vreemd gaan

Het hád ze kunnen gebeuren in de roerige flowerpower jaren, vreemd gaan. Maar ze liepen slechts mee aan de randjes  van de partnerruil die nooit verder ging dan  van partner wisselen om te dansen, nou ja, wat knuffelend schuifelen was het eigenlijk meer maar dát was het dan wel, Naar huis en naar bed gingen, ze soms als enige , altijd samen.

En nu gaat zij vreemd, de man waar ze naast slaapt is niet de man waar ze destijds mee trouwde. De man waar ze nu haar dagen mee doorbrengt  doet soms lelijke dingen die haar lief nóóit gedaan zou hebben en waar ze hem zeker voor verlaten zou hebben als het hem nog aangerekend kon worden.
Ach, een boer laten kan ze nog wel mee leven al zou hij dat vroeger nooit gedaan hebben. Maar er zijn ook dingen die hij zichzelf niet eens zou vergeven als hij het zich bewust was.

Maar ook hij gaat een soort van vreemd, ook hij maakt dingen mee van zijn lief die hij in ruim een halve eeuw huwelijk nooit heeft meegemaakt, ze vloekt soms en dat deed ze nóóit. En ze zegt soms dingen die ze zelf nooit voor mogelijk had gehouden. Of zoals ze soms naar hem kijkt, met die koele afstandelijk blik als ze haar geduld verliest.
Misschien gaat hij nog wel méér “vreemd” dan zij, zij wéét immers dat zijn hoofd niet goed werkt! Hij heeft geen idéé wat hij fout doet en snapt van geen kant waarom zijn lief soms lelijk tegen hem doet, in zijn beleving is daar geen reden voor. Zij begrijpt het (wat het helaas niét makkelijker of op te lossen maakt) maar hij begrijpt haar soms zo vreemde houding niet. Dan mist ook hij zijn lief, hij wil alles het liefst ” gewoon, alleen maar gezellig” !
Zucht….. dat wil zij óók wel, vreemd gaan is absoluut niet leuk, dat had ze vroeger wel goed gezien!