een pak slaag

Erg hé, ik kreeg een pak slaag van Inge! Klinkt erger dan het is hoor, we speelden een partijtje scrabble en ik verloor met zo’n 140 punten. Dan kán ik natuurlijk wel zeggen dat je een kind een beetje láát winnen, maar ja, als dat kind 57 jaar is gaat die vlieger niet meer op.
Meestal zijn we aardig aan elkaar gewaagd en is het verschil iets tussen de 10 en 50 punten maar vandaag was ik dus zwaar de pineut.
Valt niet tegen te knokken als ze bij beurt één al álle letters kwijt kan en dus 50 punten bij een toch al mooie score mag schrijven.

Tot op zekere hoogte spelen we aardig volgens de spelregels, we maken een uitzondering voor afkortingen die we toestaan als het een afkorting is van iets dat we nóóit voluit gebruiken. NS bijv. niemand zegt “ik ga met de Nederlandse spoorwegen” als hij/zij bedoelt dat hij met de trein gaat.
Voor I.Q en E.Q geldt hetzelfde, niemand vraagt naar je intelligentiequotiënt /emotional quotient. Een geweldige manier om netjes van de Q af te komen maar zolang het voor iedereen geldt is dat toch prima. Omdat juist die afkortingen gaatjes op kunnen vullen is het een leuke manier om het bord lekker egaal vol te krijgen. H.D. ? Ja mag ook bij ons want ik vraag niet naar een high definition TV. ( TV mag natuurlijk ook bij ons)

De druiven zijn natuurlijk zuur als Inge dan de mazzel heeft dat ze de Q zelfs in twee richtingen kan benutten 0maar ach, het blijft je kind en dat gun je haar. Dat er op mijn letterbordje drie blanco’s staan lijkt dan wel makkelijk, maar 3x 0 punten blijft toch 0 punten en dat schiet niet echt op.
O ja, we zien soms ook iets door de vingers als het om samengestelde woorden gaat.Als we er maar érg om kunnen lachen, het “goed” kunnen onderbouwen of een mega lang woord mogelijk maakt gaan we soms akkoord. Zo lag er laatst “bon” op het bord en op mijn plankje kon ik “terug” maken. Dan speel ik even advocaat van de duivel.
Een retourbon bestaat, retour betekent “terug” en dus valt de “terugbon” te verdedigen als beter Nederlands dan de retourbon die waarschijnlijk in een deels Frans verleden in ons Nederlands sloop.
Ik denk dat iedereen zo op z’n eigen manier spelletjes aanpast, en zolang de aanpassingen voor álle spelers gelden heb ik er geen moeite mee, jij wel?

Advertentie

conclusie….

Jullie hebben vast allemaal de conclusie getrokken dat ik dit jaar aardig wat leuke dagtripjes gemaakt heb.
Helemaal terecht, omdat ik (meer dan) uitgebreid over ieder uitstapje schreef was die conclusie niet zo moeilijk te trekken omdat je alle voors en tegens in mijn verhalen meekreeg.
Mooi begrip hé “conclusie trekken” maar, als zoveel mooie woorden en begrippen, tegenwoordig vaak wat te makkelijk gebruikt.

Ja het is écht uit met de pret, er moet nodig een logje komen waar “lering uit getrokken kan worden”.
We trekken, té vaak niet gehinderd door gebrek aan volledige achtergrond informatie, best wel makkelijk conclusies.

Voorbeeldje? Sint kon in de regio niet alle kinderen zélf van een cadeautje voorzien en dus riep men bij de regionale radiozender op Sint te helpen en cadeautjes te komen brengen. Wie wél wat cadeautjes wilde doneren maar niet zelf naar het inzamelpunt kon komen mocht bellen, dan kwam een bepaalde radio medewerker het ophalen. Uiteraard met de oproep ” alleen als U geen andere optie hebt”!

Aan het eind van de geslaagde actie bleek dat de meeste aanvragen om cadeautjes op te halen uit de wat mindere wijken kwamen. In de wijken met duurdere woningen was er nauwelijks vraag naar. En dus trok men de conclusie dat men in de minder draagkrachtige wijken méér gaf en meer hart heeft voor de kinderen die overgeslagen dreigden te worden omdat men het vroeger zélf meemaakte.

