juffertje in ’t groen

Wie? Ik natuurlijk, ben voor de gelegenheid even voor de Aucuba gaan zitten waar ik sinds gisteren een innige band mee heb. Gisteren zat ik er óók maar dan wat minder vrijwillig!
De aucuba is een flink uit de kluiten gewassen struik die in de hoek naast de schuur staat. Er is al heel vaak stevig aan gesnoeid want ik wil natuurlijk nog wel in de schuur kunnen.
Maar goed, ik stond dus voor de schuur en wilde wat oude boeidelen klein maken om ze makkelijker weg te kunnen doen. Ze waren hier en daar een beetje weggerot dus ik dacht geen zaag nodig te hebben.
Met een flinke trap hoorde ik al alles kraken en kon ik er een stuk zo afbreken, het overgebleven stuk was wat minder slecht en korter, en bood dermate veel tegenstand dat ik bij de volgende trap met een vaartje de Aucuba in gekatapulteerd werd.
Nergens pijn gedaan, de struik is een geweldig vangnet alleen……. ik kon niet overeind komen. Oke, ik ben tegenwoordig niet meer zó handig in overeind komen als ik plat op de grond zit maar het is nét of de struik me vast houdt.
Ik probeer achter me te kijken maar ook nek en schouders zijn niet zo soepel meer en ik kan niet ver genoeg omdraaien om te zien wat er aan de hand is. Met mijn hand achter me voelend ontdek ik wat er mis is.
Iets héél onwaarschijnlijks….. ik draag een groene jurk met dunne lusjes om het smalle ceintuurtje vast te houden……niet mij! Maar kijk nou…..hoe is het mógelijk……

Nee natúúrlijk zat ik op de foto niet meer in de jurk, ik ben geen slangenmens hoor en bovendien heb ik weer gezondigd tegen één van de 10 geboden voor bejaarden; “ga nóóit zonder telefoon de zolder op of de tuin in”!
Dit om zo nodig hulptroepen te kunnen alarmeren.
Voor het eerst sinds de dood van Henk zit ik in m’n uppie te lachen, wat zóu hij gelachen hebben als hij me zo zag zitten huppen om los te komen, en we hadden vást samen gierend van het lachen elkaar met rake one-liners bestookt.

Daar zit ik dan, vastgehouden door een ooit afgesnoeide tak op zo’n 60 cm hoogte die de ultieme wraak bedacht door me vast te zetten aan een lullig lusje.
Bij ieder ander zou het lusje breken, bij mij niet. Zelfs de jurk blijft heel.
Nu ik wéét wat er aan de hand is kan ik bewegend en achter m’n rug friemelend met kunst en vliegwerk het lusje over de tak heen trekken! Eind goed al goed.
Pas als ik sta zie ik dat het toch ook minder goed af had kunnen lopen, er is meer gesnoeid en óók veel lager bij de grond, kijk wat er rechts onderaan uit de grond omhoog komt…….!