkt er dan toch met enige regelmaat…. kijk dan…..
Vóór dit logje vormden de  laatste 5 titels  samen best een aardige volzin. Er hoeven zelfs geen lid- of voegwoorden toegevoegd te worden om de zin te laten lopen.
Hoogstens  hier en daar een komma, vraagteken er achter en het loopt als een trein. Je zou bijna denken dat ik gewoon een zin in vijf stukken hak en bij die stukken een logje schrijf.

Vorige Oudere items