ziekelijk…

Geen zorgen, ik ben niet ziek en ondanks alle wervende spotjes om de griep prik te halen ben ik dat  niét van plan. Best mogelijk dat ik dus deze winter op enig moment volkomen terecht “grieplijjer” genoemd kan worden. Mensen die aan griep lijden zijn grieplijders maar geen Hagenaar spreekt het zo uit, die “d” wordt een “j”. dat bekt lekkerder  omdat de term meestal als scheldwoord gebruikt wordt en zelden om aan te geven dat iemand griep heeft.

Daar heb je weer zo’n vreemd randverschijnsel in onze taal, veel scheldwoorden zijn een soort “ziekverklaringen” aan gezonde mensen   die vrijwel nooit gebruikt worden wanneer iemand de genoemde ziekte echt heeft.  Zo was ik jaren geleden  tijdelijk een  echte Haagse “pleurislijjer”!
Ik kan je verzekeren dat  een ontstoken borstvlies geen pretje is  maar dat gelukkig ook niemand je zo zal noemen op het moment dat je met recht aanspraak op die “titel” kunt maken.

Meestal draait het bij scheldwoorden om min of meer ( in Nederland) uitgeroeide ziektes, maar toch kwam er onder  onze  bekenden wel eens een “tyfuslijer” voorbij, tja, je neemt soms  ongevraagd een souvenir mee  uit een vakantieland waar  het met  de hygiëne iets minder  gesteld kán zijn dan in Nederland.
Ook daarbij werd  de patiënt niet aangesproken met deze terechte titulatuur, net als  vroeger de oom die tbc had en  dat in de volksmond vaak  de tering werd genoemd.
Een béétje Hagenees  ziet in een boze bui best kans om  je “lijdend aan zowel tering als tyfus” te verklaren terwijl je kerngezond bent!

Een beetje vreemde eend in de bijt in  dit geval is kanker. De ziekte  maakt ook in Nederland heel veel slachtoffers maar wordt tóch veel als scheldwoord gebruikt wat uiteraard heel kwetsend binnenkomt bij iedereen die met de ziekte te maken heeft of heeft gehad. Ik herinner me vaag dat er ooit iemand met kanker  een aanklacht over zou indienen  na zo aangesproken te zijn.
Nooit  gehoord hoe dat afgelopen is,   toch wel bizar dat,  hoe onbeschoft, onwellevend en not done  het ook is,  het is eigenlijk alleen maar de waarheid zeggen op dat moment.
In de tijd dat Henk kanker had hebben we soms ook wel keiharde  grappen gemaakt, nooit om te kwetsen maar altijd om met galgenhumor het leven draaglijk te houden.

Als scheldwoord zal ik het nooit gebruiken,  ik  heb ook wel eens mensen tot de orde geroepen die dat wél deden en ze plantennamen aangeraden wanneer de woordenschat  te kort schiet.
Stinkende Ballote……  bekt  best lekker, of stuk Guichelheil….. nee hoor, dat zeg ik natuurlijk niét tegen mijn lezers…. ik zou niet dúrven!

Advertenties

TMI

Ppfffttt, druk gehad, moe geworden en eigenlijk wil ik met Henk naar bed. Logje kan morgen maar als ik wil stoppen zié ik ineens wat ik geschreven heb…..
Tja , dat lijkt  “too much information”! Dat is weer zo’n grappig gevalletje Nederlands dat ik nooit kan weerstaan. Wat ik bedoel is dat Henk tegenwoordig meestal al tussen 9 uur en half 10 naar bed gaat, hij is dan echt op. Ik help hem dan naar bed en ga zelf nog een uurtje naar beneden.
Maar vandaag is het aanlokkelijk om ook zo vroeg in bed te kruipen.
Ook zoiets trouwens dat in bed kruipen, ik ga gewoon op de bedrand zitten en trek m’n benen in bed, maar kruipen schijnt de norm te zijn in bed.

Maar met “Henk, of wie dan ook,  naar bed gaan” heeft meestal een andere betekenis…, dat heeft niet te maken met moe zijn, en er hóeft niet eens een bed aan te pas te komen.