Tja, dat is natuurlijk mogelijk, maar er zijn zeker ook ándere conclusies te trekken met dezelfde gegevens.
Bijv. “In de mindere wijken beschikt men minder over vervoersmogelijkheden”, over al dan niet grote betrokkenheid zegt het niets. En wie zegt dat mensen uit “de betere wijken” nooit arm geweest zijn.
En eh….er werd maar door één reporter “opgehaald” hoe groot was dát aandeel opgehaalde pakjes ten opzichte van die 40.000 ingeleverde pakjes waarbij niets van de gevers bekend is en dus ook niet uit welke wijken ze kwamen.

Je zou met dezelfde informatie óók kunnen concluderen dat mensen in de minder gegoede buurten best wel iets wilde geven maar dat het niet teveel moeite moest kosten en ze het daarom lieten ophalen. Of dat er in de mindere wijken meer mensen de deur niet uit konden door ziekte of invaliditeit. Kortom er ontbreek een heleboel informatie om de vetgedrukte conclusie zo maar te kunnen onderschrijven.

Ik zou al luisterend zelfs hebben kunnen aannemen dat het overwegend BNners en instanties waren die kwamen doneren, want juist dié kwamen veelvuldig voor de microfoon om hun donatie toe te lichten.
Ook daarbij zou ik al die anonieme gevers, in aantallen véél groter, zomaar vergeten. Zowel de zender als de donerende stichtingen en BNners hebben natuurlijk wél een neus voor gunstige “publiciteit”!
De enige Heilige in dit verband is de goedheiligman zélf.

Ach, dit is gewoon een “belerend” logje geworden terwijl het gaat over heel veel mensen die, állemaal samen iets moois deden omdat ze álle kinderen een Sint cadeau gunnen.
Gewoon een mooi gebaar, daar wil ik helemaal geen conclusies uit trekken over “wie” het “waarom” deed.
Maar het is meteen wél duidelijk waarom ik altijd een zoutvaatje in de buurt heb wanneer ik “conclusies” uit een onderzoek onder ogen krijg.

ja zéker….

……..jullie Rietepietz zit er warmpjes bij! Nee hó nou even, spring niet meteen in de auto omdat je denkt hier een weduwe aan te treffen die “goed in de slappe was zit” zoals het spreekwoord ongeveer betekent.


Gelukkig heb ik ook wat pensioen én weer aardig wat gewerkt want van alleen een AOWtje “kan de kachel niet branden”. Nee hoor, ik heb het niet slecht maar het is nou ook weer niet zo dat ik er financieel zo “warmpjes zit” dat ik van gekkigheid niet weet wat ik met het geld moet doen.
Heb dan weer wél een flinke bos hout voor de deur en dat komt goed van pas in deze dure tijden. Je moet er tegenwoordig figuurlijk warmpjes bij zitten om er ook letterlijk warmpjes bij te kunnen zitten, dat hoef ik niemand te vertellen. Maar de schoorsteen is geveegd en het weer was in het weekend héél geschikt om bij m’n open haardje even “de fik er in te steken”.
Even de kou eruit want de hele avond hout stoken is ook weer niet nodig. Daarna leg ik er een laagje houtskool briketten op en gloeit het vuurtje nog lekker een uurtje na. Zó heerlijk.
Verder is hier de rust een beetje weergekeerd, wat ruimen, wat puzzelen en tijd om een belofte aan twee buurtjes in te lossen. Een middagje de kerstshow in het tuincentrum bekijken. Ze komen zelfstandig nergens meer en genoten alléén van het ritje al uitermate.
Bij de kerstshow vielen ze van de éne verbazing in de andere. We ronden de middag af met een kopje koffie met wat lekkers in het tuincafe aldaar en daarna ik breng twee heerlijk opgeleefde buurtjes weer thuis die me daarna een “warm hart toedragen”. En eh….. het was in het tuincentrum ook lekker warm, win/win situatie hé!

de kachel ….

…. met iemand aan maken. Er zijn wel bloggers die daar lol in hebben, althans in de spreekwoordelijke zijn van “iemand in de maling nemen of een beetje te stangen. Zolang het goedmoedig gebeurt moet het maar kunnen. Misschien is de tijd niet veraf dat we om warm te blijven écht de kachel met iemand aan willen maken, je moet wát met de huidige gasprijzen.

