hun in de Hema

Mede blogster Anneke pikt vaak blogjes op in het restaurant van de Hema. Ik kom er minder vaak omdat ik de zaak duidelijk minder goed gesorteerd vind dan hij vroeger was. Maar in deze tijd van het jaar is een kop erwtensoep daar niet te versmaden.
En  dan overkomt het mij ook dat ik wat van de gesprekken opvang.

Twee jongemannen die overduidelijk hun kantoorpauze bij de Hema doorbrengen, je kent het wel, identificatie card aan de broekriem en meestal keurig in het pak. De jongste lijkt me  een stagiaire, zijn kleding wijkt iets af en in het gesprek blijkt dat zijn woordkeus nog selectief keurig is als hij  meldt; “maar hun communiceren dat dan niet”.

Ik neem maar aan dat hij niet bedoelt dat de “Hunnen ” niet communiceren, dat lijkt me te logisch , zo’n uitgestorven volk houdt noodgedwongen de kaken stevig op elkaar.
Nou is hun/hen/zij/ze  wel vaker een valkuil en ik ben ook weer niet zo taal vast dat ik dan wel even uit leg hoe het precies zit.
Tja, “hun”  kan een  bezittelijk voornaam woord zijn en dan is het ook meteen meervoud .
Daardoor kun je de lunch van de heren wel  “hun” lunch  noemen  maar kun je niet zeggen dat “hun” zitten te lunchen omdat “hun” dan ineens…. ik doe een gok, onderwerp is.
Zet er een voorzetsel bij en de lunch kan ineens zowél van “hun” als van “hen” zijn, maar “zij” of “ze”, en niet “hen” of “hun” werken die lunch smakelijk naar binnen.

Oke oke, ik zit weer door te draven en om het écht duidelijk uit te leggen  ben ik niet genoeg onderlegd. Daar kan ik beter afblijven, onze taal heeft het al  moeilijk genoeg de laatste jaren zonder dat ik hem ook nog eens ga zitten verkrachten.