weer iets geleerd

Dat zeiden sommige lezers bij het vorige logje, er waren dus mensen die er iets aan hadden en eigenlijk had ik dat niet verwacht, leuk hoor.
Maar gisteren heb ik weer iets geleerd, we waren vorig jaar in de Japanse tuin op landgoed Clingendaal .
Die tuin is maar een paar weken pers jaar open wegens de kwetsbaarheid van de beplanting. We lieten toen de rolstoel bij de (hoofd) ingang achter en het lukte om Henk aan de arm langs alle hindernissen en smalle paadjes te loodsen.


Toen we gisteren aan de poort stonden te overleggen of het nu ook nog zou lukken hem zonder stoel mee te nemen  viel de beslissing  “niet doen” hij loopt daarvoor ondertussen té slecht en de paadjes zijn soms echt te smal om hem tussen 2 helpers in te nemen.
Maar de man aan de poort hoorde ons en vroeg ons even te wachten,hij was alleen maar zou zó de ingang voor ons openmaken die er dus wél speciaal voor rolstoelers blijkt te zijn maar dat bordje stond pas ná een dubbel hek en valt niet op.
Eh…. speciaal voor “rolstoelhouders” tja, een tikkie typische benaming, daar zal wel over nagedacht zijn.  De man is vriendelijk genoeg, wél erg langzaam dus wij zijn allang bij de ingang een tiental meters verderop als hij heb hek open komt maken.

Nooit geweten dat die ingang er is en vandaar af kun je over een aantal paden aan de buitenkant van de tuin bij het punt komen waar je het mooiste zicht hebt. Deze paden zijn ook niet heel breed maar wel goed begaanbaar, we kregen zelfs een plattegrondje mee over waar we wél en niét moesten komen. De portier  vroeg om de deuren goed te sluiten bij het verlaten van de tuin, dan zou hij de sloten open laten… hij was alleen, weet je wel, en dan moet hij bij het in en uit laten  de hoofdingang zonder toezicht laten.
Het was er weer prachtig! Dat is het in de rest van Landgoed  Clingendaal natuurlijk ook, al waren  de Rododendrons soms al  nét over hun hoogtepunt heen. Er viel nog genoeg te genieten.