Hier kan ik dat nog niet doen want de schoorsteen moet nog geveegd worden, afspraak staat maar met mijn piepkleine Franse lambriseringshaardje zal een mens opstoken toch wat voeten in de aarde hebben.
Er staat nog een fles prima cognac dat is misschien wel een betere optie om warm te worden, drink ik me gewoon kachel. Verhip dáárom heet dronken zijn zo! Nee geen zorgen ik bén niet kachel hoor.

Ik heb natuurlijk ook gewoon een knop om de verwarming aan te draaien maar ben op het moment zo weinig thuis dat het de moeite niet is. Vandaag moest er weer gewerkt worden en van bezig zijn wordt een mens nét zo warm als van die cognac.
Morgen ben ik óók alweer niet thuis. Ik hoorde dat mijn “ambtgenoot” WA met zijn vrouw Koningsdag in Rotterdam wil vieren.
Je begrijpt, als gekroonde hoofden onder elkaar, doe ik het voorwerk voor ze. Volledig incognito ga ik morgen Rotterdam verkennen. Natuurlijk gaat er iemand mee “die van de hoed en de rand weet” om een juiste inschatting te kunnen maken van wat verantwoord mogelijk is. Ik houd jullie op de hoogte.

vragen? géén vragen!

Als moreel steuntje loop ik met dochterlief in dat geel/blauwe warenhuis als ik tegen dit bord aan loop.

Eh…… hoe bedoeluh….. wie, en vooral wáár, zijn die “we” die mij dat willen vragen. De directie? Nergens te zien natuurlijk dus dan kunnen ze nóg zo graag mij iets willen vragen, dat gáát gewoon niet als ze onzichtbaar zijn.
Toegegeven, ze geven wel een hint wát ze zouden willen vragen maar dat is het dan, nou ja, niemand vraagt me iets en ondertussen heeft Inge wat ze nodig heeft en we vertrekken…
Ik ben gekke Gerritje niet, ik blijf écht niet wachten tot de directie op komt draven om mij die vraag over die gele streep te stellen, dan hoef ik er ook niet over na te denken of ik dat wel of niet wil.

   

.

.

vrijwilligers werk

Naar mijn idee een lastig te definiëren naam. Dit weekend zit ik, geheel vrijwillig, voor de drukkerij 1000 mapjes te plakken. Had niét gehoeven maar het kwam mij beter uit de boel mee naar huis te nemen , vanwege de schilder. Het wordt gewoon betaald als ik de gewerkte uren doorgeef…..ik werk dus vandaag vrijwillig maar is het dan ook vrijwilligerswerk?
Lastig hoor, is vrijwilligerswerk alleen” vrijwilligerswerk” omdat je het onbetaald werk doet?
Wat is het belangrijkste onderdeel van het samengestelde woord , “vrijwillig” of “werk” Goed beschouwd werk ik eigenlijk altijd vrijwillig, toch zeker de laatste 15 jaar waarin het voor m’n inkomen niet perse nodig is om iets te verdienen.

Daar moest ik aan denken toen ik deze brochure over vrijwilligerswerk in de bus vond. Een maatjes project in de gemeente dat de beste bedoelingen zal hebben maar helemaal niéts voor mij is.
Ik doe niet aan vrijwilligerswerk al wil dat zeker niet zeggen dat ik nooit iets voor een ander doe. Dan heb ik het uitsluitend over vrijwilligerswerk dat bedoeld is om het leven van mensen te vergemakkelijken of te “verrijken”. (Dus niet over het verenigingsleven)
Burenhulp, mantelzorg, vriendendienst enz, het loopt als een rode draad door m’n leven zonder dat ik ooit het gevoel had met vrijwilligerswerk bezig te zijn, het hoort gewoon zo!
En als ik eerlijk ben zou dat ook zo moeten zijn zonder mensen te moeten rekruteren om iets voor een ander te doen.
Ergens vind ik het iets gedwongens hebben om, als volkomen vreemde, toegevoegd te worden aan iemands leven. En ook een beetje denigrerend naar de ontvanger. Jáhaa, is een afwijking van mij, ik weet het. Zo liep ik ooit een kennis tegen het lijf toen ik destijds met vriendin Marion in de rolstoel winkelde. De kennis groette mij en vroeg met haar blik op Marion “is dat vrijwilligerswerk”.
Alsof je met een beperking geen vriendinnen kunt hebben die je meenemen omdat ze dat gezellig vinden en de rolstoel als onderdeel van “bij de vriendin horend” zien. Ik gaf zuinigjes antwoord dat ik inderdaad vrijwillig met m’n vriendin op stap was maar dus niet aan het werk.

