pierewaaien

Het blijft maar tobben met de Scheveningse pier. Nu weer een bericht in de krant dat achterstallig onderhoud opknappen zo’n 5 miljoen Euro moet gaan kosten. Slopen zou een stuk goedkoper zijn volgens het bericht.
Begin jaren 60 werd de vernieuwde pier geopend en moest er nog 1 Gulden toegang betaald worden. Hij werd jaren later voor 1 Euro ( of was dat nog in het Gulden tijdperk) verkocht, dat lijkt me niet écht goed zakendoen, maar wie ben ik.

Er moet nog ergens een foto zijn waarop Henk en ik op de pier staan, dat zal ergens in de eerste jaren geweest zijn want ik was zwanger herinner ik me. Jammer, nu geen zin om op zolder te zoeken maar ik herinner me wél dat ik het niet heel spectaculair vond al was het uitzicht prachtig in die tijd.
Er was nog weinig hoogbouw, het Kurhaus stond nog min of meer vrij en iets meer richting Keizerstraat stond toen nog het theater De_Seinpost met een groot aangrenzend restaurant. Op die plaats staat nu al jaren een groot, wit betegeld, “badhuisachtig”, appartementen complex. Ooit nog eens een voorstelling gezien én wel eens koffie gedronken.

Alleen de naam én het beeld dat boven de ingang zat leven voort bij de ingang van het wooncomplex.

Natuurlijk een goede reden om de pier vandaag nog eens te bekijken, oke je hebt een punt, het weer is óók een goede reden, maar je weet maar nooit of die pier niet ineens verdwenen is. De laatste jaren is er toch wel het nodige aan verspijkerd al is dat nauwelijks te zien. Het meest opvallende is het nieuwe reuzenrad op de pier waar je al draaiend in kunt dineren.
Maar ja, ook dat is nu allemaal dicht en de pier afgesloten.

Het meest opvallende zie je eigenlijk ónder de pier waar men de betonnen steun palen gecamoufleerd heeft als flinke zuurstokken. Althans, het deel van de palen onder pier, niet onder de zij paviljoens, die zijn nog net zo grauw (en waarschijnlijk aangetast door het zoute water) als ze al jaren zijn. Vreemd, héél veel heb ik niet met de pier maar toch, hij hoort wel héél erg bij Scheveningen. Ik zou hem zeker missen als hij afgebroken wordt.

En natuurlijk helemaal nérgens iets open om een vroege lunch of laat ontbijt te verorberen, na anderhalf uur door het zand ploegen zou ik wel iets lusten. Dat wordt dus “lunchrestaurant Rietepietz” precies, daar waar ze verse flinterdunne pannenkoekjes bakken waar je bij staat. Die Henk zo lekker vond al wou hij er altijd spek in en stroop er op. Ik ga voor lekkere abrikozenjam erop en werk er met gemak drie naar binnen. Toegegeven, ze zijn niet heel groot én flinterdun dus zó’n hollebolle Gijs ben ik nou ook weer niet.