arbeid adelt

Of we nog wel eens werken in de drukkerij? Ja soms, maar het wordt natuurlijk wél minder wat we kunnen doen. Als we werken moet het werk zijn dat geschikt om Henk “mee bezig te houden” terwijl ik werk. Het is wonderlijk dat de man die vaak niet weet hoe hij op een stoel moet gaan zitten als bij toverslag weet wat hij met een paar door mij vergaarde setjes moet doen.
Hij pakt ze beet, stoot ze gelijk en stapelt ze keurignetjes allemaal in dezelfde richting op. Soms aarzelt hij even maar uiteindelijk ziet hij het toch als hij ze in de verkeerde richting dreigt te leggen.

Omdat Inge een paar uurtjes wilde komen  wil ik alleen  een vergaarklusje gaan doen maar dát pikt hij niet, hij wil niet thuisblijven met Inge maar hij wil méé. Inge vindt het prima om ook even mee te gaan, dan kan zij  een broodje haring met hem gaan halen als hij het zat is….. en natuurlijk maakt zij een filmpje als wij onszelf “in de adelstand” aan het verheffen zijn… arbeid adelt immers!

Hoewel Henk best flink in de war is heeft hij het naar zijn zin, ik maak het klusje af terwijl Inge en Henk broodjes gaan halen, daarna  gaan we naar huis waar ook Ruud net aan komt fietsen. Terwijl ik nog even wat boodschappen doe past Henk dus op de kinderen…. of was het nou andersom. Ze amuseren zich kostelijk hoor ik later.

Ze zijn er handig in. De gesprekken zijn tegenwoordig een merkwaardige mengeling van korte, vaak onbegrijpelijke zinnetjes van Henk die volledig geïntegreerd lijken te worden  in de verhalen van de anderen doordat hij een aanvaardbaar wederwoord krijgt als hij iets zegt. Soms weet ik waar hij het over heeft en kan een beetje sturen, maar  anders lijkt hij  met wat goedgekozen vrijblijvende antwoorden heel tevreden te zijn,  en met de kinderen kan hij onbedaarlijk lachen.

Maar alle drukte eist natuurlijk zijn tol, als iedereen weg is is hij op, te onrustig om na zijn bad lang in bed te slapen, maar te moe om  beneden op de been te blijven.
Op de bank slaapt hij tot ik het eten klaar heb. Hij eet best redelijk maar  ik moet aan zijn benen voelen van hem, omdat die zo zwaar zijn. Als hij wat rond loopt hoor ik hem klaaglijk  mama, mama roepen, hij kan niet lopen met die zware benen enz…enz…dat is het enige dat hij nog helder zegt, verder is alles onbegrijpelijke wartaal dus om kwart voor 9 stop ik hem in bed.

Het was een mooie  dag en bij alle moeilijke momenten ben  ik dan toch weer  heel  blij dat we met z’n allen kunnen zorgen dat hij nog in het gewone  leven mee kan  draaien, zelfs al krijgt hij dat niet altijd allemaal mee.