Alleen al in Rijswijk… 17 “maatjes projecten” waarschijnlijk grotendeels door vrijwilligers gerund maar ongetwijfeld met een subsidietoelage en betaalde organisators.
Nodig? ….Wie om zich heen kijkt zal toch zelf wel tegen mensen aanlopen die ergens een steuntje kunnen gebruiken? Alleen al bij mij in de straat wonen twee “leeftijdgenoten” waar ik af en toe iets voor kan doen, de één heb ik m’n rolstoel geleend en neem ik af en toe mee voor een wandeling, of wat boodschappen. De ander is nog redelijk fit maar is minder digitaal vaardig en heeft zelf geen vervoer waarin ik af en toe iets kan betekenen.
Ga me nou niet vertellen dat ik daarmee vrijwilligerswerk doe, het is géén werken en helemaal vrijwillig is het ook al niet. Ik vind het een soort verplichting die je als mensen voor elkaar doet als het nodig is.
Zó, heb ik óók eens commentaar op “taalgebruik” dat ik niet passend vind, teken des tijds toch?




‘.

.

   

tot het gaatje

Het wordt me wel eens gevraagd, hoe lang ga je door met werken voor de drukkerij. Tja, weet ik veel, zolang ze me nodig hebben én ik nog de mogelijkheid heb om “tot het gaatje”te gaan!

Ook vandaag lagen er weer 500 labels waar ze in de drukkerij even geen gat in zagen, kijk, dan ben ik niks te beroerd om er even 500 gaatjes in te maken. Dat moet er dan uitzien om door een ringetje te halen natuurlijk eh…. oke, dan maak ik die ringetjes er ook maar meteen in.
Zo’n label moet vaak ergens aangehangen kunnen worden maar ze weten er op de drukkerij geen touw aan vast te knopen en praatjes vullen geen gaatjes dus dan neem ik de touwtjes in handen.
Ach, je moet ook niet aan mannen vragen er een knoop in te leggen en dus knoop ik wel even die 500 touwtjes in de gaatjes na ze de maat genomen te hebben.
Aan mensen die niet tot 10 kunnen tellen heb je niets als ze per 50 gebundeld moeten worden.
Al zóu je er in theorie nog wel uit kunnen komen 6x tot 8 tellen en dan nog 2 extra. Voor mij niet nodig gelukkig.
Als alles klaar is even in een doosje verpakken en dan zoek ik het gat van de deur weer op. Leuke bijkomstigheid…. ik heb nu weer écht een vrij weekend want maandag mag ik weer, iets met loten, nieten en grote aantallen!

.

   

taal in en uit

Verwijzend naar ons aller Pannenkoek’s laatste logje, over in onze logjes geslopen taalfoutjes, doe ik ook maar een duit in het zakje. Niet dat ik op taalgebied de strijd aanga met “de Belg” , moesten wij niet jarenlang met het schaamrood op de kaken bij het Nederlands dictee in juist die Belgen onze meerdere erkennen?
Nee dus, geen strijd maar gewoon weer eens bezig zijn met onze taal zoals ik vaker doe. Altijd op zoek naar lastige gewoontes en/of grappigheden of op alle slakjes zout leggend bij spreekwoorden en gezegden.

Fouten maken ben ik niet zo mee bezig…eh… jawel, ik máák ze wel als ik leuk bezig ben maar ze storen me niet (vooral omdat ik ze zelf niet zie) maar ik amuseer me bij voorkeur met het uitmelken van woorden met meerdere betekenissen zoals ik hier in 2015 deed. Een en ander vrijwel altijd gelardeerd met de bijna onvermijdelijke spreekwoorden.
Nieuwe woorden, of juist hele oude, je kunt Rietepietz geen groter plezier doen.

Zo realiseerde ik me laatst dat sinds “de dames de broek aan hebben” ineens “de gulp” verdwenen is. Toegegeven, gulp is een raar woord en heeft ook maar weinig andere betekenissen.
De enige mij bekende betekenis is een “dikke straal” die ik vooral liever niet in verband breng met die straal waarvoor de gulp geopend moest worden. Nee … dié betekenis hoort bijv. bij het door grote dorst gulzig een “gulp” bier drinken waarna die andere gulp, die tegenwoordig met “rits” aangeduid wordt alsnog open moet.
Ik laat het toch wat onsmakelijke onderwerp verder voor wat het is, een ouderwets woord.