Iemand die Nederlands leert en hoort  dat; “die en die  samen slapen ” ziet gewoon twee mensen die samen in bed liggen te slapen, oogje dicht en snaveltjes toe, dat idee.
Maar  iedere Nederlander  weet het wel, het láátste waar “die en die” aan denken is slapen!
Maar ondertussen is het over tienen en hoor ik Henk snurken via de babyfoon dus eh….. ik ga afsluiten en mezelf naar boven slepen om in bed te stappen naast Henk, zo is het volgens mij helder, welterusten!

opwarmen

Lekker hoor, de winterkost komt er weer aan. Omdat wij altijd “groente van het seizoen” eten  komen er nu weer dingen op tafel die we de hele zomer niet gegeten hebben.
Vorige week al een keer een pan zuurkool stamppot gemaakt zodat er ook nog een paar porties in de vriezer in gaan. Heel makkelijk voor een “gevalletje “weinig tijd”, even in de magnetron  en eet smakelijk!

Maar vandaag deed het anders en maakte, heel ouderwets,  in de koekenpan  het eten warm. En dan natuurlijk met een lekker korstje er aan, gewoon zoals dat in het pre-magnetron tijdperk gebeurde.
Een “prakkie” noemde men dat vroeger bij mij thuis en mijn vader was een liefhebber. Er werd in die tijd nog op zaterdagmorgen gewerkt  en menigmaal  stond er dan op het rood snorrende potkacheltje  een  koekenpan met een restje van de stamppot van de dag ervoor op m’n vader te wachten.

Om geen onzin te beweren google ik nog even of “prakkie” een gangbare naam was voor zo’n opgewarmde kliek.
Nou …. dat pakt verrassend uit…….. ik krijg twee verklaringen aangeboden :

het prakkie opwarmen,  de vrouwelijke partner voorbereiden op de coïtus. Prakkie is ‘vrouwelijk geslachtsdeel’. Slanguitdr.

(Daar zet ik maar geen plaatje bij) Er wórdt weliswaar iets opgewarmd maar toch niet helemaal waar ik naar zocht. Ik kan het ook met de beste wil van de wereld niet in verband brengen met mijn ouders, maar dát schijnen kinderen vaker te hebben waar het hun ouders betreft. Kinderen veronderstellen  immers het liefst “onbevlekt ontvangen” te zijn.

De tweede optie kende ik wél maar is ook al niet iets waar je graag een knapperig bruin korstje op  ziet;

slangterm voor de edele delen. ‘Hij kreeg een bal tegen z’n prakkie.

Verder kom ik nog wat kook site’s tegen waar men het over een prakkie heeft maar dat is meestal niet specifiek   het opwarmen van een kliekje stamppot.
Ach, misschien is het woord in deze betekenis  wel streektaal, ik weet dat het in het westland gebruikt werd.

Misschien ook wel een voortvloeisel uit de tijd dat je eten “prakken” normaal was, en dan met een vork, dus zonder mes, gegeten werd. Mogelijk omdat  groente duur was en er dus veel meer aardappels dan groente op het bord lagen, door te  prakken werd de groente nog een beetje gelijkmatig door  de aardappels verdeelde. Ook dat werd wel een prakkie genoemd. Nou ja, in ieder geval heeft het “prakkie”van vandaag  me gesmaakt.

 

 

 

onderweg…..

 

…….  kom je altijd raadsels tegen…….

spitsvondig

Volgens mij ben ik gevalletje dierenmisbruik op het spoor, en wel in ons taalgebruik.  Dieren blijken  heel vaak ongewild in verband gebracht  worden met  minder gunstige zaken. In deze tijd van politiek correcte inzichten kan het geen kwaad hier eens  naar te kijken.

Wie te beroerd is om  een nette uitgebreide brief  te schrijven  schrijft een  kattebelletje, alsof een kat zou kunnen schrijven….. maak dat de kat wijs. Ook zoiets, katten zijn gewoon slimme dieren die zich niéts wijs laten maken.

Wanneer iemand je  steeds maar weer achter de vodden zit om je van alles te laten doen laat je je” koeioneren”, wat heeft die koe daar mee te maken? Dat  arme beest  wordt al zo  uitgemolken.

Zeg nou niet dat ik hier een stinkende  beerput opentrek  Zeker weten dat geen enkele beer daar schuld aan heeft,  een stinkdier misschien, dié  dieren staan nou eenmaal in een slechte reuk, maar een beer… no way!

Een heel enkele keer krijgt juist een  dier  juist een onverdiend compliment in een zegswijze.
We hebben het bijv over leeuwenmoed, een grove belediging voor de leeuwin, de leeuwin bekommert zich om de voedseljacht terwijl meneer leeuw het zich laat smaken.  Zonder eten is meneer leeuw gewoon nérgens maar hij krijgt de moed op zijn conto.

Maar meestal worden dieren negatief  “genoemd” , zodra mensen iemand heel   slecht behandelen  noemen ze dat “honds” ! Vraag het aan iedere hondenbezitter, geen trouwere, en lievere, vriend dan een hond, als er iéts onterecht is dan dát dus wel. !

Voor schapen hetzelfde probleem. een vrouw die een beetje mekkerig lacht  lacht “schaapachtig”, voor een schaap is dat mekkeren een levensbehoefte en niets  om belachelijk te maken.  Behalve dat zijn schapen prima dieren en is er dus ook totaal geen reden om een beetje onhandig jong meisje een schaap te noemen.

Of denk eens aan de kippen die hun kostje bij elkaar scharrelen op het erf (als ze geluk hebben) ze pikken, zonder bril of andere hulpmiddelen,  iéder eetbaar  korreltje op. En wat zeggen wij als iemand slecht ziet……? Juist die is kippig…. I rest my case.

zo genaamd….

Uit bén je soms met  de achternaam die  je van je ouders mee kreeg. Vooraf natuurlijk eerst mijn dikke excuses want  namen belachelijk maken is  “not done”, maar ja, ik kreeg het érg hard te verduren deze week.
Zie ik eerst in de krant een groot artikel over een Russische correspondent die  het moet doen met de naam “Waterdrinker” , alsof er één  zichzelf respecterende Rus is die water drinkt, die kiest voor wodka! Hoe moet zo’n correspondent ooit serieus genomen worden  in Rusland, nee in zijn geval had hij beter een ander beroep kunnen kiezen.

In diezelfde krant stond een rouwadvertentie dat “meneer Pappot” niet meer onder ons is, zeker niet onwaarschijnlijk dat  de flauwe grappen   en verwijzingen naar zijn moeder hem na ruim 70 jaar  toch teveel zijn geworden.

Maar een echt probleem heb  ik met de beroepskeuze van ” de heer Kakkenberg” , de heer Kakkenberg loopt stage bij onze huisarts. Oke, als ik  echt ernstig ziek ben als hij binnen komt zal ik misschien mijn lachen wel in kunnen houden  als  ik bij het handen schudden hoor; “kakkenberg”,  maar ik vrees dat het héél moeilijk gaat worden mijn gezicht in de plooi te houden als mijn aandacht éven van m’n kwaaltjes afgeleid is.

Waarom haalt zo iemand niet gewoon één K uit die naam weg, zo breng je de patiënt in psychische nood! Al helemaal als de goede man zich wil specialiseren als “maagleverdarm” specialist waar je dan nog vaak de opdracht krijgt de daad bij het woord  de naam te voegen, al hoeft een” berg” dan niet direct en is een klein beetje van de bruine substantie meestal wel voldoende.

Maar misschien is die naam  een voordeel wanneer je een  slecht nieuws gesprek moet hebben, het noemen van zijn naam zal misschien de aandacht even af leiden van het slechte nieuws. Tja het nieuws wordt er niet beter of slechter door,    maar als je slecht nieuws met humor kunt larderen is er toch veel gewonnen. Herman Finkers weet dan als geen ander, die had zelfs geen arts met een toepasselijke naam nodig  om met galgenhumor zijn situatie te lijf te gaan.

 

een neus voor hebben?

Kreeg ik van de week ook een grappig filmpje in het kader” spreekwoorden / gezegden uitbeelden.
Ja daar heb ik een neus voor dat weten jullie. “Precies aanvoelen hoe iets moet, of gaat” zegt een verklaring. Maar misschien nog meer  “precies weten waar je vinden moet wat je goed kunt gebruiken
Je kunt er dan natuurlijk ook juist “géén neus voor hebben”

Of je bij dansen kunt spreken van “er wel of geen neus voor hebben” heb ik nooit zo over nagedacht.
Maar door het filmpje van Levi werd ik daar toch even “met de neus opgedrukt. (groot afspelen als je er met je neus bovenop wilt zitten)
Volgens mij blijkt “gewoon dat Levi “er géén neus voor had”. En dat mede daardoor niet aldoor “alle neuzen aldoor dezelfde kant op staan  is ook wel duidelijk. O nee, die andere neuzen kunnen jullie niet zien, geblurd, om te voorkomen iedereen “zijn neus in andermans zaken kan steken.

Voor Levi was het  vooral  beter  ” niet  verder te kijken dan zijn neus lang was”  anders krijg je dat rode ding natuurlijk nooit meer op z’n plaats. Duidelijk een gevalletje van “tussen neus en lippen door” de boel in orde zien te krijgen! Ja , natuurlijk “keek hij wel een beetje op zijn neus” dat is duidelijk te zien.

Vorige Oudere items