Maar ik kom soms ook nieuwe woorden of uitdrukkingen tegen tegen zoals kort geleden “een margarine briefje”!
Wie “het boterbriefje” kent én van de huidige officiële samenlevingsvormen op de hoogte is hoef ik dat niet uit te leggen. Het boterbriefje is een wat smalende naam voor de huwelijksakte.

Boterbriefje is een vertaling van het Latijnse ‘literae butyricae’
Het was van oorsprong een bewijs dat men ontheffing had, om in de vastentijd melkproducten te gebruiken. In dat licht bezien, is een boterbriefje een teken dat men iets mag doen wat men zónder niet mag doen. Mogelijk is deze betekenis spottend toegepast op het huwelijk, als een vorm van toestemming.

Die verklaring is van ver voor de tijd dat margarine de boter grotendeels kon verdringen.
Voor hetzelfde doel gebruikt als boter maar toch op veel punten net even iets minder.
Wat mij betreft dus een erg leuke vondst om nu bij het aangaan van een samenlevingscontract over een margarinebriefje te spreken. Zo’n samenlevingscontract is immers een wat uitgeklede vorm van een huwelijk maar dat om bepaalde redenen dan de voorkeur geniet.
Henk en ik hadden nog een ouderwets boterbriefje, het ging ruim 59 jaar mee voordat mijn “halve trouwboek” verdween. Ja klopt, ook dat “halve trouwboek” is zo’n nieuwe uitdrukking om je partner aan te duiden, waarvan akte ….. om een beetje in stijl te blijven.

   
   

.

.

is dát boffen

Dinsdagmiddag bliepte whatsapp , “of ik woensdag zou kunnen en willen werken in de drukkerij”.
Dat kon én wilde ik wel en zo stortte ik me woensdag op wat plakwerkzaamheden. Er kwam nog het één en ander tussendoor waardoor niet alles af kwam én er waren boekjes nog niet klaar waar ik ook nog iets mee moest. ” Geeft niet, morgen weer een dag” zeg ik met de gedachte om donderdag ook te werken.
Laat er nu nét dit jaar in de CAO opgenomen zijn dat bevrijdingsdag voortaan ieder jaar een vrije dag is.
Het wordt dus vrijdag werken en vandaag had ik “een vrije dag” als dát geen luxe is voor een pensionado! Echt ik had in geen járen een “vrije dag” gehad!
Ehhh…..waarom moet ik nou ineens aan Pippie Langkous denken?

droog brood

Wat hébben we toch veel woorden met twee of meer betekenissen, altijd leuk om een beetje me te spelen al zal ik met zo’n verhaal nooit brood op de plank krijgen. …..

…… Ze nam plaats op de blauwe bank bij haar bank, ze wist dat het door de bank genomen wel een uurtje kon duren. Ze mijmerde dat ze op de terugweg nog een half broodje moest halen en nee natuurlijk kon ze niet het broodje gebruiken dat haar man korst geleden “gehaald had” en dat hier in de kluis had gelegen. Dat zou ze zéker op haar brood krijgen!

Haar lief kwam door dat broodje in de bak, geen slechte tijd hoor, bij een bak koffie werd de éne na de andere bak verteld, ja ze bakten het bruin daar volgens hem.
Wat wél een minpuntje was dat hij nooit op zijn gemak op het gemak kon zitten. De bewaakster was een secreet en wilde hem kunnen zien als hij op het secreet zat. Dat hij zei”ik leer de valkuilen van het Nederlands” maakte geen indruk. Dan trok zij van leer tegen hem, hij moest leer gaan looien bij de dagbesteding, dus tempo.
En natuurlijk werd zijn favoriete gerecht voorlopig niet meer voor hem klaargemaakt na zijn aanvaring met het gerecht.
Ze schrikt op als ze een zoemer hoort, ze staat op en volgt de bankmedewerker. Ze weet dat er een gesprek volgt waar ze geen zin in heeft, ze hoopt alles in één zin uit te kunnen leggen.
Haar man had haar verkeerd begrepen toen ze hem vroeg even een broodje te halen, ach, je moet een man ook niet om een boodschap sturen. ……….
………. Tja, en ik ben dan zo’n type dat lang dit soort onzin kan typen, jullie komen er dus nog gunstig vanaf!

Vorige Oudere items